Welzijnswerk, maatschappelijk werk en kinderopvang; financiën en personeel

Welzijnswerk, maatschappelijk werk en kinderopvang; financiën en personeel

Bedrijfsklassen (SBI 2008) Perioden Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Overige bedrijfsopbrengsten Totaal overige bedrijfsopbrengsten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Overige bedrijfsopbrengsten Subsidies (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Overige bedrijfsopbrengsten Niet eerder genoemde bedrijfsopbrengsten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Totaal overige bedrijfskosten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Niet eerder genoemde bedrijfskosten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Overige personeelskosten Totaal overige personeelskosten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Overige personeelskosten Kosten uitzendkrachten en overige inleen (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Overige personeelskosten Niet eerder genoemde personeelskosten (mln euro) Personeel Werkzame personen Overige werkzame personen (aantal) Personeel Arbeidsjaren werkzame personen Arbeidsjaren overige werkzame personen (aantal) Bedrijven naar activiteit Overige activiteiten (aantal)
88102 Welzijnswerk voor ouderen 2024* . . . . . . . . . . .
8891 Kinderopvang 2024* 568 . . 2.032 1.552 480 . . . . .
88911 Kinderopvang 2024* . . . . . . . . . . .
88912 Peuterspeelzaalwerk 2024* . . . . . . . . . . .
88992 Maatschappelijk werk 2024* . . . . . . . . . . .
88993 Lokaal welzijnswerk 2024* . . . . . . . . . . .
Maatschappelijk en lokaal welzijnswerk 2024* 2.079 . . 1.101 856 245 . . . . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat informatie over de financiën, het personeel en de productie van bedrijven met als hoofdactiviteit, volgens Standaard Bedrijfsindeling (SBI) 2008, welzijnswerk ouderen, lokaal welzijnswerk, maatschappelijk werk, kinderopvang of peuterspeelzaalwerk.

Vanaf verslagjaar 2022 wordt het enquêteonderzoek bij bedrijven met 1 tot 10 werkzame personen alleen nog uitgevoerd voor bedrijven met de rechtsvorm stichting of vereniging. Voor de overige groep van kleine bedrijven met een andere rechtsvorm (bijvoorbeeld eenmanszaak, BV) wordt gebruik gemaakt van aangiftes van de belastingdienst (inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting) voor financiële variabelen en gegevens van de Polisadministratie (werknemersgegevens UWV) voor aantallen werknemers en arbeidsjaren werknemers. Door het gebruik van deze externe data zijn niet alle CBS-variabelen meer beschikbaar op enquête- en publicatieniveau. Op StatLine zijn deze cijfers vanaf verslagjaar 2022 weggepunt.

De eerder genoemde overgang op het deels gebruik van een andere bron voor bedrijven met 1 tot 10 werkzame personen is van enige invloed op het totaalniveau van de publicatievariabelen in 2022 van de samentelling maatschappelijk en lokaal welzijnswerk. Er is sprake van een lichte kostenstructuurverschuiving, wat resulteert in een minder sterke toename van de arbeidskosten en een sterkere toename van de niet eerder genoemde bedrijfskosten. Tevens is er sprake van een opbrengstenstructuurverschuiving, waarbij het aandeel netto omzet is toegenomen en het aandeel overige bedrijfsopbrengsten is afgenomen. De niveaus en ontwikkelingen in 2022 van deze variabelen dienen derhalve met enige voorzichtigheid geïnterpreteerd te worden.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2008 (2012 voor maatschappelijk werk)

Status van de cijfers:
De in de tabel opgenomen cijfers over het laatste verslagjaar zijn voorlopig, terwijl de cijfers over vorige jaren definitief zijn.

Wijzigingen per 24 maart 2026:
Voorlopige cijfers over 2024 zijn toegevoegd voor kinderopvang en voor de samentelling maatschappelijk en lokaal welzijnswerk. Cijfers over 2023 zijn definitief gemaakt.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Cijfers over 2025 worden in het eerste kwartaal van 2027 gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Verlies- en winstrekening
Bedrijfsopbrengsten
De opbrengsten uit de eigenlijke bedrijfsvoering, in casu de verkopen van goederen en diensten, alsmede de waarde van voorraadmutaties, geactiveerde productie voor het eigen bedrijf, subsidies en schade-uitkeringen.
Overige bedrijfsopbrengsten
Bedrijfsopbrengsten die niet behoren tot de netto-omzet.
Het gaat hier met name om:
- de waarde van voorraadmutaties, inclusief onderhanden werk;
- vergoedingen voor uitgeleend personeel;
- geactiveerde productie voor het eigen bedrijf;
- subsidies en exportrestituties;
- schade-uitkeringen.
Totaal overige bedrijfsopbrengsten
Subsidies
Betalingen om niet die door de overheid of de Instellingen van de Europese Unie worden gedaan aan ingezeten producenten, met het doel de productieniveaus, de prijzen of de beloning van de productiefactoren te beïnvloeden.
Dit betreft loonkostensubsidies, subsidies van Rijk, provincies en
gemeenten en overige subsidies.
Niet eerder genoemde bedrijfsopbrengsten
Niet eerder genoemde bedrijfsopbrengsten naast netto omzet en subsidies.
Dit betreft onder andere ontvangen ziekengelden en vergoedingen voor uitleen personeel.
Bedrijfskosten
De kosten die zijn gemaakt om de bedrijfsopbrengsten te realiseren, te weten de inkoopwaarde van de omzet, de arbeidskosten, de afschrijvingen op vaste activa en de zogenaamde overige bedrijfskosten.
Overige bedrijfskosten
De bedrijfskosten die niet betrekking hebben op de arbeidskosten en de afschrijvingen op vaste activa.
Het gaat hier met name om overige personeelskosten, de kosten van energieverbruik, huisvesting, machines/installaties/inventaris en dergelijke, vervoermiddelen, verkoopkosten, communicatiekosten, kosten van dienstverlening door derden en overige bedrijfskosten die niet apart zijn gespecificeerd.
Totaal overige bedrijfskosten
Overige personeelskosten
De betalingen voor uitzendkrachten, gedetacheerd en ingeleend personeel, opleidingskosten, kosten van werving en selectie van personeel, kosten van kantine, arbodiensten, bedrijfskleding, jubilea, personeelsfeestjes en dergelijke.
Totaal overige personeelskosten
Kosten uitzendkrachten en overige inleen
Betalingen voor uitzendkrachten, gedetacheerd personeel en overig
ingeleend personeel. Dit betreffen met name personen die ingeschreven
zijn bij een uitzendbureau of een ander bedrijf en die met dat bedrijf
een arbeidsverhouding zijn aangegaan tot het verrichten van werkzaamheden
op tijdelijke basis voor derden. Er is geen sprake van inleen bij het
ontbreken van een gezagsverhouding, zoals externe functionarissen
(bijvoorbeeld accountants of automatiseerders) die tijdelijk in het
bedrijf bepaalde diensten verrichten.
Niet eerder genoemde personeelskosten
Kosten opleidingen verzorgd door derden en overige personeelskosten zoals
kosten kantine, arbodiensten, werving.
Niet eerder genoemde bedrijfskosten
Personeel
Werkzame personen
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.
Tot de werkzame personen behoren alle personen die betaalde arbeid verrichten, ook al is het maar voor één of enkele uren per week, ook als zij:
- arbeid verrichten die op zichzelf genomen legaal is, maar waarvan de beloning aan de registratie door fiscus of sociale zekerheidsautoriteiten wordt onttrokken ('zwarte arbeid');
- tijdelijk geen arbeid verrichten, maar wel doorbetaald krijgen (bijvoorbeeld bij ziekte of vorstverlet);
- tijdelijk onbetaald verlof hebben opgenomen.
Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
Uitzendkrachten, gedetacheerd personeel en overig ingeleend personeel worden bij dit onderzoek tot de bij het bedrijf werkzame personen gerekend.
Overige werkzame personen
Overige werkzame personen naast werknemers. Dit betreffen uitzendkrachten, gedetacheerd personeel, overig ingeleend personeel en niet in loondienst zijnde medewerkende eigenaren en/of medewerkende familieleden, firmanten en vennoten.
Arbeidsjaren werkzame personen
Een maatstaf voor het arbeidsvolume, die wordt berekend door alle banen (voltijd en deeltijd) om te rekenen naar voltijdbanen, ook wel voltijdequivalenten (vte) genoemd.
Zo leveren twee halve banen (elk 0,5 vte) samen een arbeidsvolume van één arbeidsjaar op.
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.
Tot de werkzame personen behoren alle personen die betaalde arbeid verrichten, ook al is het maar voor één of enkele uren per week, ook als zij:
- arbeid verrichten die op zichzelf genomen legaal is, maar waarvan de beloning aan de registratie door fiscus of sociale zekerheidsautoriteiten wordt onttrokken ('zwarte arbeid');
- tijdelijk geen arbeid verrichten, maar wel doorbetaald krijgen (bijvoorbeeld bij ziekte of vorstverlet);
- tijdelijk onbetaald verlof hebben opgenomen.
Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
Uitzendkrachten, gedetacheerd personeel en overig ingeleend personeel worden bij dit onderzoek tot de bij het bedrijf werkzame personen gerekend.
Arbeidsjaren overige werkzame personen
Arbeidsjaren van overige werkzame personen naast werknemers. Dit betreffen uitzendkrachten, gedetacheerd personeel, overig ingeleend personeel en niet in loondienst zijnde medewerkende eigenaren en/of medewerkende familieleden, firmanten en vennoten.
Bedrijven naar activiteit
Een bedrijf kan meerdere activiteiten uitvoeren, waardoor de som van het
aantal bedrijven over de verschillende activiteiten groter kan zijn dan
het werkelijke aantal bedrijven.
Overige activiteiten