Indirecte belastingen en bestedingen; kenmerken part huishoudens, 2006-2013

Indirecte belastingen en bestedingen; kenmerken part huishoudens, 2006-2013

Kenmerken huishouden Perioden Inkomen Bruto-inkomen (1 000 euro) Inkomen Besteedbaar inkomen (1 000 euro) Bestedingen Totaal bestedingen (1 000 euro) Bestedingen Niet BTW-plichtige goederen (euro) Bestedingen Goederen met extra heffing Verzekeringen (euro) Indirecte belastingen Indirecte belastingen (euro) Indirecte belastingen Verbruiksbelasting frisdrank (euro) Indirecte belastingen Assurantiebelasting (euro) Indirecte belastingen Motorrijtuigenbelasting (euro) Belastingdruk Druk op bruto inkomen (%) Belastingdruk Druk op besteedbaar inkomen (%) Belastingdruk Druk op bestedingen (%)
Huishouden met 1 persoon met inkomen 2013 34,6 20,9 23,6 9.195 670 3.260 15 115 270 9,4 15,6 13,8
Huishouden met 2 personen met inkomen 2013 71,6 41,0 38,4 12.760 1.205 5.580 25 210 540 7,8 13,6 14,5
Huishouden met 3 personen met inkomen 2013 91,0 50,8 48,1 14.165 1.495 7.245 35 260 665 8,0 14,3 15,1
Huishouden met >= 4 personen met inkomen 2013 106,4 60,2 51,8 15.955 1.550 7.890 40 270 680 7,4 13,1 15,2
1. Inkomen uit arbeid 2013 73,2 38,2 35,8 11.900 1.075 5.220 25 185 475 7,1 13,7 14,6
1.3 Overig inkomen uit arbeid 2013 91,4 51,6 45,3 15.530 1.525 6.430 30 265 595 7,0 12,5 14,2
2. Inkomen uit eigen onderneming 2013 72,4 45,4 40,7 13.850 1.340 5.900 30 230 570 8,1 13,0 14,5
3. Overdrachtsinkomen 2013 32,0 23,3 26,6 9.840 780 3.725 10 135 330 11,6 16,0 14,0
3.1 Uitkering inkomensverzekering 2013 35,3 25,6 28,7 10.390 895 4.075 10 155 380 11,5 15,9 14,2
3.3 Overig overdrachtsinkomen 2013 8,4 6,8 . . . . . . . . . .
Bruto inkomen: 1e 25%-groep 2013 16,5 13,0 20,0 8.435 465 2.600 10 80 200 15,8 20,1 13,0
Bruto inkomen: 2e 25%-groep 2013 34,8 24,0 27,9 9.940 875 4.140 15 150 365 11,9 17,3 14,8
Bruto inkomen: 3e 25%-groep 2013 60,0 35,0 34,7 11.880 1.140 5.220 20 200 515 8,7 14,9 15,1
Bruto inkomen: 4e 25%-groep 2013 120,6 62,4 49,1 15.225 1.515 7.005 35 265 650 5,8 11,2 14,3
Bruto inkomen: 1e 10%-groep 2013 9,7 7,5 20,1 8.450 420 2.530 15 75 190 26,2 33,8 12,6
Bruto inkomen: 2e 10%-groep 2013 19,6 15,7 18,9 7.935 460 2.495 10 80 170 12,8 15,9 13,2
Bruto inkomen: 3e 10%-groep 2013 25,6 19,6 24,2 9.295 675 3.350 15 115 305 13,1 17,1 13,9
Bruto inkomen: 4e 10%-groep 2013 32,4 23,1 27,6 9.750 800 4.165 15 140 335 12,8 18,0 15,1
Bruto inkomen: 5e 10%-groep 2013 41,0 26,5 29,3 10.550 995 4.365 15 175 425 10,6 16,4 14,9
Bruto inkomen: 6e 10%-groep 2013 50,9 31,0 32,2 11.190 1.050 4.765 20 180 455 9,4 15,4 14,8
Bruto inkomen: 7e 10%-groep 2013 62,6 36,2 34,6 12.090 1.170 5.200 20 205 535 8,3 14,4 15,0
Bruto inkomen: 8e 10%-groep 2013 77,0 42,8 40,1 13.070 1.305 6.105 30 225 605 7,9 14,3 15,2
Bruto inkomen: 9e 10%-groep 2013 97,9 51,9 46,8 14.465 1.400 6.875 30 245 635 7,0 13,2 14,7
Bruto inkomen: 10e 10%-groep 2013 163,0 81,7 56,2 17.065 1.730 7.690 35 300 690 4,7 9,4 13,7
Besteedbaar inkomen: 1e 25%-groep 2013 17,5 12,5 19,6 8.065 450 2.625 10 80 195 15,0 21,1 13,4
Besteedbaar inkomen: 2e 25%-groep 2013 35,9 23,5 25,7 9.645 770 3.700 15 135 315 10,3 15,8 14,4
Besteedbaar inkomen: 3e 25%-groep 2013 59,8 35,1 34,1 11.660 1.100 5.075 20 190 510 8,5 14,4 14,9
Besteedbaar inkomen: 4e 25%-groep 2013 118,7 63,3 48,4 15.130 1.530 6.970 35 265 650 5,9 11,0 14,4
Besteedbaar inkomen: 1e 10%-groep 2013 10,5 6,9 19,3 7.845 410 2.505 10 70 180 24,0 36,3 13,0
Besteedbaar inkomen: 2e 10%-groep 2013 20,6 15,3 19,7 8.230 475 2.795 10 85 200 13,5 18,3 14,2
Besteedbaar inkomen: 3e 10%-groep 2013 27,1 18,8 22,3 9.055 615 3.060 15 105 250 11,3 16,3 13,7
Besteedbaar inkomen: 4e 10%-groep 2013 34,0 22,5 26,5 9.465 780 3.935 15 135 375 11,6 17,5 14,9
Besteedbaar inkomen: 5e 10%-groep 2013 41,2 26,3 28,7 10.725 935 4.090 15 160 355 9,9 15,5 14,2
Besteedbaar inkomen: 6e 10%-groep 2013 50,9 30,9 33,9 11.310 1.040 5.115 20 180 455 10,1 16,5 15,1
Besteedbaar inkomen: 7e 10%-groep 2013 62,3 36,4 35,7 12.180 1.200 5.275 20 210 575 8,5 14,5 14,8
Besteedbaar inkomen: 8e 10%-groep 2013 76,7 43,0 40,3 13.165 1.320 6.115 25 230 605 8,0 14,2 15,2
Besteedbaar inkomen: 9e 10%-groep 2013 96,9 52,3 45,8 14.460 1.470 6.620 35 255 660 6,8 12,6 14,4
Besteedbaar inkomen: 10e 10%-groep 2013 159,5 83,5 57,6 17.395 1.755 8.005 40 305 685 5,0 9,6 13,9
Gestandaardiseerd inkomen: 1e 25%-groep 2013 20,0 14,1 21,6 8.630 510 3.015 15 90 255 15,1 21,4 13,9
Gestandaardiseerd inkomen: 2e 25%-groep 2013 37,6 24,7 27,0 9.955 780 3.955 15 135 345 10,5 16,0 14,7
Gestandaardiseerd inkomen: 3e 25%-groep 2013 60,8 35,3 33,7 11.405 1.080 5.000 20 185 475 8,2 14,2 14,8
Gestandaardiseerd inkomen: 4e 25%-groep 2013 113,5 60,3 44,8 14.375 1.440 6.340 30 250 585 5,6 10,5 14,2
Gestandaardiseerd inkomen: 1e 10%-groep 2013 11,9 8,0 21,7 8.795 460 2.900 15 80 230 24,4 36,3 13,3
Gestandaardiseerd inkomen: 2e 10%-groep 2013 24,0 17,3 21,7 8.535 560 3.140 10 100 280 13,1 18,2 14,5
Gestandaardiseerd inkomen: 3e 10%-groep 2013 29,4 20,7 24,4 9.140 650 3.570 15 115 325 12,1 17,3 14,6
Gestandaardiseerd inkomen: 4e 10%-groep 2013 34,8 23,6 27,6 10.330 825 3.930 15 145 335 11,3 16,7 14,3
Gestandaardiseerd inkomen: 5e 10%-groep 2013 44,0 27,5 30,9 11.040 1.060 4.675 20 185 470 10,6 17,0 15,1
Gestandaardiseerd inkomen: 6e 10%-groep 2013 53,1 31,7 32,1 11.020 1.025 4.805 20 180 460 9,1 15,2 15,0
Gestandaardiseerd inkomen: 7e 10%-groep 2013 63,3 36,5 37,5 11.920 1.105 5.535 20 190 480 8,7 15,2 14,8
Gestandaardiseerd inkomen: 8e 10%-groep 2013 74,9 41,8 38,5 12.705 1.210 5.600 25 210 550 7,5 13,4 14,5
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel vindt u gegevens over indirecte belastingen die bij de (consumptieve) bestedingen van particuliere huishoudens zijn inbegrepen. De onderscheiden indirecte belastingen zijn de omzetbelasting (BTW), accijnzen, verbruiksbelasting, milieubelasting op energie en water, assurantiebelasting en motorrijtuigenbelasting. Er kunnen meerdere belastingsoorten op een product of dienst van toepassing zijn of worden geheven en deze worden apart weergegeven in de tabel.

Naast de indirecte belastingen op (consumptieve) bestedingen zijn ook de bijbehorende bestedingen die particuliere huishoudens doen in de tabel opgenomen. De particuliere huishoudens zijn in deze tabel onderscheiden naar diverse kenmerken, naar omvang, samenstelling, leeftijd, inkomensbron, woonsituatie en inkomenshoogte.

De indirecte belastingen op bestedingen zijn geschat met behulp van gegevens over bestedingen uit het Budgetonderzoek. Indien voor een groep huishoudens met specifieke kenmerken minder dan 50 waarnemingen uit het Budgetonderzoek beschikbaar zijn, worden cijfers over bestedingen, indirecte belastingen en druk onvoldoende betrouwbaar geacht en niet getoond.

Gegevens beschikbaar van 2006 tot en met 2013.

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief.

Wijzigingen per 21 juni 2019:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Inkomen
Het gemiddelde inkomen van alle huishoudens met het betreffende kenmerk.
Bruto-inkomen
Het gemiddeld bruto-inkomen per huishouden.
Het bruto-inkomen bestaat uit het primair inkomen (inkomen uit arbeid,
onderneming en vermogen) verhoogd met:
- uitkeringen inkomensverzekering voor werkloosheid,
arbeidsongeschiktheid, pensioen en nabestaandenpensioen. Dit zijn
uitkeringen zoals uitkering ingevolge de Werkloosheidswet (WW/nWW), de
Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de wet werk en inkomen
naar arbeidsvermogen (WIA) en de Algemene Ouderdomswet (AOW),
- uitkeringen sociale voorziening zoals de Wet Werk en Bijstand,
- gebonden overdrachten voor wonen en studie zoals huurtoeslag en
tegemoetkoming studiekosten, en
- ontvangen inkomensoverdrachten zoals alimentatie van de
ex-echtgeno(o)t(e).
Het weergegeven bedrag is inclusief de bijdragen van werknemers,
werkgevers, uitkeringsontvangers en uitkeringsinstanties in de premies
voor de sociale verzekeringen.
Besteedbaar inkomen
Gemiddeld besteedbaar inkomen per huishouden.
Het besteedbaar inkomen bestaat uit het bruto-inkomen verminderd met
- betaalde inkomensoverdrachten zoals alimentatie van de
ex-echtgeno(o)t(e),
- premies inkomensverzekeringen zoals premies betaald voor sociale
verzekeringen, volksverzekeringen en particuliere verzekeringen in
verband met werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ouderdom en
nabestaanden,
- premies ziektekostenverzekeringen, en
- belastingen op inkomen en vermogen.
Bestedingen
Het gemiddelde van de consumptieve bestedingen per huishouden.
Totaal bestedingen
Uitgaven voor goederen en diensten die worden gebruikt voor de
rechtstreekse bevrediging van individuele behoeften van
leden van de gemeenschap. De uitgaven kunnen zowel op het eigen
grondgebied als in het buitenland worden gedaan.
--
Dit is de optelling van de in deze tabel genoemde bestedingen aan
BTW-plichtige en niet BTW-plichtige goederen. Er heeft een ophoging op de
bestedingen aan alcohol, frisdrank en tabak naar de macrocijfers van
Nationale Rekeningen plaatsgevonden.
Niet BTW-plichtige goederen
Het gemiddelde van de bestedingen aan goederen en diensten waar geen BTW
over geheven wordt.
Goederen met extra heffing
De gemiddelde bestedingen aan de goederen en diensten waar de
belangrijkste overige indirecte belastingen over worden geheven.
Verzekeringen
De gemiddelde bestedingen aan verzekeringen waarvoor assurantiebelasting
is verschuldigd.
--
De assurantiebelasting is een belasting op verzekeringen. Er wordt
belasting geheven over het bedrag dat moet worden betaald in verband met
de verzekering (dit zijn meestal de poliskosten en de premie).
Voor de volgende verzekeringen is geen assurantiebelasting verschuldigd:
-levensverzekeringen -ongevallen-, invaliditeits-, en
arbeidsongeschiktheidsverzekeringen
-ziekte- en ziektekostenverzekeringen -werkloosheidsverzekeringen
-verzekeringen van zeeschepen (behalve pleziervaartuigen) en
luchtvaartuigen die bedoeld zijn als openbaar vervoermiddel in het
internationale verkeer -transportverzekeringen -herverzekeringen
-exportkredietverzekeringen.
Premies voor deze verzekeringen zijn daarom niet in deze post opgenomen.
Indirecte belastingen
Het gemiddelde bedrag per huishouden aan belastingen die begrepen zijn in
de bestedingen. De gemiddelden zijn berekend over alle huishoudens, dus
ook over huishoudens welke niets hebben uitgegeven aan de betreffende
goederen of diensten.
Indirecte belastingen
Het gemiddelde totaal bedrag aan indirecte belastingen per particulier
huishouden aan omzetbelasting (BTW), accijnzen, verbruiksbelasting,
milieubelasting op energie en water, assurantiebelasting en
motorrijtuigenbelasting. Alleen bedragen over indirecte belastingen die
bij de (consumptieve) bestedingen van particuliere huishoudens zijn
inbegrepen zijn opgenomen.
--
Belastingen die niet zijn genoemd in deze tabel zijn ook niet opgenomen.
De belangrijkste ontbrekende belastingen zijn lokale heffingen, BPM en
overdrachtsbelasting.
Verbruiksbelasting frisdrank
Het gemiddelde bedrag aan verbruiksbelasting op alcoholvrije dranken.
--
Verbruiksbelasting wordt geheven van alcoholvrije dranken, pruimtabak en
snuiftabak. Deze belasting is ook al inbegrepen in de aanschafprijs en
wordt door producent of importeur afgedragen aan de overheid. Deze
belasting wordt ook indirect betaald door de burger, net als bij de
omzetbelasting (BTW).
Assurantiebelasting
Het gemiddelde bedrag aan assurantiebelasting.
--
De assurantiebelasting is een belasting op verzekeringen. Er wordt
belasting geheven over het bedrag dat moet worden betaald in verband met
de verzekering (dit zijn meestal de poliskosten en de premie).
Voor de volgende verzekeringen is geen assurantiebelasting verschuldigd:
-levensverzekeringen -ongevallen-, invaliditeits-, en
arbeidsongeschiktheidsverzekeringen
-ziekte- en ziektekostenverzekeringen -werkloosheidsverzekeringen
-verzekeringen van zeeschepen (behalve pleziervaartuigen) en
luchtvaartuigen die bedoeld zijn als openbaar vervoermiddel in het
internationale verkeer -transportverzekeringen -herverzekeringen
-exportkredietverzekeringen.
Premies voor deze verzekeringen zijn daarom niet in deze post opgenomen.
Motorrijtuigenbelasting
Het gemiddeld bedrag aan motorrijtuigenbelasting.
--
Motorrijtuigenbelasting, ook wel wegenbelasting genoemd, wordt betaald over het bezit van een voertuig (jonger dan 40 jaar). Het bedrag van de
belasting is afhankelijk van het soort voertuig, het gewicht, het soort
brandstof en de provincie waar men woont.
Belastingdruk
De belastingdruk is een percentage dat aangeeft hoeveel procent van
het bruto-inkomen, besteedbaar inkomen en bestedingen er wordt uitgegeven
aan indirecte belastingen.
Druk op bruto inkomen
Het totaal bedrag aan indirecte belastingen als percentage van het
bruto-inkomen.
Druk op besteedbaar inkomen
Het totaal bedrag aan indirecte belastingen als percentage van het
besteedbaar inkomen.
Druk op bestedingen
Het totaal bedrag aan indirecte belastingen als percentage van de
bestedingen.