Werkzame beroepsbevolking; gemiddeld inkomen (2005-2012)

Werkzame beroepsbevolking; gemiddeld inkomen (2005-2012)

Positie in de werkkring Geslacht Arbeidsduur Persoonskenmerken Perioden Aantal personen 15 tot 65 jaar (x 1 000) Gemiddeld persoonlijk primair inkomen (x 1 000 euro) Gemiddeld persoonlijk inkomen (x 1 000 euro) Gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (x 1 000 euro)
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 3.308 49,6 41,2 26,9
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 1.966 45,8 38,7 31,7
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 316 16,1 15,3 24,5
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 143 15,1 17,9 27,5
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 1.121 34,4 29,1 27,1
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 589 33,0 29,1 30,8
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 1.871 64,4 52,8 27,2
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 1.235 55,5 45,8 32,6
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 1.848 63,6 52,4 26,4
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 1.060 55,5 46,8 31,4
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 15 . . .
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 24 20,3 34,5 26,8
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 193 46,2 39,9 25,7
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 149 40,8 38,1 29,1
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 1.641 66,0 54,0 26,6
Totaal werkzame beroepsbevolking Mannen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 887 58,9 48,6 32,0
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 1.460 31,9 27,1 27,5
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 907 34,5 29,3 32,0
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 302 15,8 14,6 24,7
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 119 14,0 14,5 27,6
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 927 32,0 26,9 27,3
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 440 30,3 26,1 31,4
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 231 53,0 44,2 31,7
Totaal werkzame beroepsbevolking Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 348 46,8 38,5 34,4
Werknemers Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 2.739 51,0 41,2 26,7
Werknemers Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 1.679 47,3 38,8 31,3
Werknemers Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 289 16,4 15,3 24,5
Werknemers Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 126 15,1 17,3 26,8
Werknemers Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 993 35,4 29,3 27,0
Werknemers Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 521 34,1 29,3 30,7
Werknemers Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 1.457 68,6 54,5 27,0
Werknemers Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 1.032 57,9 46,3 32,2
Werknemers Mannen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 1.466 67,1 53,6 26,3
Werknemers Mannen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 876 58,3 47,5 31,1
Werknemers Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 10 . . .
Werknemers Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 18 . . .
Werknemers Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 157 49,0 40,7 25,6
Werknemers Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 121 44,3 39,0 29,4
Werknemers Mannen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 1.299 69,7 55,4 26,4
Werknemers Mannen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 738 61,5 49,2 31,6
Werknemers Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 1.273 32,5 27,0 27,2
Werknemers Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 803 35,2 29,4 31,5
Werknemers Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 279 16,2 14,9 24,6
Werknemers Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 109 14,4 14,6 27,0
Werknemers Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 836 32,8 27,2 27,2
Werknemers Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 400 31,0 26,3 31,0
Werknemers Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 158 59,9 47,5 31,7
Werknemers Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 294 48,7 39,0 33,9
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 2.428 53,3 42,7 27,1
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 1.404 50,2 40,7 32,1
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 234 17,3 15,9 24,9
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 94 16,1 17,3 27,5
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 872 36,8 30,1 27,4
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 425 36,4 30,7 31,7
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 1.321 70,6 55,8 27,3
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 885 60,5 48,1 32,7
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 1.320 69,4 55,0 26,7
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 753 61,3 49,4 31,8
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 7 . . .
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 10 . . .
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 132 52,7 42,9 26,5
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 94 49,2 42,1 30,8
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 1.182 71,5 56,5 26,7
Werknemers vaste arbeidsrelatie Mannen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 649 63,7 50,7 32,0
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 1.107 34,1 28,0 27,6
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 651 37,3 30,7 32,4
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 228 17,1 15,5 24,9
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 84 15,3 15,2 27,6
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 741 33,9 27,9 27,5
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 330 32,8 27,4 31,9
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 139 63,2 49,7 32,6
Werknemers vaste arbeidsrelatie Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 237 51,6 41,0 34,8
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 311 33,4 29,7 23,7
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 275 32,2 29,2 27,6
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 55 12,3 12,6 22,9
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 32 12,1 17,2 24,6
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 120 25,2 23,1 24,0
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 96 23,9 22,9 26,1
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 136 49,4 42,5 23,7
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen en vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 147 42,1 35,9 29,1
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 145 46,7 40,9 22,7
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 123 39,5 36,0 27,3
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 4 . . .
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 8 . . .
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 25 29,6 28,8 20,6
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 26 26,9 27,9 24,5
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 117 51,5 44,2 23,3
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Mannen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 89 45,5 38,9 28,5
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 166 21,9 19,9 24,5
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 151 26,3 23,6 27,8
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 51 12,2 12,1 23,1
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 24 11,3 12,9 24,9
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 95 24,0 21,6 24,9
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen 20 tot 35 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 69 22,8 21,0 26,7
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van ouderpaar 2012* 20 36,9 32,1 26,1
Werknemers flexibele arbeidsrelatie Vrouwen 35 uur of meer per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 58 36,9 31,2 30,2
Zelfstandigen Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van ouderpaar 2012* 569 42,7 41,1 27,8
Zelfstandigen Mannen en vrouwen Totaal arbeidsduur Lid van paar (geen ouder) 2012* 287 37,4 38,1 34,0
Zelfstandigen Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van ouderpaar 2012* 27 13,0 15,3 24,8
Zelfstandigen Mannen en vrouwen 12 tot 20 uur per week Lid van paar (geen ouder) 2012* 17 . . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel vindt u jaarcijfers over het gemiddeld persoonlijk primair inkomen, het gemiddeld persoonlijk inkomen en het gemiddeld gestandaardiseerd inkomen van de werkzame beroepsbevolking. Deze inkomensgegevens worden verbijzonderd naar de positie in de werkkring, geslacht, arbeidsduur, leeftijd, herkomst, onderwijsniveau, positie in het huishouden en beroepsniveau. De gegevens in deze tabel zijn gebaseerd op een verrijking van gegevens van de Enquête beroepsbevolking (EBB) met inkomensgegevens van de Inkomensstatistiek.

Gegevens beschikbaar van 2005 tot en met 2012.

Status van de cijfers:
Op 26 februari 2015 zijn nieuwe gereviseerde tabellen over de beroepsbevolking gepubliceerd. Deze revisie van de statistieken van de beroepsbevolking heeft twee onderdelen. De definities zijn aangepast aan de internationaal afgesproken definities en de gegevensverzameling is verbeterd door als eerste statistiekbureau in Europa te enquêteren via internet. Voor meer informatie over de revisie, zie de link naar de persmededeling in paragraaf 3.

Wijzigingen per 29 januari 2016:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wijzigingen per 21 maart 2014:
De voorlopige cijfers over 2011 zijn vervangen door definitieve uitkomsten 2011. De voorlopige cijfers over 2012 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Deze tabel is stopgezet. Een link naar de vervanger van deze tabel staat in paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Aantal personen 15 tot 65 jaar
Gemiddeld persoonlijk primair inkomen
Het persoonlijk primair inkomen omvat inkomen uit arbeid en inkomen uit
eigen onderneming. Omdat inkomen uit vermogen niet altijd eenduidig is toe
te rekenen aan de afzonderlijke personen binnen een huishouden is dit
bestanddeel in het persoonlijk primair inkomen buiten beschouwing gelaten.
Inkomen uit arbeid bestaan uit loon, salaris, tantième, spaarloon en uit
de beloning van arbeid die niet in dienstbetrekking is verricht. Ook
beloningen in natura (de waarde van het privé gebruik van de auto van de
werkgever) zijn hiertoe gerekend. Inkomen uit arbeid omvat ook loon dat
vanuit het buitenland is ontvangen. Het weergegeven bedrag is inclusief de
werknemers- en werkgeversbijdrage in de premies voor de sociale
verzekeringen.
Inkomen uit eigen onderneming bestaat uit het fiscale resultaat uit
onderneming vermeerderd met het bedrag van de investeringsaftrek.
Gemiddeld persoonlijk inkomen
Het persoonlijk inkomen bestaat uit het persoonlijk bruto-inkomen
verminderd met premies inkomensverzekeringen met uitzondering
van premies volksverzekeringen. Op het persoonlijk inkomen zijn
premies ziektekostenverzekering, belastingen op inkomen en
vermogen en premies volksverzekeringen niet in mindering gebracht,
omdat deze bestanddelen niet altijd eenduidig toe te rekenen zijn
aan de afzonderlijke personen binnen een huishouden.
Gemiddeld gestandaardiseerd inkomen
Het gestandaardiseerd inkomen is het besteedbaar huishoudensinkomen
gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het
huishouden. Deze correctie vindt plaats met behulp van zogenoemde
equivalentiefactoren. In de equivalentiefactor komen de
schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg zijn van het voeren
van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van de
equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen
van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze zijn de welvaartsniveaus
van huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt. Omdat welvaart
door individuen ervaren wordt, wordt het gestandaardiseerde
inkomen aan elk van de leden van het huishouden toegekend.
Het besteedbaar inkomen bestaat uit het bruto-inkomen verminderd
met betaalde inkomensoverdrachten zoals alimentatie van de
ex-echtgeno(o)t(e), premies inkomensverzekeringen zoals premies
betaald voor sociale verzekeringen, volksverzekeringen en
particuliere verzekeringen in verband met werkloosheid,
arbeidsongeschiktheid en ouderdom en nabestaanden, premies
ziektekostenverzekeringen, en belastingen op inkomen en vermogen.