Research en development; financiering, 1999-2009

Research en development; financiering, 1999-2009

Herkomst middelen Perioden Bestemming middelen R&D uitbesteed aan het buitenland (mln euro) Nationale uitgaven aan R&D (mln euro)
Herkomst totaal 2009 926 10.205
Bedrijven 2009 905 5.604
Overheid 2009 21 4.138
Hoger onderwijsinstellingen 2009 0 30
Private non-profitorganisaties 2009 0 432
Buitenland 2009
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over de herkomst en bestemming van middelen voor het (laten) verrichten van research en development (R&D) door in Nederland gevestigde bedrijven en instellingen.

Bij de bestemming van de middelen worden de verschillende binnenlandse uitvoerders van R&D onderscheiden (bedrijven, instellingen en het Hoger onderwijs). Daarnaast is ook het buitenland als bestemming van R&D-gelden
onderscheiden. De bestemming van middelen van de in Nederland gevestigde bedrijven en instellingen telt uiteindelijk op tot de nationale uitgaven aan R&D (in termen van de Frascati manual: Gross National expenditure on R&D (GNERD)).

Bij de herkomst van R&D-gelden worden de belangrijkste binnenlandse opdrachtgevers onderscheiden, waaronder de rijksoverheid als meer algemene geldverstrekker voor het verrichten van R&D. Ook financiering vanuit het buitenland is apart onderscheiden. De herkomst van middelen telt uiteindelijk op tot de R&D-uitgaven voor met eigen personeel verrichte R&D
in Nederland (in termen van de Frascati manual: Gross domestic expenditure on R&D (GERD)).

Het verschil tussen de R&D-uitgaven van in Nederland gevestige bedrijven en instellingen aan met eigen personeel verrichte R&D en de daadwerkelijke nationale uitgaven aan R&D, is het saldo van de uit het buitenland ontvangen middelen voor het verrichten van R&D én de aan het buitenland verstrekte middelen voor het uitvoeren van R&D.
Voorbeeld: in 1999 bedroegen de totale R&D-uitgaven aan met eigen personeel verrichte R&D in Nederland 7646 mln euro (GERD). De middelen hiervoor waren voor 844 mln euro afkomstig uit het buitenland. Echter, in Nederland gevestigde bedrijven en instellingen besteedden in 1999 ook voor 431 mln euro R&D uit aan het buitenland. De totale nationale uitgaven aan R&D in 1999 bedroegen dus 7646-844+431 = 7234 mln euro (GNERD).

Gegevens beschikbaar vanaf: 1999
De gegevens worden eens in de twee jaar samengesteld (voor de oneven jaren).

Status van de cijfers:
De cijfers zijn definitief.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Deze tabel is stopgezet per 28-5-2013 en voortgezet als "Research and development; financiering uitgaven per sector van uitvoering". Zie ook paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Bestemming middelen
R&D uitbesteed aan het buitenland
R&D uitbesteed aan het buitenland: De door in Nederland gevestigde
bedrijven en instellingen aan in het buitenland gevestigde bedrijven en
instellingen uitbestede R&D.
Dit kunnen ook in het buitenland gevestigde dochterondernemingen van een
Nederlandse multinationale onderneming zijn.
Nationale uitgaven aan R&D
Nationale uitgaven aan R&D: De door in Nederland gevestigde bedrijven en
instellingen bestede middelen voor het (laten) verrichten van R&D in
Nederland én het buitenland. Dit omvat dus wél de in het buitenland
verrichte R&D gefinancierd door in Nederland gevestigde bedrijven en
instellingen.
Het omvat niét de in Nederland verrichte R&D gefinancierd door in het
buitenland gevestigde bedrijven en instellingen.
De totale nationale uitgaven van een land aan R&D worden internationaal
aangeduid met Gross national expenditure on R&D (GNERD. Zie link in
paragraaf 4 van de tabeltoelichting.