Personen in institutionele huishoudens; geslacht en leeftijd, 1 januari

Personen in institutionele huishoudens; geslacht en leeftijd, 1 januari

Geslacht Leeftijd Perioden Personen: soort instelling Overige zorginstelling (aantal) Personen: soort instelling Overig soort instelling (aantal)
Totaal mannen en vrouwen Totaal 2025 125.032 54.013
Totaal mannen en vrouwen 0 jaar 2025 329 495
Totaal mannen en vrouwen 1 jaar 2025 303 443
Totaal mannen en vrouwen 2 jaar 2025 269 378
Totaal mannen en vrouwen 3 jaar 2025 253 453
Totaal mannen en vrouwen 4 jaar 2025 239 446
Totaal mannen en vrouwen 5 jaar 2025 222 500
Totaal mannen en vrouwen 6 jaar 2025 214 515
Totaal mannen en vrouwen 7 jaar 2025 237 540
Totaal mannen en vrouwen 8 jaar 2025 237 536
Totaal mannen en vrouwen 9 jaar 2025 270 517
Totaal mannen en vrouwen 10 jaar 2025 315 559
Totaal mannen en vrouwen 11 jaar 2025 283 513
Totaal mannen en vrouwen 12 jaar 2025 326 551
Totaal mannen en vrouwen 13 jaar 2025 382 534
Totaal mannen en vrouwen 14 jaar 2025 485 608
Totaal mannen en vrouwen 15 jaar 2025 617 753
Totaal mannen en vrouwen 16 jaar 2025 721 1.013
Totaal mannen en vrouwen 17 jaar 2025 875 1.334
Totaal mannen en vrouwen 18 jaar 2025 1.160 1.780
Totaal mannen en vrouwen 19 jaar 2025 1.522 1.534
Totaal mannen en vrouwen 20 jaar 2025 1.774 1.170
Totaal mannen en vrouwen 21 jaar 2025 2.042 1.306
Totaal mannen en vrouwen 22 jaar 2025 2.171 1.309
Totaal mannen en vrouwen 23 jaar 2025 2.382 1.302
Totaal mannen en vrouwen 24 jaar 2025 2.410 1.558
Totaal mannen en vrouwen 25 jaar 2025 2.438 1.483
Totaal mannen en vrouwen 26 jaar 2025 2.480 1.599
Totaal mannen en vrouwen 27 jaar 2025 2.519 1.500
Totaal mannen en vrouwen 28 jaar 2025 2.484 1.467
Totaal mannen en vrouwen 29 jaar 2025 2.476 1.375
Totaal mannen en vrouwen 30 jaar 2025 2.591 1.345
Totaal mannen en vrouwen 31 jaar 2025 2.563 1.304
Totaal mannen en vrouwen 32 jaar 2025 2.680 1.245
Totaal mannen en vrouwen 33 jaar 2025 2.511 1.190
Totaal mannen en vrouwen 34 jaar 2025 2.465 1.146
Totaal mannen en vrouwen 35 jaar 2025 2.378 1.116
Totaal mannen en vrouwen 36 jaar 2025 2.390 1.100
Totaal mannen en vrouwen 37 jaar 2025 2.292 1.036
Totaal mannen en vrouwen 38 jaar 2025 2.265 956
Totaal mannen en vrouwen 39 jaar 2025 2.295 1.040
Totaal mannen en vrouwen 40 jaar 2025 2.148 853
Totaal mannen en vrouwen 41 jaar 2025 2.074 838
Totaal mannen en vrouwen 42 jaar 2025 2.048 839
Totaal mannen en vrouwen 43 jaar 2025 1.932 752
Totaal mannen en vrouwen 44 jaar 2025 2.076 786
Totaal mannen en vrouwen 45 jaar 2025 1.938 726
Totaal mannen en vrouwen 46 jaar 2025 1.909 687
Totaal mannen en vrouwen 47 jaar 2025 1.844 679
Totaal mannen en vrouwen 48 jaar 2025 1.863 584
Totaal mannen en vrouwen 49 jaar 2025 1.780 597
Totaal mannen en vrouwen 50 jaar 2025 1.854 557
Totaal mannen en vrouwen 51 jaar 2025 1.926 494
Totaal mannen en vrouwen 52 jaar 2025 2.054 457
Totaal mannen en vrouwen 53 jaar 2025 2.168 416
Totaal mannen en vrouwen 54 jaar 2025 2.113 402
Totaal mannen en vrouwen 55 jaar 2025 2.128 308
Totaal mannen en vrouwen 56 jaar 2025 2.113 325
Totaal mannen en vrouwen 57 jaar 2025 2.011 288
Totaal mannen en vrouwen 58 jaar 2025 1.992 246
Totaal mannen en vrouwen 59 jaar 2025 2.050 226
Totaal mannen en vrouwen 60 jaar 2025 2.042 220
Totaal mannen en vrouwen 61 jaar 2025 2.033 183
Totaal mannen en vrouwen 62 jaar 2025 1.880 171
Totaal mannen en vrouwen 63 jaar 2025 1.908 160
Totaal mannen en vrouwen 64 jaar 2025 1.770 161
Totaal mannen en vrouwen 65 jaar 2025 1.648 132
Totaal mannen en vrouwen 66 jaar 2025 1.543 118
Totaal mannen en vrouwen 67 jaar 2025 1.434 123
Totaal mannen en vrouwen 68 jaar 2025 1.348 94
Totaal mannen en vrouwen 69 jaar 2025 1.283 91
Totaal mannen en vrouwen 70 jaar 2025 1.215 69
Totaal mannen en vrouwen 71 jaar 2025 1.200 70
Totaal mannen en vrouwen 72 jaar 2025 1.074 82
Totaal mannen en vrouwen 73 jaar 2025 967 67
Totaal mannen en vrouwen 74 jaar 2025 866 66
Totaal mannen en vrouwen 75 jaar 2025 863 72
Totaal mannen en vrouwen 76 jaar 2025 722 70
Totaal mannen en vrouwen 77 jaar 2025 698 64
Totaal mannen en vrouwen 78 jaar 2025 665 74
Totaal mannen en vrouwen 79 jaar 2025 406 52
Totaal mannen en vrouwen 80 jaar 2025 370 62
Totaal mannen en vrouwen 81 jaar 2025 333 76
Totaal mannen en vrouwen 82 jaar 2025 283 70
Totaal mannen en vrouwen 83 jaar 2025 261 78
Totaal mannen en vrouwen 84 jaar 2025 227 89
Totaal mannen en vrouwen 85 jaar 2025 237 100
Totaal mannen en vrouwen 86 jaar 2025 176 101
Totaal mannen en vrouwen 87 jaar 2025 151 95
Totaal mannen en vrouwen 88 jaar 2025 100 87
Totaal mannen en vrouwen 89 jaar 2025 93 84
Totaal mannen en vrouwen 90 jaar 2025 85 79
Totaal mannen en vrouwen 91 jaar 2025 64 62
Totaal mannen en vrouwen 92 jaar 2025 54 60
Totaal mannen en vrouwen 93 jaar 2025 31 56
Totaal mannen en vrouwen 94 jaar 2025 23 56
Totaal mannen en vrouwen 95 jaar of ouder 2025 93 110
Mannen Totaal 2025 77.129 37.668
Mannen 0 jaar 2025 163 246
Mannen 1 jaar 2025 161 236
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat informatie over het aantal personen in institutionele huishoudens in Nederland op 1 januari naar geslacht, leeftijd, burgerlijke staat en soort instelling.

Gegevens beschikbaar vanaf 1995.

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Met de beschikbare informatie is voor de verslagjaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de drie onderscheiden categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Wijzigingen per 3 september 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het vierde kwartaal van 2026 worden de definitieve cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Personen: soort instelling
Personen in institutionele huishoudens naar soort instelling.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Vanaf 2014 worden de personen in institutionele huishoudens in drie categorieën gepresenteerd, te weten:
Verzorgings- en verpleeghuis, overige zorginstelling en overig soort instelling.

Trendbreuk (personen in) institutionele huishoudens
Tot en met 2012 zijn de gegevens over institutionele huishoudens gebaseerd op door gemeenten verstrekte adresinformatie. Het jaar 2013 is een tussenjaar. Startpunt was daar de adresinformatie over 2012 aangevuld met secundaire bronnen, waarbij aangetekend dient te worden dat de cijfers over 2013 mogelijk van wat mindere kwaliteit zijn. Vanaf 2014 is de waarneming van institutionele huishoudens volledig gebaseerd op secundaire waarneming: gegevens over zorggebruik waarvan de kosten voor rekening komen van de Wlz (Wet langdurige zorg, voorheen AWBZ), afkomstig van het CAK, in combinatie met institutionele adressen van de website zorgkaartnederland.nl en adressenlijsten voor de overige typen instellingen zoals bijvoorbeeld asielzoekerscentra en gevangenissen. Zie verder de korte onderzoekbeschrijving. De institutionele huishoudens worden met de nieuwe methodiek die vanaf 2014 is toegepast beter waargenomen. Tevens zijn vanaf 2014 asielzoekers die woonachtig zijn in asielzoekerscentra en als ingezetenen ingeschreven staan in de Basisregistratie Personen (BRP) bij de institutionele huishoudens ingedeeld. Als gevolg van deze wijzigingen worden in 2014 249 duizend personen in institutionele huishoudens geteld, naar schatting circa 35 duizend meer dan met de oude methode geteld zouden worden.
Vanaf 2011 is er voor de samenstelling van huishoudensgegevens gebruik gemaakt van een nieuwe productiemethode. In deze nieuwe methode worden voor het bepalen van de huishoudenssamenstelling naast de gegevens uit het bevolkingsregister ook belastingdienstgegevens over samenwonende paren gebruikt. Het aantal personen in institutionele huishoudens ligt op 1 januari 2011 bijna 11 duizend hoger dan op 1 januari 2010. Ongeveer de helft van deze stijging is veroorzaakt door verbeteringen in de methode van waarneming.


Overige zorginstelling
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Overige zorginstelling:
- instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, waaronder psychiatrische (afdelingen van) ziekenhuizen, instellingen voor kinder- en jeugdpsychiatrie, klinische verslavingszorg, forensische psychiatrie (Tbs-klinieken);
- instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten;
- opvangcentra voor volwassenen, waaronder daklozen.
Overig soort instelling
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Overig soort instelling:
- gevangenissen en justitiële jeugdinrichtingen;
- opleidingsinternaten en opleidingsscholen voor politie en krijgsmacht;
- kazernes;
- kloosters;
- vanaf 1 januari 2014: asielzoekerscentra (enkel de bewoners die ingeschreven zijn in het bevolkingsregister).