Personen in institutionele huishoudens; geslacht en leeftijd, 1 januari

Personen in institutionele huishoudens; geslacht en leeftijd, 1 januari

Geslacht Leeftijd Perioden Personen: burgerlijke staat Totaal aantal personen in instellingen (aantal) Personen: burgerlijke staat Ongehuwd (aantal) Personen: burgerlijke staat Gehuwd (aantal) Personen: burgerlijke staat Verweduwd (aantal) Personen: burgerlijke staat Gescheiden (aantal) Personen: soort instelling Verzorgings- en verpleeghuis (aantal) Personen: soort instelling Overige zorginstelling (aantal) Personen: soort instelling Overig soort instelling (aantal)
Totaal mannen en vrouwen Totaal 2010 208.687 93.158 21.441 77.126 16.962 119.063 79.218 10.406
Totaal mannen en vrouwen 0 jaar 2010 303 303 5 294 4
Totaal mannen en vrouwen 1 jaar 2010 241 241 5 232 4
Totaal mannen en vrouwen 2 jaar 2010 188 188 6 174 8
Totaal mannen en vrouwen 3 jaar 2010 175 175 2 166 7
Totaal mannen en vrouwen 4 jaar 2010 174 174 1 163 10
Totaal mannen en vrouwen 5 jaar 2010 192 192 6 177 9
Totaal mannen en vrouwen 6 jaar 2010 271 271 6 255 10
Totaal mannen en vrouwen 7 jaar 2010 321 321 16 296 9
Totaal mannen en vrouwen 8 jaar 2010 357 357 8 334 15
Totaal mannen en vrouwen 9 jaar 2010 434 434 22 398 14
Totaal mannen en vrouwen 10 jaar 2010 512 512 30 466 16
Totaal mannen en vrouwen 11 jaar 2010 506 506 21 475 10
Totaal mannen en vrouwen 12 jaar 2010 645 645 35 592 18
Totaal mannen en vrouwen 13 jaar 2010 780 780 26 706 48
Totaal mannen en vrouwen 14 jaar 2010 1.049 1.049 12 951 86
Totaal mannen en vrouwen 15 jaar 2010 1.441 1.441 0 0 0 28 1.257 156
Totaal mannen en vrouwen 16 jaar 2010 1.777 1.776 1 0 0 28 1.556 193
Totaal mannen en vrouwen 17 jaar 2010 2.133 2.132 1 0 0 36 1.834 263
Totaal mannen en vrouwen 18 jaar 2010 1.940 1.940 0 0 0 71 1.521 348
Totaal mannen en vrouwen 19 jaar 2010 1.916 1.915 1 0 0 125 1.335 456
Totaal mannen en vrouwen 20 jaar 2010 1.714 1.707 6 0 1 116 1.226 372
Totaal mannen en vrouwen 21 jaar 2010 1.633 1.622 9 0 2 115 1.260 258
Totaal mannen en vrouwen 22 jaar 2010 1.571 1.560 9 0 2 115 1.280 176
Totaal mannen en vrouwen 23 jaar 2010 1.433 1.410 19 0 4 72 1.204 157
Totaal mannen en vrouwen 24 jaar 2010 1.399 1.379 18 0 2 66 1.175 158
Totaal mannen en vrouwen 25 jaar 2010 1.333 1.294 31 0 8 55 1.138 140
Totaal mannen en vrouwen 26 jaar 2010 1.265 1.218 38 0 9 43 1.068 154
Totaal mannen en vrouwen 27 jaar 2010 1.320 1.270 35 0 15 48 1.115 157
Totaal mannen en vrouwen 28 jaar 2010 1.189 1.121 43 0 25 35 986 168
Totaal mannen en vrouwen 29 jaar 2010 1.270 1.199 48 0 23 38 1.090 142
Totaal mannen en vrouwen 30 jaar 2010 1.267 1.200 41 1 25 48 1.048 171
Totaal mannen en vrouwen 31 jaar 2010 1.230 1.144 46 1 39 45 1.024 161
Totaal mannen en vrouwen 32 jaar 2010 1.276 1.179 50 1 46 47 1.071 158
Totaal mannen en vrouwen 33 jaar 2010 1.180 1.085 54 1 40 53 981 146
Totaal mannen en vrouwen 34 jaar 2010 1.242 1.134 62 0 46 33 1.033 176
Totaal mannen en vrouwen 35 jaar 2010 1.279 1.155 66 4 54 37 1.080 162
Totaal mannen en vrouwen 36 jaar 2010 1.292 1.147 71 3 71 54 1.086 152
Totaal mannen en vrouwen 37 jaar 2010 1.466 1.295 83 2 86 55 1.256 155
Totaal mannen en vrouwen 38 jaar 2010 1.560 1.377 70 3 110 59 1.336 165
Totaal mannen en vrouwen 39 jaar 2010 1.583 1.375 78 6 124 59 1.339 185
Totaal mannen en vrouwen 40 jaar 2010 1.677 1.463 78 3 133 64 1.444 169
Totaal mannen en vrouwen 41 jaar 2010 1.698 1.450 93 4 151 71 1.456 171
Totaal mannen en vrouwen 42 jaar 2010 1.638 1.376 83 11 168 57 1.409 172
Totaal mannen en vrouwen 43 jaar 2010 1.604 1.333 96 5 170 56 1.391 157
Totaal mannen en vrouwen 44 jaar 2010 1.717 1.416 105 4 192 100 1.491 126
Totaal mannen en vrouwen 45 jaar 2010 1.862 1.515 94 8 245 111 1.600 151
Totaal mannen en vrouwen 46 jaar 2010 1.845 1.506 85 8 246 112 1.633 100
Totaal mannen en vrouwen 47 jaar 2010 1.792 1.435 95 8 254 107 1.561 124
Totaal mannen en vrouwen 48 jaar 2010 1.827 1.461 84 9 273 147 1.554 126
Totaal mannen en vrouwen 49 jaar 2010 1.748 1.424 75 12 237 151 1.495 102
Totaal mannen en vrouwen 50 jaar 2010 1.805 1.398 105 15 287 148 1.548 109
Totaal mannen en vrouwen 51 jaar 2010 1.712 1.315 114 16 267 143 1.491 78
Totaal mannen en vrouwen 52 jaar 2010 1.740 1.331 100 16 293 186 1.468 86
Totaal mannen en vrouwen 53 jaar 2010 1.696 1.244 119 23 310 177 1.418 101
Totaal mannen en vrouwen 54 jaar 2010 1.659 1.238 104 28 289 184 1.406 69
Totaal mannen en vrouwen 55 jaar 2010 1.728 1.300 95 19 314 204 1.441 83
Totaal mannen en vrouwen 56 jaar 2010 1.677 1.209 112 32 324 220 1.385 72
Totaal mannen en vrouwen 57 jaar 2010 1.642 1.199 96 31 316 269 1.296 77
Totaal mannen en vrouwen 58 jaar 2010 1.544 1.104 114 35 291 277 1.187 80
Totaal mannen en vrouwen 59 jaar 2010 1.510 1.037 106 33 334 282 1.171 57
Totaal mannen en vrouwen 60 jaar 2010 1.511 1.042 111 56 302 296 1.154 61
Totaal mannen en vrouwen 61 jaar 2010 1.489 1.002 109 51 327 320 1.113 56
Totaal mannen en vrouwen 62 jaar 2010 1.580 976 160 71 373 436 1.086 58
Totaal mannen en vrouwen 63 jaar 2010 1.504 947 146 84 327 456 993 55
Totaal mannen en vrouwen 64 jaar 2010 1.207 667 143 87 310 435 731 41
Totaal mannen en vrouwen 65 jaar 2010 1.248 662 150 124 312 517 679 52
Totaal mannen en vrouwen 66 jaar 2010 1.180 635 169 126 250 521 605 54
Totaal mannen en vrouwen 67 jaar 2010 1.170 556 172 143 299 577 539 54
Totaal mannen en vrouwen 68 jaar 2010 1.219 559 214 166 280 623 528 68
Totaal mannen en vrouwen 69 jaar 2010 1.394 634 232 224 304 776 553 65
Totaal mannen en vrouwen 70 jaar 2010 1.363 613 217 239 294 775 521 67
Totaal mannen en vrouwen 71 jaar 2010 1.530 610 281 331 308 977 464 89
Totaal mannen en vrouwen 72 jaar 2010 1.618 575 307 422 314 1.100 430 88
Totaal mannen en vrouwen 73 jaar 2010 1.796 625 367 488 316 1.284 423 89
Totaal mannen en vrouwen 74 jaar 2010 2.083 679 419 683 302 1.543 433 107
Totaal mannen en vrouwen 75 jaar 2010 2.282 626 489 808 359 1.813 371 98
Totaal mannen en vrouwen 76 jaar 2010 2.503 690 539 928 346 2.055 354 94
Totaal mannen en vrouwen 77 jaar 2010 3.012 711 664 1.260 377 2.555 353 104
Totaal mannen en vrouwen 78 jaar 2010 3.533 722 765 1.660 386 3.112 290 131
Totaal mannen en vrouwen 79 jaar 2010 4.076 793 820 2.036 427 3.649 306 121
Totaal mannen en vrouwen 80 jaar 2010 4.357 763 889 2.309 396 3.949 283 125
Totaal mannen en vrouwen 81 jaar 2010 4.855 747 992 2.752 364 4.488 231 136
Totaal mannen en vrouwen 82 jaar 2010 5.528 782 1.021 3.307 418 5.149 260 119
Totaal mannen en vrouwen 83 jaar 2010 5.884 784 1.103 3.620 377 5.555 205 124
Totaal mannen en vrouwen 84 jaar 2010 6.524 794 1.136 4.198 396 6.196 214 114
Totaal mannen en vrouwen 85 jaar 2010 6.940 829 1.160 4.617 334 6.622 191 127
Totaal mannen en vrouwen 86 jaar 2010 7.406 828 1.094 5.140 344 7.118 174 114
Totaal mannen en vrouwen 87 jaar 2010 7.451 785 1.061 5.266 339 7.189 167 95
Totaal mannen en vrouwen 88 jaar 2010 7.538 692 930 5.554 362 7.312 140 86
Totaal mannen en vrouwen 89 jaar 2010 7.227 684 841 5.416 286 7.027 129 71
Totaal mannen en vrouwen 90 jaar 2010 5.712 564 514 4.438 196 5.549 96 67
Totaal mannen en vrouwen 91 jaar 2010 5.090 495 455 3.946 194 4.966 71 53
Totaal mannen en vrouwen 92 jaar 2010 4.570 473 287 3.658 152 4.448 71 51
Totaal mannen en vrouwen 93 jaar 2010 3.884 377 244 3.139 124 3.770 69 45
Totaal mannen en vrouwen 94 jaar 2010 3.126 323 159 2.557 87 3.054 38 34
Totaal mannen en vrouwen 95 jaar of ouder 2010 8.319 937 248 6.880 254 8.103 130 86
Mannen Totaal 2010 83.328 52.740 11.086 11.765 7.737 30.001 46.583 6.744
Mannen 0 jaar 2010 169 169 . 168 1
Mannen 1 jaar 2010 113 113 5 105 3
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat informatie over het aantal personen in institutionele huishoudens in Nederland op 1 januari naar geslacht, leeftijd, burgerlijke staat en soort instelling.

Gegevens beschikbaar vanaf 1995.

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Met de beschikbare informatie is voor de verslagjaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de drie onderscheiden categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Wijzigingen per 3 september 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het vierde kwartaal van 2026 worden de definitieve cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Personen: burgerlijke staat
Personen in institutionele huishoudens naar burgerlijke staat.

Trendbreuk burgerlijke staat:
Vanaf 2010 is een kleine verschuiving tussen de verschillende burgerlijke staten opgetreden (minder ongehuwd en meer gescheiden en verweduwd). Dit komt omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt. De burgerlijke staten 'verweduwd na partnerschap' en 'gescheiden na partnerschap' worden daardoor binnen deze statistiek binnen deze periode genegeerd. Voor deze statistiek betekent dit dat de burgerlijke staat van vóór het partnerschap is gebruikt wat in de meeste gevallen ongehuwd was. Vanaf 2010 zijn alle burgerlijke staten beschikbaar.

Burgerlijke staat:
Formele positie van een persoon waarbij wordt verwezen naar het huwelijk en het geregistreerd partnerschap.
Doorgaans worden het geregistreerd partnerschap en het huwelijk op dezelfde wijze behandeld.

Huwelijk:
Wettelijke verbintenis tot het samenleven van twee personen.
Sinds april 2001 staat het huwelijk ook open voor personen van hetzelfde geslacht.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Vanaf 2014 worden de personen in institutionele huishoudens in drie categorieën gepresenteerd, te weten:
Verzorgings- en verpleeghuis, overige zorginstelling en overig soort instelling.

Partnerschapsregistratie:
Een op het huwelijk lijkende vorm van vastlegging van een relatie in een akte van de Burgerlijke Stand. De registratie staat open voor paren van gelijk en van verschillend geslacht.
De registratie is ingevoerd in Nederland per 1 januari 1998.

Totaal aantal personen in instellingen
Totaal aantal personen in institutionele huishoudens.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Vanaf 2014 worden de personen in institutionele huishoudens in drie categorieën gepresenteerd, te weten:
Verzorgings- en verpleeghuis, overige zorginstelling en overig soort instelling.
Ongehuwd
Vanaf 2010: burgerlijke staat die aangeeft dat een persoon nog nooit een huwelijk heeft gesloten of een geregistreerd partnerschap is aangegaan.
1998 tot 2010: burgerlijke staat die aangeeft dat een persoon nog nooit een huwelijk heeft gesloten of een geregistreerd partnerschap heeft.
Omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt, zijn de burgerlijke staten 'verweduwd na partnerschap' en 'gescheiden na partnerschap' in deze statistiek binnen deze periode genegeerd. Voor deze statistiek betekent dit dat de burgerlijke staat van vóór het partnerschap is gebruikt. Dat was meestal ongehuwd.
Tot 1998: burgerlijke staat die aangeeft dat een persoon nog nooit een huwelijk heeft gesloten.
Gehuwd
Vanaf 1998: wettig gehuwd plus partnerschap.
Tot 1998: wettig gehuwd.

Wettig gehuwd:
Burgerlijke staat die ontstaat na sluiting van een huwelijk.
Inclusief personen die zijn gescheiden van tafel en bed, want zij blijven formeel gehuwd.

Partnerschap:
Burgerlijke staat die ontstaat na het aangaan van een geregistreerd partnerschap.
Verweduwd
Vanaf 2010: verweduwd na wettig huwelijk plus verweduwd na partnerschap.
Tot 2010: verweduwd na wettig huwelijk.
Omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt, is 'verweduwd na partnerschap' in deze statistiek binnen deze periode niet meegeteld.

Verweduwd na wettig huwelijk:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een wettig huwelijk door overlijden van de partner.

Verweduwd na partnerschap:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een geregistreerd partnerschap door overlijden van de partner.

Gescheiden
Vanaf 2010: gescheiden na wettig huwelijk plus gescheiden na partnerschap.
Tot 2010: gescheiden na wettig huwelijk.
Omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt, is 'gescheiden na partnerschap' in deze statistiek binnen deze periode niet meegeteld.

Gescheiden na wettig huwelijk:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een wettig huwelijk door echtscheiding.
Exclusief personen die zijn gescheiden van tafel en bed, want zij blijven formeel gehuwd.

Gescheiden na partnerschap:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een geregistreerd partnerschap anders dan door het overlijden van de partner.

Personen: soort instelling
Personen in institutionele huishoudens naar soort instelling.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Vanaf 2014 worden de personen in institutionele huishoudens in drie categorieën gepresenteerd, te weten:
Verzorgings- en verpleeghuis, overige zorginstelling en overig soort instelling.

Trendbreuk (personen in) institutionele huishoudens
Tot en met 2012 zijn de gegevens over institutionele huishoudens gebaseerd op door gemeenten verstrekte adresinformatie. Het jaar 2013 is een tussenjaar. Startpunt was daar de adresinformatie over 2012 aangevuld met secundaire bronnen, waarbij aangetekend dient te worden dat de cijfers over 2013 mogelijk van wat mindere kwaliteit zijn. Vanaf 2014 is de waarneming van institutionele huishoudens volledig gebaseerd op secundaire waarneming: gegevens over zorggebruik waarvan de kosten voor rekening komen van de Wlz (Wet langdurige zorg, voorheen AWBZ), afkomstig van het CAK, in combinatie met institutionele adressen van de website zorgkaartnederland.nl en adressenlijsten voor de overige typen instellingen zoals bijvoorbeeld asielzoekerscentra en gevangenissen. Zie verder de korte onderzoekbeschrijving. De institutionele huishoudens worden met de nieuwe methodiek die vanaf 2014 is toegepast beter waargenomen. Tevens zijn vanaf 2014 asielzoekers die woonachtig zijn in asielzoekerscentra en als ingezetenen ingeschreven staan in de Basisregistratie Personen (BRP) bij de institutionele huishoudens ingedeeld. Als gevolg van deze wijzigingen worden in 2014 249 duizend personen in institutionele huishoudens geteld, naar schatting circa 35 duizend meer dan met de oude methode geteld zouden worden.
Vanaf 2011 is er voor de samenstelling van huishoudensgegevens gebruik gemaakt van een nieuwe productiemethode. In deze nieuwe methode worden voor het bepalen van de huishoudenssamenstelling naast de gegevens uit het bevolkingsregister ook belastingdienstgegevens over samenwonende paren gebruikt. Het aantal personen in institutionele huishoudens ligt op 1 januari 2011 bijna 11 duizend hoger dan op 1 januari 2010. Ongeveer de helft van deze stijging is veroorzaakt door verbeteringen in de methode van waarneming.


Verzorgings- en verpleeghuis
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Verzorgingshuis:
Permanente wooneenheden ter beschikking gesteld aan bejaarden waarbij naast het verstrekken van maaltijden, het verrichten van schoonmaakdiensten en het eventueel beheren van een alarmsysteem, de persoonlijke begeleiding van de bewoners een wezenlijk onderdeel van de zorg vormt.

Verpleeghuis:
Instelling voor langdurige verpleging.
Overige zorginstelling
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Overige zorginstelling:
- instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, waaronder psychiatrische (afdelingen van) ziekenhuizen, instellingen voor kinder- en jeugdpsychiatrie, klinische verslavingszorg, forensische psychiatrie (Tbs-klinieken);
- instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten;
- opvangcentra voor volwassenen, waaronder daklozen.
Overig soort instelling
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Overig soort instelling:
- gevangenissen en justitiële jeugdinrichtingen;
- opleidingsinternaten en opleidingsscholen voor politie en krijgsmacht;
- kazernes;
- kloosters;
- vanaf 1 januari 2014: asielzoekerscentra (enkel de bewoners die ingeschreven zijn in het bevolkingsregister).