Beroeps- en niet-beroepsbevolking; gem. inkomen en arbeidspositie 2005-2014

Beroeps- en niet-beroepsbevolking; gem. inkomen en arbeidspositie 2005-2014

Geslacht Arbeidspositie Persoonskenmerken Perioden Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen (x 1 000) Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen Gemiddeld persoonlijk primair inkomen (x 1 000 euro) Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen Gemiddeld persoonlijk overdrachtsinkomen (x 1 000 euro) Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen Gemiddeld persoonlijk inkomen (x 1 000 euro) Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen Gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (x 1 000 euro) Beroeps- niet-beroepsbev. inkomen onb. (x 1 000 )
Totaal mannen en vrouwen Beroeps- en niet beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 3.411 48,5 7,1 46,6 33,2 152
Totaal mannen en vrouwen Werkzame beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 2.746 59,2 2,8 51,1 34,3 118
Totaal mannen en vrouwen Wil meer uren werken, beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 165 24,1 5,2 25,4 26,6 6
Totaal mannen en vrouwen Wil niet meer werken of niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 2.581 61,4 2,6 52,8 34,8 111
Totaal mannen en vrouwen Niet-werkzame bevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 665 4,3 24,9 28,1 28,8 35
Totaal mannen en vrouwen Werkloze beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 115 11,6 18,0 26,8 24,3 6
Totaal mannen en vrouwen Niet-beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 550 2,8 26,3 28,4 29,7 28
Totaal mannen en vrouwen Beschikbaar, niet gezocht Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 52 2,8 19,8 22,0 25,0 2
Totaal mannen en vrouwen Niet gezocht vanwege ontmoediging Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 13 . . . . 1
Totaal mannen en vrouwen Niet gezocht vanwege andere reden Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 40 2,9 21,2 23,5 25,2 1
Totaal mannen en vrouwen Gezocht, niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 31 12,7 15,4 25,1 25,1 3
Totaal mannen en vrouwen Niet gezocht, niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 467 2,2 27,7 29,3 30,5 23
Totaal mannen en vrouwen Wil werken Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 30 3,9 17,4 20,2 24,0 2
Totaal mannen en vrouwen Wil of kan niet werken Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 437 2,0 28,4 29,9 31,0 21
Totaal mannen en vrouwen Vanwege zorg gezin/huishouden Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 30 1,4 2,5 3,7 33,3 1
Totaal mannen en vrouwen Vanwege opleiding/studie Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 36 3,0 2,3 5,0 17,1 5
Totaal mannen en vrouwen Vanwege vut/pensioen/hoge leeftijd Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 272 2,0 36,9 38,6 34,3 9
Totaal mannen en vrouwen Vanwege ziekte/arbeidsongeschiktheid Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 67 1,5 27,0 26,6 24,5 3
Totaal mannen en vrouwen Vanwege andere redenen Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 33 3,2 13,3 15,8 29,8 2
Mannen Beroeps- en niet beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 1.749 60,7 9,6 59,2 34,4 78
Mannen Werkzame beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 1.429 73,0 3,9 63,7 35,6 62
Mannen Wil meer uren werken, beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 57 23,7 9,8 30,0 25,8 2
Mannen Wil niet meer werken of niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 1.372 75,1 3,7 65,1 36,0 60
Mannen Niet-werkzame bevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 320 5,5 34,9 39,2 29,2 16
Mannen Werkloze beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 56 15,3 23,5 35,2 25,4 3
Mannen Niet-beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 264 3,5 37,4 40,0 29,9 13
Mannen Beschikbaar, niet gezocht Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 26 3,7 30,4 33,3 25,9 1
Mannen Niet gezocht vanwege ontmoediging Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 5 . . . . 0
Mannen Niet gezocht vanwege andere reden Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 20 3,4 31,7 34,3 26,7 1
Mannen Gezocht, niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 11 . . . . 1
Mannen Niet gezocht, niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 227 2,9 38,8 41,0 30,6 11
Mannen Wil werken Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 11 . . . . 1
Mannen Wil of kan niet werken Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 216 2,7 39,4 41,5 30,9 10
Mannen Vanwege zorg gezin/huishouden Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 1 . . . . 0
Mannen Vanwege opleiding/studie Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 16 2,7 2,0 4,4 16,5 2
Mannen Vanwege vut/pensioen/hoge leeftijd Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 162 2,7 45,6 47,9 33,8 6
Mannen Vanwege ziekte/arbeidsongeschiktheid Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 25 1,8 34,7 34,1 23,9 1
Mannen Vanwege andere redenen Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 12 . . . . 1
Vrouwen Beroeps- en niet beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 1.662 35,7 4,5 33,4 32,0 74
Vrouwen Werkzame beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 1.317 44,2 1,6 37,4 32,9 56
Vrouwen Wil meer uren werken, beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 108 24,2 2,8 23,1 27,0 4
Vrouwen Wil niet meer werken of niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 1.209 45,9 1,5 38,7 33,4 51
Vrouwen Niet-werkzame bevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 345 3,2 15,5 17,8 28,4 19
Vrouwen Werkloze beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 58 8,0 12,8 18,7 23,1 3
Vrouwen Niet-beroepsbevolking Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 287 2,2 16,1 17,7 29,5 16
Vrouwen Beschikbaar, niet gezocht Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 27 2,0 9,7 11,2 24,1 1
Vrouwen Niet gezocht vanwege ontmoediging Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 8 . . . . 1
Vrouwen Niet gezocht vanwege andere reden Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 19 2,4 10,3 12,2 23,7 1
Vrouwen Gezocht, niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 21 11,4 11,3 20,1 25,2 2
Vrouwen Niet gezocht, niet beschikbaar Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 239 1,5 17,2 18,2 30,4 12
Vrouwen Wil werken Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 19 2,5 11,9 13,4 22,9 1
Vrouwen Wil of kan niet werken Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 220 1,4 17,7 18,6 31,1 11
Vrouwen Vanwege zorg gezin/huishouden Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 29 1,3 2,3 3,5 33,7 1
Vrouwen Vanwege opleiding/studie Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 20 3,2 2,7 5,4 17,6 3
Vrouwen Vanwege vut/pensioen/hoge leeftijd Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 110 0,9 24,1 24,9 35,0 4
Vrouwen Vanwege ziekte/arbeidsongeschiktheid Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 42 1,4 22,5 22,2 24,9 2
Vrouwen Vanwege andere redenen Onderwijsniveau: hoog onderwijs 2014 21 2,4 9,4 11,3 32,0 2
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat cijfers over het gemiddeld inkomen (persoonlijk primair inkomen, persoonlijk overdrachtsinkomen, persoonlijk inkomen, gestandaardiseerd inkomen) van de bevolking van 15 tot 75 jaar (exclusief de institutionele bevolking). Deze gegevens worden verbijzonderd naar arbeidspositie en uitgesplitst naar geslacht, leeftijd, onderwijsniveau, Migratieachtergrond en positie in het huishouden.

Gegevens beschikbaar van: 2005-2014

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief.

Wijzigingen per 27 februari 2018:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wijzigingen per 8 december 2017:
In de vorige versie van deze tabel ontbraken de gegevens over alleenstaanden in 2014. De oorzaak hiervan is een verandering in de onderliggende codering die vanaf 2014 is toegepast. Voor de alleenstaanden was deze nieuwe code niet gebruikt waardoor deze gegevens niet werden getoond. Dit is nu aangepast waardoor ook de gegevens over alleenstaanden beschikbaar zijn in de tabel.

Wijzigingen per 7 april 2017:
De voorlopige cijfers over 2014 zijn vervangen door definitieve cijfers 2014. Daarnaast zijn de onderliggende coderingen van de in deze tabel gebruikte classificaties aangepast. Deze sluiten aan bij de door het CBS vastgelegde standaardcoderingen.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Deze tabel is stopgezet. Op 8 februari 2017 zijn de gegevens over inkomen gereviseerd. De gereviseerde gegevens komen beschikbaar vanaf 2011, hiervoor worden nieuwe tabellen gestart. Voor meer informatie over de revisie, zie de link naar de persmededeling in paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen
Beroeps- en niet-beroepsbevolking met inkomen
Personen die tot de werkzame, de werkloze of de niet-beroepsbevolking behoren.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Het gaat hier om de personen waarvoor het inkomen bekend is.
Beroeps- en niet-beroepsbev. met inkomen
Beroeps- en niet-beroepsbevolking met inkomen
Personen die tot de werkzame, de werkloze of de niet-beroepsbevolking behoren.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Het gaat hier om de personen waarvoor het inkomen bekend is.
Gemiddeld persoonlijk primair inkomen
Het persoonlijk primair inkomen omvat inkomen uit arbeid en inkomen uit eigen onderneming. Inkomen uit arbeid bestaan uit loon, salaris, tantième, spaarloon en uit de beloning van arbeid die niet in dienstbetrekking is verricht. Ook beloningen in natura (de waarde van het privé gebruik van de auto van de werkgever) zijn hiertoe gerekend. Inkomen uit arbeid omvat ook loon dat vanuit het buitenland is ontvangen. Het weergegeven bedrag is inclusief de werknemers- en werkgeversbijdrage in de premies voor de sociale verzekeringen. Inkomen uit eigen onderneming bestaat uit het fiscale resultaat uit onderneming vermeerderd met het bedrag van de investeringsaftrek. Omdat inkomen uit vermogen niet altijd eenduidig is toe te rekenen aan de afzonderlijke personen binnen een huishouden is dit bestanddeel in het persoonlijk primair inkomen buiten beschouwing gelaten.
Gemiddeld persoonlijk overdrachtsinkomen
Het persoonlijk overdrachtsinkomen omvat uitkeringen inkomensverzekeringen, uitkeringen sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag) en ontvangen inkomensoverdrachten zoals alimentatie van de ex-echtgeno(o)t(e). Bij de bepaling van het persoonlijk overdrachtsinkomen zijn kinderbijslag en ontvangen gebonden overdrachten zoals huurtoeslag buiten beschouwing gebleven, omdat deze bestanddelen niet altijd eenduidig toe te rekenen zijn aan de afzonderlijke personen binnen een huishouden. Het persoonlijk primair inkomen en het persoonlijk overdrachtsinkomen vormen samen het persoonlijk bruto-inkomen.
Gemiddeld persoonlijk inkomen
Het persoonlijk inkomen bestaat uit het persoonlijk bruto-inkomen verminderd met premies inkomensverzekeringen met uitzondering van premies volksverzekeringen. Op het persoonlijk inkomen zijn premies ziektekostenverzekering, belastingen op inkomen en vermogen en premies volksverzekeringen niet in mindering gebracht, omdat deze bestanddelen niet altijd eenduidig toe te rekenen zijn aan de afzonderlijke personen binnen een huishouden.
Gemiddeld gestandaardiseerd inkomen
Het gestandaardiseerd inkomen is het besteedbaar huishoudensinkomen gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Deze correctie vindt plaats met behulp van zogenoemde equivalentiefactoren. In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze zijn de welvaartsniveaus van huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt. Omdat welvaart door individuen ervaren wordt, wordt het gestandaardiseerde inkomen aan elk van de leden van het huishouden toegekend. Het besteedbaar inkomen bestaat uit het bruto-inkomen verminderd met betaalde inkomensoverdrachten zoals alimentatie van de ex-echtgeno(o)t(e), premies inkomensverzekeringen zoals premies betaald voor sociale verzekeringen, volksverzekeringen en particuliere verzekeringen in verband met werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ouderdom en nabestaanden, premies ziektekostenverzekeringen, en belastingen op inkomen en vermogen.
Beroeps- niet-beroepsbev. inkomen onb.
Beroeps- en niet-beroepsbevolking inkomen onbekend
Personen die tot de werkzame, de werkloze of de niet-beroepsbevolking behoren.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Het gaat hier om de personen waarvoor het inkomen van het huishouden onbekend is of waarvoor geen inkomensgegevens gekoppeld konden worden.