Werkzame beroepsbevolking; arbeidsduur, 2003-2022

Werkzame beroepsbevolking; arbeidsduur, 2003-2022

Geslacht Persoonskenmerken Perioden Werkzame beroepsbevolking (x 1 000) Arbeidsduur Deeltijd Deeltijd (x 1 000) Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week Minder dan 20 uur per week (x 1 000) Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week Minder dan 12 uur per week (x 1 000) Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week 12 tot 20 uur per week (x 1 000) Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 20 tot 35 uur per week (x 1 000) Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 20 tot 28 uur per week (x 1 000) Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 28 tot 35 uur per week (x 1 000) Arbeidsduur Voltijd (x 1 000) Gemiddelde arbeidsduur in uren (uren)
Totaal mannen en vrouwen Totaal personen 2010 1e kwartaal 8.228 3.843 1.637 917 720 2.206 1.101 1.105 4.385 31,4
Totaal mannen en vrouwen Totaal personen 2010 2e kwartaal 8.279 3.885 1.628 906 722 2.257 1.134 1.123 4.394 31,4
Totaal mannen en vrouwen Totaal personen 2010 3e kwartaal 8.305 3.898 1.555 851 705 2.343 1.176 1.166 4.407 31,6
Totaal mannen en vrouwen Totaal personen 2010 4e kwartaal 8.299 3.903 1.594 878 716 2.309 1.164 1.145 4.396 31,4
Totaal mannen en vrouwen Totaal personen 2010 8.278 3.882 1.604 888 716 2.279 1.144 1.135 4.396 31,4
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 15 tot 25 jaar 2010 1e kwartaal 1.196 875 667 512 154 208 88 120 321 20,0
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 15 tot 25 jaar 2010 2e kwartaal 1.219 899 673 511 162 226 103 123 320 20,1
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 15 tot 25 jaar 2010 3e kwartaal 1.245 906 637 473 164 269 130 139 339 21,0
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 15 tot 25 jaar 2010 4e kwartaal 1.212 891 666 507 160 225 101 124 321 20,0
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 15 tot 25 jaar 2010 1.218 893 661 501 160 232 105 127 325 20,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 35 jaar 2010 1e kwartaal 1.695 599 150 55 95 449 203 247 1.095 34,6
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 35 jaar 2010 2e kwartaal 1.702 599 149 52 97 450 202 248 1.103 34,7
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 35 jaar 2010 3e kwartaal 1.698 612 144 51 93 467 212 255 1.086 34,6
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 35 jaar 2010 4e kwartaal 1.708 616 147 47 100 469 221 248 1.092 34,6
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 35 jaar 2010 1.701 607 148 52 96 459 210 249 1.094 34,6
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 45 jaar 2010 1e kwartaal 3.780 1.472 402 129 273 1.070 525 545 2.308 34,2
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 45 jaar 2010 2e kwartaal 3.775 1.468 389 123 266 1.079 527 551 2.308 34,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 45 jaar 2010 3e kwartaal 3.762 1.472 376 114 262 1.095 538 558 2.290 34,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 45 jaar 2010 4e kwartaal 3.768 1.476 379 112 266 1.097 543 554 2.293 34,2
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 25 tot 45 jaar 2010 3.771 1.472 387 120 267 1.085 533 552 2.300 34,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 35 tot 45 jaar 2010 1e kwartaal 2.085 872 252 74 178 620 322 298 1.213 33,9
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 35 tot 45 jaar 2010 2e kwartaal 2.074 869 240 71 169 628 325 303 1.205 33,9
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 35 tot 45 jaar 2010 3e kwartaal 2.064 860 232 63 169 628 326 303 1.204 34,1
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 35 tot 45 jaar 2010 4e kwartaal 2.060 860 232 65 167 628 322 306 1.200 34,0
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 35 tot 45 jaar 2010 2.071 865 239 68 171 626 324 303 1.205 34,0
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 55 jaar 2010 1e kwartaal 1.997 842 262 99 162 581 297 283 1.155 33,6
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 55 jaar 2010 2e kwartaal 2.007 848 260 97 162 589 307 282 1.159 33,7
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 55 jaar 2010 3e kwartaal 2.027 857 250 97 153 607 309 298 1.170 33,8
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 55 jaar 2010 4e kwartaal 2.034 859 248 92 156 611 311 300 1.175 33,7
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 55 jaar 2010 2.016 852 255 96 159 597 306 291 1.165 33,7
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 75 jaar 2010 1e kwartaal 3.252 1.496 569 276 293 928 488 439 1.756 32,2
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 75 jaar 2010 2e kwartaal 3.285 1.518 566 272 294 952 504 449 1.767 32,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 75 jaar 2010 3e kwartaal 3.299 1.521 542 264 279 978 509 470 1.778 32,4
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 75 jaar 2010 4e kwartaal 3.319 1.536 549 259 290 988 520 467 1.783 32,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 45 tot 75 jaar 2010 3.289 1.518 556 267 289 961 505 456 1.771 32,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 55 tot 65 jaar 2010 1e kwartaal 1.127 552 233 123 110 320 170 150 575 31,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 55 tot 65 jaar 2010 2e kwartaal 1.148 565 231 123 108 334 173 161 584 31,4
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 55 tot 65 jaar 2010 3e kwartaal 1.145 560 221 115 105 339 175 164 586 31,4
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 55 tot 65 jaar 2010 4e kwartaal 1.161 573 227 114 113 346 185 161 588 31,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 55 tot 65 jaar 2010 1.145 562 228 119 109 335 176 159 583 31,3
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 65 tot 75 jaar 2010 1e kwartaal 127 102 74 54 21 27 21 6 25 19,4
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 65 tot 75 jaar 2010 2e kwartaal 130 105 75 51 24 30 24 6 25 19,6
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 65 tot 75 jaar 2010 3e kwartaal 127 104 72 51 20 32 25 7 23 19,2
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 65 tot 75 jaar 2010 4e kwartaal 125 104 74 53 21 30 24 6 20 18,6
Totaal mannen en vrouwen Leeftijd: 65 tot 75 jaar 2010 127 104 74 52 21 30 24 6 23 19,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 1 laag 2010 1e kwartaal 1.995 1.081 642 428 214 439 241 198 914 27,8
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 1 laag 2010 2e kwartaal 2.022 1.103 649 433 215 454 256 198 919 27,8
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 1 laag 2010 3e kwartaal 2.011 1.048 586 373 213 462 260 202 963 28,8
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 1 laag 2010 4e kwartaal 2.065 1.099 624 408 216 476 266 210 966 28,3
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 1 laag 2010 2.024 1.083 625 411 214 458 256 202 941 28,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 2 middelbaar 2010 1e kwartaal 3.506 1.703 726 368 359 976 527 449 1.803 31,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 2 middelbaar 2010 2e kwartaal 3.479 1.701 708 348 360 993 532 461 1.778 31,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 2 middelbaar 2010 3e kwartaal 3.534 1.743 700 355 345 1.043 559 484 1.791 31,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 2 middelbaar 2010 4e kwartaal 3.477 1.696 690 346 344 1.006 545 461 1.781 31,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 2 middelbaar 2010 3.499 1.711 706 354 352 1.005 541 464 1.788 31,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog 2010 1e kwartaal 2.662 1.037 263 118 145 774 327 447 1.625 34,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog 2010 2e kwartaal 2.716 1.058 267 122 144 791 340 451 1.658 34,3
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog 2010 3e kwartaal 2.694 1.079 263 118 144 817 349 467 1.614 34,0
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog 2010 4e kwartaal 2.677 1.076 272 119 152 804 343 462 1.601 34,0
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog 2010 2.687 1.063 266 119 147 797 340 457 1.625 34,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: weet niet of onbekend 2010 1e kwartaal 64 22 6 4 2 16 5 11 42 34,7
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: weet niet of onbekend 2010 2e kwartaal 61 23 5 2 2 19 6 12 38 34,4
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: weet niet of onbekend 2010 3e kwartaal 67 28 7 4 2 21 9 12 39 33,9
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: weet niet of onbekend 2010 4e kwartaal 79 32 8 5 3 24 11 13 47 34,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: weet niet of onbekend 2010 68 26 6 4 3 20 8 12 42 34,3
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: werknemer 2010 1e kwartaal 6.988 3.412 1.438 780 658 1.975 979 996 3.576 29,9
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: werknemer 2010 2e kwartaal 7.037 3.452 1.429 772 657 2.023 1.012 1.011 3.586 29,9
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: werknemer 2010 3e kwartaal 7.063 3.453 1.365 720 644 2.088 1.045 1.043 3.610 30,2
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: werknemer 2010 4e kwartaal 7.050 3.450 1.402 748 654 2.048 1.026 1.022 3.600 30,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: werknemer 2010 7.035 3.442 1.408 755 653 2.033 1.016 1.018 3.593 30,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: vaste arbeidsrelatie 2010 1e kwartaal 5.595 2.407 748 293 455 1.659 819 839 3.188 32,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: vaste arbeidsrelatie 2010 2e kwartaal 5.579 2.412 738 289 449 1.674 827 847 3.168 32,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: vaste arbeidsrelatie 2010 3e kwartaal 5.570 2.417 710 274 436 1.708 833 874 3.153 32,1
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: vaste arbeidsrelatie 2010 4e kwartaal 5.595 2.418 719 271 448 1.699 837 862 3.177 32,1
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: vaste arbeidsrelatie 2010 5.585 2.413 729 282 447 1.685 829 855 3.171 32,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: flexibele arbeidsrelatie 2010 1e kwartaal 1.393 1.006 690 486 203 316 160 156 388 21,5
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: flexibele arbeidsrelatie 2010 2e kwartaal 1.458 1.040 691 483 208 349 185 164 418 22,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: flexibele arbeidsrelatie 2010 3e kwartaal 1.493 1.035 655 446 209 380 211 169 458 22,9
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: flexibele arbeidsrelatie 2010 4e kwartaal 1.455 1.032 683 476 207 349 189 160 423 22,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: flexibele arbeidsrelatie 2010 1.450 1.028 680 473 207 349 186 162 422 22,1
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige 2010 1e kwartaal 1.239 430 199 138 62 231 122 109 809 39,8
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige 2010 2e kwartaal 1.241 433 199 134 65 234 122 112 808 40,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige 2010 3e kwartaal 1.241 445 190 130 60 255 132 123 797 39,3
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige 2010 4e kwartaal 1.249 453 192 130 62 261 138 124 796 39,0
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige 2010 1.242 440 195 133 62 245 128 117 802 39,5
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfst. zonder personeel(zzp) 2010 1e kwartaal 859 348 168 116 52 180 93 87 511 36,7
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfst. zonder personeel(zzp) 2010 2e kwartaal 874 360 172 116 56 188 98 90 514 36,7
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfst. zonder personeel(zzp) 2010 3e kwartaal 862 360 160 110 50 200 105 95 503 36,3
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfst. zonder personeel(zzp) 2010 4e kwartaal 866 366 159 110 49 207 108 99 500 36,1
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfst. zonder personeel(zzp) 2010 865 358 165 113 52 194 101 93 507 36,4
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige met personeel 2010 1e kwartaal 336 51 12 8 5 39 21 18 284 49,8
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige met personeel 2010 2e kwartaal 328 46 12 7 5 34 16 18 282 50,3
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige met personeel 2010 3e kwartaal 330 52 13 8 5 39 18 21 277 48,7
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige met personeel 2010 4e kwartaal 329 51 14 7 6 37 20 18 278 48,5
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: zelfstandige met personeel 2010 331 50 13 8 5 37 19 19 280 49,3
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: meewerkend gezinslid 2010 1e kwartaal 44 31 19 14 5 12 8 4 14 25,7
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: meewerkend gezinslid 2010 2e kwartaal 39 27 15 11 4 12 8 4 12 25,9
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: meewerkend gezinslid 2010 3e kwartaal 49 33 17 12 5 16 9 7 17 28,2
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: meewerkend gezinslid 2010 4e kwartaal 53 36 19 13 7 17 10 7 17 27,4
Totaal mannen en vrouwen Werkkring: meewerkend gezinslid 2010 47 32 17 12 5 14 9 6 15 26,9
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat kwartaal- en jaarcijfers over de arbeidsduur van de werkzame beroepsbevolking. De bevolking van 15 tot 75 jaar (exclusief de institutionele bevolking) met betaald werk wordt hiervoor ingedeeld naar het aantal uren dat ze werkzaam zijn. Voor de verschillende indelingen is een uitsplitsing naar geslacht, leeftijd, onderwijsniveau en de positie in de werkkring beschikbaar.

Vanwege wijzigingen in het onderzoeksdesign en de vragenlijst van de EBB is er in het eerste kwartaal van 2022 een revisie van de cijfers voor verslagjaar 2021 doorgevoerd.
De cijfers vanaf 2021 zijn niet zonder meer vergelijkbaar met de cijfers tot en met 2020.

Gegevens beschikbaar van 2003 tot en met 2022

Status van de cijfers:
De cijfers vanaf 2021 zijn definitief.

Wijzigingen per 17 augustus 2022:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
Deze tabel wordt opgevolgd door de tabel Werkzame beroepsbevolking; arbeidsduur. Zie paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Werkzame beroepsbevolking
Personen die betaald werk hebben.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Arbeidsduur
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Deeltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Deeltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 12 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 12 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
12 tot 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 12 tot 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 28 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 28 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
28 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 28 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Voltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 35 uur of meer.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Gemiddelde arbeidsduur in uren
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.