Gebieden in Nederland 2011

Tabeltoelichting


In deze tabel wordt een relatie gelegd tussen de gemeentelijke indeling (het laagste bestuurlijk niveau in Nederland) op 1 januari 2011 en diverse onderverdelingen van het Nederlands grondgebied op bovengemeentelijk niveau.

Met de informatie uit deze tabel kunnen cijfers van gemeenten bij elkaar worden opgeteld, zodat ook cijfers op bovengemeentelijk niveau kunnen worden berekend.
De tabel is opgebouwd uit:
- Landelijk dekkende gebieden. Deze gebieden zijn meestal opgebouwd uit gemeenten die samen het hele land dekken, bijvoorbeeld provincies en COROP-gebieden.
- Niet-landelijk dekkende gebieden. Deze gebieden bestaan uit gemeenten die samen niet het hele land dekken, bijvoorbeeld stadsgewesten.
- Gebieden ingedeeld naar grootteklasse (op basis van inwonertal) en mate van stedelijkheid (op basis van omgevingsadressendichtheid).

Per gemeente wordt in de tabel vermeld van welke bovengemeentelijke gebieden de gemeente deel uitmaakt. Anderzijds kunnen bij de landsdelen, provincies en COROP-gebieden de bijbehorende gemeenten worden gezocht.
Verder zijn per gemeente twee statistische gegevens aan de tabel toegevoegd: inwonertal en omgevingsadressendichtheid.

Gegevens beschikbaar over 2011.

Status van de cijfers:
De gegevens zijn definitief.

Wijzigingen per 18 december 2020:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Lokaliseringen van gemeenten
Dit onderdeel bevat informatie over de relatie tussen de gemeentelijke indeling (het laagste bestuurlijk niveau) en diverse onderverdelingen van het Nederlandse grondgebied op bovengemeentelijk niveau.
Niet-landelijk dekkende gebieden
In deze rubriek zijn lokaliseringen van gemeenten naar gebiedsindelingen opgenomen die betrekking hebben op een deel van het Nederlandse grondgebied.
Grootstedelijke agglomeraties
Lokalisering van gemeenten per grootstedelijke agglomeratie. Stedelijk gebied gevormd door aaneengesloten bebouwing (woon- en werkgebied). De huidige indeling in grootstedelijke agglomeraties is geïntroduceerd in 2000 en is niet landelijk dekkend. Nederland telt 22 grootstedelijke agglomeraties.
Code
Codes (01 t/m 22) van de grootstedelijke agglomeraties.
Naam
Namen van de grootstedelijke agglomeraties.
Grootte en stedelijkheid van gemeenten
Dit onderdeel bevat de indeling van gemeenten naar gemeentegrootte, op basis van inwonertal, en de indeling naar stedelijkheid, op basis van de omgevingsadressendichtheid.
Stedelijkheid
De indeling van gemeenten naar stedelijkheid is gebaseerd op de omgevingsadressendichtheid van de gemeente. Allereerst is voor ieder adres binnen een gemeente de adressendichtheid vastgesteld van een gebied met een straal van 1 km rondom dat adres. De omgevingsadressendichtheid van een gemeente is de gemiddelde waarde hiervan voor alle adressen binnen die gemeente. De vijf stedelijkheidsklassen zijn gebaseerd op klassegrenzen van 2500, 1500, 1000 en 500 adressen per km².
De volgende klassen worden onderscheiden:
Zeer sterk stedelijk (omgevingsadressendichtheid van 2500 of meer)
Sterk stedelijk (omgevingsadressendichtheid van 1500 tot 2500)
Matig stedelijk (omgevingsadressendichtheid van 1000 tot 1500)
Weinig stedelijk (omgevingsadressendichtheid van 500 tot 1000)
Niet stedelijk (omgevingsadressendichtheid van minder dan 500)
Meer informatie is opgenomen in de Maandstatistiek van de bevolking, juli 1992, en het Statistisch magazine nr. 3, 1992.
Code
Voorlopige codes (1 t/m 5) van de stedelijkheidsklassen van gemeenten.
Omschrijving
Omschrijvingen van de stedelijkheidsklassen van gemeenten.