Personen; kenmerken huishouden, geslacht en leeftijd, 1971-1994
| Geslacht | Leeftijd | Perioden | Personen naar positie in het huishouden Persoon in particulier huishouden Alleenstaand (x 1 000) |
|---|---|---|---|
| Totaal mannen en vrouwen | Totaal leeftijd | 1994 | 2.032 |
| Totaal mannen en vrouwen | Jonger dan 15 jaar | 1994 | |
| Totaal mannen en vrouwen | 15 tot 25 jaar | 1994 | 273 |
| Totaal mannen en vrouwen | 25 tot 35 jaar | 1994 | 471 |
| Totaal mannen en vrouwen | 35 tot 45 jaar | 1994 | 254 |
| Totaal mannen en vrouwen | 45 tot 55 jaar | 1994 | 196 |
| Totaal mannen en vrouwen | 55 tot 65 jaar | 1994 | 205 |
| Totaal mannen en vrouwen | 65 tot 75 jaar | 1994 | 294 |
| Totaal mannen en vrouwen | 75 jaar of ouder | 1994 | 339 |
| Mannen | Totaal leeftijd | 1994 | 889 |
| Mannen | Jonger dan 15 jaar | 1994 | |
| Mannen | 15 tot 25 jaar | 1994 | 135 |
| Mannen | 25 tot 35 jaar | 1994 | 283 |
| Mannen | 35 tot 45 jaar | 1994 | 166 |
| Mannen | 45 tot 55 jaar | 1994 | 105 |
| Mannen | 55 tot 65 jaar | 1994 | 75 |
| Mannen | 65 tot 75 jaar | 1994 | 64 |
| Mannen | 75 jaar of ouder | 1994 | 61 |
| Vrouwen | Totaal leeftijd | 1994 | 1.144 |
| Vrouwen | Jonger dan 15 jaar | 1994 | |
| Vrouwen | 15 tot 25 jaar | 1994 | 138 |
| Vrouwen | 25 tot 35 jaar | 1994 | 188 |
| Vrouwen | 35 tot 45 jaar | 1994 | 88 |
| Vrouwen | 45 tot 55 jaar | 1994 | 91 |
| Vrouwen | 55 tot 65 jaar | 1994 | 130 |
| Vrouwen | 65 tot 75 jaar | 1994 | 230 |
| Vrouwen | 75 jaar of ouder | 1994 | 278 |
| Bron: CBS. | |||
Tabeltoelichting
Deze tabel bevat cijfers over personen in huishoudens in Nederland op 1 januari.
De gegevens in de tabel kunnen worden uitgesplitst naar:
- Personen naar positie in het huishouden naar geslacht en leeftijd (in groepen);
- Personen naar samenstelling van het huishouden naar geslacht en leeftijd (in groepen).
De in deze tabel gepresenteerde cijfers zijn tot stand gekomen door de resultaten van eerdere CBS-onderzoeken in de tijd vergelijkbaar te maken. Daardoor wijken deze cijfers af van andere door het CBS gepubliceerde cijfers over huishoudens.
Gegevens beschikbaar van 1971 tot en met 1994.
Status van de cijfers:
De in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.
Wijzigingen per 6 december 2018:
De onderliggende coderingen van de in deze tabel gebruikte classificatie 'geslacht' zijn aangepast. Deze sluiten nu aan bij de door het CBS vastgelegde standaardcoderingen. De structuur en de gegevens van de tabel zijn niet aangepast.
Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet van toepassing.
Toelichting onderwerpen
- Personen naar positie in het huishouden
- Betreft personen in particuliere en institutionele huishoudens (wat overeenkomt met de totale bevolking van Nederland) naar positie in het huishouden.
Bevolking:
De inwoners van Nederland.
In de bevolkingsaantallen zijn uitsluitend personen begrepen die zijn opgenomen in het bevolkingsregister van een Nederlandse gemeente. In principe wordt iedereen die voor onbepaalde tijd in Nederland woont, opgenomen in het bevolkingsregister van de woongemeente. Personen die tot de bevolking van Nederland behoren, maar voor wie geen vaste woonplaats valt aan te wijzen, zijn opgenomen in het bevolkingsregister van de gemeente 's-Gravenhage. In de bevolkingsregisters zijn niet opgenomen de in Nederland wonende personen waarvoor uitzonderingsregels gelden met betrekking tot opneming in de bevolkingsregisters (bijvoorbeeld diplomaten en NAVO militairen) en personen die niet legaal in Nederland verblijven.
Institutioneel huishouden:
Huishouden bestaande uit één of meer personen, die bedrijfsmatig worden voorzien van huisvesting en dagelijkse levensbehoeften.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, verzorgings- en kindertehuizen, gezinsvervangende tehuizen, revalidatiecentra en penitentiaire inrichtingen, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf, dus niet-bedrijfsmatig, voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Positie in het huishouden:
Plaats die een persoon in een huishouden inneemt ten opzichte van de referentiepersoon van het huishouden.
Referentiepersoon:
Lid van het huishouden ten opzichte van wie de posities van de andere leden in het huishouden worden bepaald en van wie de kenmerken eventueel ook aan het huishouden worden toegekend.
Uit de leden van het huishouden wordt de referentiepersoon als volgt gekozen:
- als er een paar is binnen het huishouden: de man;
- als het paar van gelijk geslacht is: de oudste van het paar;
- in een eenouderhuishouden: de ouder;
- in een overig huishouden: de oudste meerderjarige man of - als deze ontbreekt - de oudste meerderjarige vrouw.- Persoon in particulier huishouden
- Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf, dus niet-bedrijfsmatig, voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.- Alleenstaand
- Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishoudens vormt.
Tot eenpersoonshuishoudens, ook wel alleenstaanden genoemd, worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren. Alleenstaanden worden in alle burgerlijke staten aangetroffen; zo kunnen gehuwden na het stuklopen van hun relatie (in afwachting van een scheiding) alleen wonen.