Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2015

Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2015

Wijken en buurten Perioden Regioaanduiding Gemeentenaam (naam) Regioaanduiding Soort regio (omschrijving) Regioaanduiding Codering (code) Regioaanduiding Indelingswijziging wijken en buurten (code) Personen per soort uitkering Werkloosheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Bijstandsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Arbeidsongeschiktheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering AOW-uitkering (aantal) Personen per soort uitkering, relatief Werkloosheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Bijstandsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Arbeidsongeschiktheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief AOW-uitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Inwoners Inwoners vanaf 15 jaar (aantal) Inwoners Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd (aantal) Inwoners Inwoners vanaf de AOW-leeftijd (aantal)
Drielanden 2015 maart Groningen (gemeente) Buurt BU00141208 3 30 10 30 60 4 1 3 8 780 720 60
Drielanden 2015 juni Groningen (gemeente) Buurt BU00141208 3 30 10 30 60 4 1 3 8 790 720 60
Drielanden 2015 september Groningen (gemeente) Buurt BU00141208 3 30 10 30 60 3 1 4 8 770 710 60
Drielanden 2015 december Groningen (gemeente) Buurt BU00141208 3 30 10 30 70 3 1 4 9 780 700 70
Wijk 12 Drielanden 2015 maart Harderwijk Wijk WK024312 1 180 70 340 900 3 1 5 13 6.990 6.080 900
Wijk 12 Drielanden 2015 juni Harderwijk Wijk WK024312 1 180 70 340 910 3 1 5 13 7.020 6.110 910
Wijk 12 Drielanden 2015 september Harderwijk Wijk WK024312 1 170 60 340 920 3 1 5 13 7.000 6.080 920
Wijk 12 Drielanden 2015 december Harderwijk Wijk WK024312 1 180 60 340 930 3 1 5 13 7.030 6.100 930
Drielanden-Centrum 2015 maart Harderwijk Buurt BU02431205 1 20 10 70 230 2 1 6 22 1.040 820 230
Drielanden-Centrum 2015 juni Harderwijk Buurt BU02431205 1 30 20 60 230 3 2 6 21 1.050 820 230
Drielanden-Centrum 2015 september Harderwijk Buurt BU02431205 1 20 20 60 230 2 1 6 22 1.040 820 230
Drielanden-Centrum 2015 december Harderwijk Buurt BU02431205 1 20 10 60 230 2 1 6 22 1.050 820 230
Maasdriel 2015 maart Maasdriel Gemeente GM0263 . 540 210 890 4.080 3 1 5 20 19.970 15.890 4.080
Maasdriel 2015 juni Maasdriel Gemeente GM0263 . 500 210 880 4.130 3 1 4 21 20.010 15.880 4.130
Maasdriel 2015 september Maasdriel Gemeente GM0263 . 470 210 860 4.160 2 1 4 21 19.990 15.830 4.170
Maasdriel 2015 december Maasdriel Gemeente GM0263 . 540 220 850 4.170 3 1 4 21 19.980 15.800 4.180
Wijk 00 Kerkdriel 2015 maart Maasdriel Wijk WK026300 1 210 90 400 1.620 3 1 5 20 8.200 6.580 1.620
Wijk 00 Kerkdriel 2015 juni Maasdriel Wijk WK026300 1 210 90 390 1.630 3 1 5 20 8.210 6.580 1.630
Wijk 00 Kerkdriel 2015 september Maasdriel Wijk WK026300 1 200 80 380 1.650 2 1 5 20 8.210 6.550 1.650
Wijk 00 Kerkdriel 2015 december Maasdriel Wijk WK026300 1 230 90 370 1.660 3 1 5 20 8.210 6.550 1.660
Kerkdriel 2015 maart Maasdriel Buurt BU02630000 1 150 70 290 1.150 3 1 5 21 5.500 4.350 1.150
Kerkdriel 2015 juni Maasdriel Buurt BU02630000 1 150 80 290 1.160 3 1 5 21 5.500 4.330 1.160
Kerkdriel 2015 september Maasdriel Buurt BU02630000 1 140 70 280 1.180 3 1 5 21 5.500 4.330 1.180
Kerkdriel 2015 december Maasdriel Buurt BU02630000 1 160 80 270 1.190 3 2 5 22 5.500 4.310 1.190
Velddriel 2015 maart Maasdriel Buurt BU02630001 1 20 0 40 130 2 0 6 19 690 560 130
Velddriel 2015 juni Maasdriel Buurt BU02630001 1 20 0 40 130 2 0 6 19 690 560 130
Velddriel 2015 september Maasdriel Buurt BU02630001 1 20 0 40 130 2 0 5 20 690 550 130
Velddriel 2015 december Maasdriel Buurt BU02630001 1 20 0 40 130 3 0 6 19 690 560 130
Hoenzadriel 2015 maart Maasdriel Buurt BU02630002 1 10 0 10 30 4 0 4 21 140 110 30
Hoenzadriel 2015 juni Maasdriel Buurt BU02630002 1 0 0 10 30 3 0 4 22 140 110 30
Hoenzadriel 2015 september Maasdriel Buurt BU02630002 1 0 0 10 30 1 0 4 22 140 110 30
Hoenzadriel 2015 december Maasdriel Buurt BU02630002 1 0 0 10 30 3 0 3 21 150 120 30
Verspr.h. Kerkdriel, Berm en Hoorzik 2015 maart Maasdriel Buurt BU02630007 1 20 10 20 70 3 1 3 14 530 460 80
Verspr.h. Kerkdriel, Berm en Hoorzik 2015 juni Maasdriel Buurt BU02630007 1 10 10 20 80 2 1 3 14 540 470 80
Verspr.h. Kerkdriel, Berm en Hoorzik 2015 september Maasdriel Buurt BU02630007 1 10 0 20 80 2 1 3 14 550 470 80
Verspr.h. Kerkdriel, Berm en Hoorzik 2015 december Maasdriel Buurt BU02630007 1 10 0 20 70 2 1 3 13 540 470 70
Verspr.h. Velddriel, Vlierd en Beemden 2015 maart Maasdriel Buurt BU02630008 1 10 0 10 60 2 0 3 14 400 340 60
Verspr.h. Velddriel, Vlierd en Beemden 2015 juni Maasdriel Buurt BU02630008 1 10 0 10 60 1 0 3 14 410 350 60
Verspr.h. Velddriel, Vlierd en Beemden 2015 september Maasdriel Buurt BU02630008 1 10 0 10 60 2 0 3 15 400 340 60
Verspr.h. Velddriel, Vlierd en Beemden 2015 december Maasdriel Buurt BU02630008 1 10 0 10 60 3 0 3 14 400 340 60
Wijk 01 Driel 2015 maart Overbetuwe Wijk WK173401 1 270 100 390 1.670 3 1 5 19 8.670 6.990 1.680
Wijk 01 Driel 2015 juni Overbetuwe Wijk WK173401 1 240 100 390 1.680 3 1 5 20 8.650 6.960 1.690
Wijk 01 Driel 2015 september Overbetuwe Wijk WK173401 1 220 110 380 1.680 3 1 4 19 8.660 6.970 1.690
Wijk 01 Driel 2015 december Overbetuwe Wijk WK173401 1 240 110 380 1.700 3 1 4 20 8.650 6.940 1.710
Driel 2015 maart Overbetuwe Buurt BU17340100 1 110 40 140 550 4 1 6 22 2.510 1.960 550
Driel 2015 juni Overbetuwe Buurt BU17340100 1 90 30 140 550 4 1 6 22 2.510 1.960 550
Driel 2015 september Overbetuwe Buurt BU17340100 1 80 30 140 550 3 1 6 22 2.500 1.960 550
Driel 2015 december Overbetuwe Buurt BU17340100 1 90 30 140 560 3 1 6 22 2.500 1.940 560
Verspreide huizen op de oeverwal Driel 2015 maart Overbetuwe Buurt BU17340108 1 10 0 10 60 2 1 4 19 290 230 60
Verspreide huizen op de oeverwal Driel 2015 juni Overbetuwe Buurt BU17340108 1 0 0 10 50 1 1 4 19 290 230 50
Verspreide huizen op de oeverwal Driel 2015 september Overbetuwe Buurt BU17340108 1 10 0 10 60 2 1 3 19 280 230 60
Verspreide huizen op de oeverwal Driel 2015 december Overbetuwe Buurt BU17340108 1 10 0 10 60 2 1 3 19 290 230 60
Verspreide huizen poldergebied Driel 2015 maart Overbetuwe Buurt BU17340109 1 20 0 10 30 3 0 2 4 660 630 30
Verspreide huizen poldergebied Driel 2015 juni Overbetuwe Buurt BU17340109 1 20 0 10 30 3 0 2 5 650 620 30
Verspreide huizen poldergebied Driel 2015 september Overbetuwe Buurt BU17340109 1 20 0 10 30 3 0 2 5 650 620 30
Verspreide huizen poldergebied Driel 2015 december Overbetuwe Buurt BU17340109 1 20 0 10 30 3 0 2 5 650 610 30
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft per gemeente, wijk en buurt (indeling 2015), inzicht in het aantal personen met een sociale zekerheidsuitkering. Het betreft de personen met een uitkering voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom en bijstand.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).
Bij de categorie personen met een uitkering (totaal) wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

De cijfers over aantallen personen met een uitkering per buurt, wijk of gemeente kunnen in geringe mate afwijken van elders op StatLine gepubliceerde cijfers, doordat gebruik wordt gemaakt van de meest recente gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Omdat verschillende StatLine-tabellen op verschillende momenten geactualiseerd worden, kan het voorkomen dat voor de ene tabel een andere versie van de BRP wordt gebruikt dan voor een andere tabel. De laatst gepubliceerde cijfers zijn in dat geval het meest accuraat.

Gegevens beschikbaar vanaf: maart 2015.

Status van de cijfers:
De cijfers van 2015 zijn definitief.

Wijzigingen per: 20 maart 2025:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Regioaanduiding
De gemeenten in Nederland zijn onderverdeeld in wijken en buurten. Buurten vormen het laagste regionale niveau. Wijken zijn optellingen van één of meer aaneengesloten buurten. De gemeente bepaalt zelf de indeling in wijken en buurten. Het CBS coördineert landelijk deze indeling.

Wijk:
Onderdeel van een gemeente waarin een bepaalde vorm van bodemgebruik of bebouwing overheerst. Bijvoorbeeld: industriegebied, woongebied met hoogbouw of laagbouw. Een wijk bestaat uit één of meerdere buurten.

Buurt:
Onderdeel van een gemeente, dat vanuit bebouwingsoogpunt of sociaaleconomische structuur homogeen is afgebakend. Homogeen wil zeggen dat één functie dominant is, bijvoorbeeld woonfunctie (woongebied), werkfunctie (industriegebied) of recreatieve functie (natuurgebied). Functies kunnen echter ook gemengd voorkomen.
Gemeentenaam
De naam van de bestuurlijke gemeente. Deze naam volgt de officiële schrijfwijze.
Soort regio
De gekozen regioaanduiding betreft: Gemeente, Wijk of Buurt.
Codering
Gemeentecode heeft 4 posities, voorafgegaan door ‘GM’.
Wijkcode heeft 6 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2), voorafgegaan door ‘WK’.
Buurtcode heeft 8 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2) + buurtcode (2), voorafgegaan door ‘BU’.
Indelingswijziging wijken en buurten
Deze indicator geeft per wijk en buurt aan of de cijfers uit deze tabel zonder problemen kunnen worden gekoppeld aan en vergeleken met de cijfers van een jaar eerder, of dat er wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling zijn waardoor dit niet kan. Detailinformatie over wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling kan worden verkregen door de wijk- en buurtkaart van twee opeenvolgende jaren met elkaar te vergelijken.

De indicator kent drie mogelijke waarden:
1: De codering en afbakening van deze wijk/buurt is ongewijzigd ten opzichte van het voorgaande jaar. Het is wel mogelijk dat een naamswijziging heeft plaatsgevonden. De cijfers kunnen worden gekoppeld en vergeleken met die van het voorgaande jaar.
2: De codering van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. De afbakening is ongewijzigd. Om te kunnen koppelen met cijfers van het voorgaande jaar zal eerst moeten worden achterhaald wat de codering van het voorgaande jaar was. Is de koppeling eenmaal geslaagd dan kunnen de cijfers alsnog met elkaar worden vergeleken.
3: De afbakening van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. Dit kan gepaard zijn gegaan met een gewijzigde codering. De cijfers kunnen niet zonder meer worden vergeleken met die van het voorgaande jaar. Verschillen kunnen immers samenhangen met de verandering in de afbakening van de wijk of buurt.

Voor een wijk of buurt wordt alleen een wijziging in de afbakening geconstateerd wanneer een grens circa 5 meter of meer is verlegd. Kleinere grenswijzigingen worden niet als significant beschouwd.
Personen per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en ouderdomsuitkeringen.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW).
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet (PW).

Participatiewet
De Participatiewet vervangt sinds 1 januari 2015 de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2021 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.

Na 2021, tussen 2022 en 2024, kan de AOW-leeftijd geleidelijk oplopen naar 67 jaar. Na 2024 wordt beoogd de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen dan de levensverwachting. Dit betekent dat elk jaar levenswinst wordt vertaald in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.


Personen per soort uitkering, relatief
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidwet, Bijstandswet, Arbeidsongeschiktheidswet en de Algemene Ouderdomswet in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder per regio.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een bijstandsuitkering in het kader van de Participatiewet (PW) ontvangt in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt per 1 januari 2015 de WWB, de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een deel van de Wet Wajong.
De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
Personen die door lichamelijke, verstandelijke of psychische aandoeningen alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken vallen vanaf 1 januari 2015 onder de Participatiewet en niet meer onder de Wsw.
Ook jonggehandicapten die nog kunnen werken vallen vanaf die datum onder de Participatiewet en niet meer onder de Wet Wajong.
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2021 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.

Na 2021, tussen 2022 en 2024, kan de AOW-leeftijd geleidelijk oplopen naar 67 jaar. Na 2024 wordt beoogd de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen dan de levensverwachting. Dit betekent dat elk jaar levenswinst wordt vertaald in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.


Inwoners
Het aantal inwoners van een gemeente, wijk en buurt.
Inwoners vanaf 15 jaar
Het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf 15 jaar tot de AOW-leeftijd.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2021 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.

Na 2021, tussen 2022 en 2024, kan de AOW-leeftijd geleidelijk oplopen naar 67 jaar. Na 2024 wordt beoogd de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen dan de levensverwachting. Dit betekent dat elk jaar levenswinst wordt vertaald in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.
Inwoners vanaf de AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf de AOW-leeftijd.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2021 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.

Na 2021, tussen 2022 en 2024, kan de AOW-leeftijd geleidelijk oplopen naar 67 jaar. Na 2024 wordt beoogd de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen dan de levensverwachting. Dit betekent dat elk jaar levenswinst wordt vertaald in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.