Personen met een uitkering; kenmerken, 2007-2015 september

Personen met een uitkering; kenmerken, 2007-2015 september

Geslacht Leeftijd Herkomstgroepering Perioden Uitkeringsontvangers, totaal (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Werkloosheid (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd Bijstand en bijstandsgerelateerd, totaal (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd Bijstandsuitkering (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd IOAW-uitkering (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd IOAZ-uitkering (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd WWIK-uitkering (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Arbeidsongeschiktheid Arbeidsongeschiktheid, totaal (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Arbeidsongeschiktheid WAO-uitkering (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Arbeidsongeschiktheid WIA-uitkering: regeling WGA (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Arbeidsongeschiktheid WIA-uitkering: regeling IVA (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Arbeidsongeschiktheid WAZ-uitkering (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering Arbeidsongeschiktheid Wajong-uitkering (aantal personen) Uitkeringsontvangers per soort uitkering AOW (aantal personen)
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 januari 1.467.280 279.340 414.830 379.840 12.340 2.300 3.040 798.630 507.950 61.740 21.130 31.590 184.220 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 februari 1.470.890 277.790 420.790 385.060 12.530 2.310 3.110 797.640 504.830 63.000 21.730 31.240 184.860 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 maart 1.466.390 267.250 425.070 388.920 12.760 2.270 3.150 798.930 502.300 64.970 22.330 30.980 186.450 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 april 1.461.670 259.760 428.370 391.900 12.910 2.270 3.210 797.960 499.120 66.240 22.950 30.650 187.050 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 mei 1.460.650 257.870 429.100 392.450 13.040 2.280 3.250 798.040 496.100 67.820 23.630 30.360 188.270 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 juni 1.458.960 255.020 429.820 393.040 13.200 2.270 3.290 798.400 493.510 69.230 24.190 30.060 189.530 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 juli 1.458.280 253.910 430.520 393.780 13.280 2.270 3.300 797.580 490.200 70.360 24.660 29.760 190.590 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 augustus 1.451.070 248.100 431.770 394.890 13.420 2.240 3.310 794.610 486.050 71.370 25.400 29.350 190.290 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 september 1.448.200 243.560 432.240 395.080 13.590 2.230 3.460 795.630 483.710 73.190 26.140 29.100 191.390 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 oktober 1.451.370 243.480 434.440 397.070 13.650 2.250 3.600 796.580 481.430 74.740 26.810 28.880 192.550 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 november 1.461.100 250.560 435.610 398.190 13.670 2.210 3.610 798.260 479.470 76.590 27.620 28.710 193.780 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 december 1.482.350 268.520 440.070 402.400 13.790 2.220 3.570 797.020 476.760 77.420 27.890 28.400 194.190 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 januari 992.570 203.190 178.480 155.290 9.710 1.960 2.040 629.030 396.590 43.290 16.370 28.430 151.460 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 februari 993.830 202.520 181.230 157.590 9.840 1.970 2.080 628.000 394.080 44.150 16.850 28.120 151.920 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 maart 987.780 194.340 182.320 158.430 10.020 1.930 2.100 628.690 392.000 45.530 17.280 27.890 153.170 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 april 982.120 188.580 183.190 159.170 10.130 1.930 2.120 627.580 389.360 46.410 17.760 27.590 153.620 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 mei 980.760 187.230 183.430 159.290 10.230 1.930 2.140 627.250 386.850 47.510 18.280 27.330 154.510 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 juni 978.770 185.300 183.370 159.110 10.350 1.920 2.160 627.180 384.700 48.480 18.690 27.060 155.450 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 juli 978.950 185.540 183.470 159.210 10.410 1.910 2.160 626.610 382.330 49.300 19.070 26.790 156.260 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 augustus 972.450 181.180 183.840 159.450 10.530 1.890 2.180 623.840 378.950 49.950 19.620 26.410 155.900 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 september 969.260 177.280 184.010 159.400 10.680 1.880 2.290 624.210 377.020 51.180 20.170 26.170 156.690 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 oktober 970.410 176.880 185.030 160.320 10.710 1.900 2.380 624.640 375.220 52.220 20.670 25.980 157.530 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 november 977.010 182.580 185.140 160.420 10.720 1.870 2.380 625.570 373.590 53.510 21.280 25.830 158.380 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Autochtoon 2010 december 991.870 196.730 187.040 162.120 10.810 1.880 2.360 624.400 371.460 54.060 21.500 25.540 158.650 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 januari 463.470 75.370 235.120 223.350 2.630 340 1.000 160.360 103.910 17.820 4.120 2.870 32.500 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 februari 465.850 74.440 238.270 226.220 2.690 340 1.020 160.510 103.400 18.220 4.250 2.830 32.680 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 maart 467.300 72.150 241.280 229.070 2.730 340 1.050 161.140 103.010 18.790 4.390 2.800 33.020 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 april 468.450 70.590 243.700 231.300 2.780 350 1.090 161.340 102.560 19.180 4.510 2.780 33.170 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 mei 469.990 70.040 245.380 232.890 2.810 350 1.110 161.780 102.110 19.650 4.650 2.750 33.500 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 juni 470.330 69.150 246.130 233.630 2.860 360 1.130 162.240 101.710 20.070 4.780 2.730 33.820 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 juli 469.820 67.900 246.890 234.420 2.870 350 1.130 162.090 100.920 20.370 4.870 2.700 34.080 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 augustus 469.120 66.450 247.730 235.250 2.880 350 1.140 161.940 100.220 20.710 5.030 2.680 34.140 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 september 469.310 65.760 247.970 235.430 2.910 350 1.170 162.570 99.850 21.270 5.190 2.660 34.450 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 oktober 471.210 66.030 249.090 236.450 2.940 350 1.220 163.090 99.410 21.770 5.320 2.640 34.770 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 november 474.160 67.290 250.100 237.400 2.950 350 1.230 163.840 99.130 22.300 5.490 2.620 35.140 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Allochtoon 2010 december 480.440 70.960 252.610 239.870 2.980 340 1.210 163.840 98.620 22.590 5.550 2.590 35.290 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 januari 150.490 31.930 49.330 44.850 1.490 200 700 71.850 47.560 6.460 2.070 2.100 14.230 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 februari 150.720 31.620 49.990 45.390 1.520 200 710 71.740 47.250 6.580 2.130 2.080 14.270 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 maart 150.220 30.590 50.390 45.750 1.550 200 730 71.830 46.990 6.780 2.190 2.050 14.380 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 april 149.820 29.870 50.750 46.040 1.570 200 760 71.750 46.700 6.910 2.240 2.030 14.410 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 mei 149.840 29.740 50.920 46.170 1.600 200 770 71.720 46.400 7.080 2.310 2.010 14.490 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 juni 149.550 29.410 50.930 46.160 1.610 210 780 71.750 46.140 7.240 2.360 1.990 14.570 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 juli 149.160 29.000 50.990 46.220 1.640 210 790 71.640 45.820 7.350 2.410 1.970 14.640 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 augustus 148.410 28.400 51.120 46.350 1.650 210 790 71.340 45.380 7.440 2.490 1.950 14.620 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 september 148.100 27.950 51.150 46.350 1.660 210 820 71.430 45.130 7.640 2.560 1.940 14.710 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 oktober 148.450 28.120 51.300 46.450 1.690 210 860 71.460 44.850 7.810 2.620 1.910 14.800 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 november 149.370 28.820 51.420 46.570 1.690 210 870 71.570 44.650 7.970 2.710 1.900 14.890 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Westers allochtoon 2010 december 151.280 30.520 51.780 46.910 1.710 200 860 71.410 44.350 8.060 2.730 1.880 14.920 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 januari 312.980 43.450 185.800 178.500 1.150 130 300 88.510 56.360 11.360 2.060 760 18.270 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 februari 315.120 42.820 188.280 180.840 1.170 140 310 88.770 56.150 11.630 2.120 760 18.410 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 maart 317.080 41.570 190.900 183.330 1.190 140 320 89.310 56.020 12.010 2.200 750 18.640 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 april 318.630 40.720 192.960 185.260 1.210 150 330 89.590 55.860 12.270 2.270 750 18.770 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 mei 320.150 40.290 194.460 186.730 1.220 150 350 90.060 55.710 12.570 2.350 740 19.010 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 juni 320.770 39.740 195.200 187.470 1.250 150 350 90.490 55.570 12.840 2.420 740 19.240 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 juli 320.660 38.890 195.910 188.200 1.230 150 350 90.450 55.100 13.010 2.450 730 19.440 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 augustus 320.710 38.050 196.610 188.900 1.230 140 350 90.600 54.840 13.270 2.540 730 19.520 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 september 321.220 37.810 196.820 189.080 1.250 140 350 91.140 54.720 13.630 2.630 720 19.740 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 oktober 322.760 37.920 197.790 189.990 1.260 140 360 91.630 54.560 13.970 2.700 720 19.980 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 november 324.790 38.470 198.680 190.840 1.260 140 360 92.260 54.490 14.330 2.780 720 20.250 .
Totaal mannen en vrouwen Totaal leeftijd Niet-westers allochtoon 2010 december 329.160 40.440 200.830 192.950 1.280 140 350 92.430 54.270 14.540 2.820 710 20.370 .
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 januari 1.413.120 278.560 370.860 336.140 12.300 2.290 3.030 789.210 500.330 61.110 20.490 31.290 183.950
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 februari 1.416.430 276.960 376.400 340.950 12.490 2.300 3.110 788.380 497.350 62.370 21.100 30.940 184.600
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 maart 1.411.630 266.490 380.220 344.370 12.710 2.270 3.150 789.770 494.960 64.320 21.670 30.690 186.190
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 april 1.406.790 259.170 383.190 347.010 12.870 2.260 3.210 788.840 491.840 65.590 22.270 30.370 186.790
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 mei 1.406.680 257.260 384.810 348.440 13.000 2.270 3.250 788.960 488.900 67.150 22.930 30.080 188.010
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 juni 1.404.960 254.440 385.460 348.950 13.170 2.260 3.290 789.330 486.340 68.550 23.470 29.780 189.260
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 juli 1.403.980 253.430 385.620 349.130 13.240 2.260 3.300 788.660 483.210 69.660 23.930 29.490 190.330
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 augustus 1.396.680 247.620 386.730 350.090 13.380 2.240 3.310 785.750 479.130 70.650 24.660 29.080 190.030
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 september 1.393.610 243.040 387.050 350.130 13.560 2.220 3.460 786.750 476.850 72.440 25.350 28.830 191.130
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 oktober 1.396.460 242.900 388.980 351.880 13.620 2.240 3.600 787.700 474.610 73.990 25.990 28.610 192.300
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 november 1.405.850 249.870 389.930 352.760 13.640 2.210 3.610 789.390 472.700 75.810 26.770 28.440 193.520
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Totaal herkomstgroepering 2010 december 1.426.730 267.680 394.090 356.680 13.750 2.210 3.570 788.210 470.060 76.660 27.050 28.130 193.940
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 januari 988.060 203.190 174.100 150.950 9.690 1.960 2.040 628.900 396.470 43.290 16.370 28.430 151.450
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 februari 989.290 202.520 176.780 153.170 9.830 1.970 2.080 627.920 394.000 44.150 16.850 28.110 151.920
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 maart 983.240 194.340 177.820 153.970 10.010 1.930 2.100 628.650 391.970 45.530 17.280 27.890 153.170
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 april 977.510 188.580 178.630 154.650 10.120 1.920 2.120 627.530 389.310 46.410 17.760 27.590 153.620
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 mei 976.110 187.230 178.830 154.730 10.210 1.920 2.140 627.200 386.810 47.510 18.280 27.330 154.510
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 juni 974.090 185.290 178.770 154.550 10.330 1.910 2.160 627.110 384.650 48.480 18.690 27.050 155.450
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 juli 974.310 185.540 178.860 154.650 10.400 1.910 2.160 626.590 382.310 49.300 19.060 26.790 156.250
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 augustus 967.800 181.180 179.220 154.870 10.520 1.890 2.180 623.820 378.930 49.950 19.620 26.410 155.900
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 september 964.620 177.280 179.390 154.820 10.670 1.880 2.290 624.190 377.010 51.180 20.160 26.170 156.680
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 oktober 965.760 176.870 180.390 155.730 10.700 1.890 2.380 624.620 375.210 52.220 20.670 25.970 157.520
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 november 972.360 182.570 180.500 155.820 10.710 1.860 2.380 625.560 373.580 53.510 21.280 25.830 158.380
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Autochtoon 2010 december 987.180 196.730 182.370 157.500 10.790 1.870 2.360 624.380 371.440 54.060 21.500 25.530 158.650
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 januari 425.060 75.370 196.760 185.190 2.600 330 1.000 160.310 103.860 17.820 4.120 2.870 32.490
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 februari 427.150 74.440 199.620 187.780 2.660 340 1.020 160.460 103.350 18.220 4.250 2.830 32.680
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 maart 428.390 72.150 202.400 190.400 2.710 340 1.050 161.110 102.990 18.790 4.390 2.800 33.020
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 april 429.280 70.590 204.560 192.360 2.750 340 1.090 161.310 102.530 19.180 4.510 2.780 33.170
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 mei 430.570 70.030 205.980 193.710 2.790 350 1.110 161.760 102.090 19.650 4.650 2.750 33.500
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 juni 430.870 69.150 206.700 194.390 2.830 350 1.130 162.220 101.690 20.070 4.780 2.730 33.810
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 juli 429.680 67.900 206.760 194.480 2.840 350 1.130 162.080 100.900 20.370 4.870 2.700 34.080
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 augustus 428.890 66.450 207.510 195.220 2.860 350 1.140 161.930 100.210 20.710 5.030 2.680 34.140
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 september 428.990 65.760 207.660 195.310 2.890 340 1.170 162.550 99.840 21.270 5.190 2.660 34.450
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 oktober 430.700 66.030 208.590 196.150 2.920 340 1.220 163.080 99.400 21.770 5.320 2.640 34.770
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 november 433.480 67.290 209.420 196.930 2.930 340 1.230 163.830 99.130 22.300 5.490 2.620 35.140
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Allochtoon 2010 december 439.550 70.960 211.720 199.180 2.960 340 1.210 163.830 98.610 22.590 5.550 2.590 35.290
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Westers allochtoon 2010 januari 143.870 31.930 42.730 38.310 1.470 200 700 71.840 47.540 6.460 2.070 2.100 14.230
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Westers allochtoon 2010 februari 144.060 31.620 43.340 38.800 1.500 200 710 71.730 47.240 6.580 2.130 2.080 14.270
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Westers allochtoon 2010 maart 143.530 30.590 43.700 39.130 1.530 200 730 71.820 46.980 6.780 2.190 2.050 14.380
Totaal mannen en vrouwen Jonger dan AOW-leeftijd Westers allochtoon 2010 april 143.080 29.870 44.010 39.370 1.550 200 760 71.740 46.700 6.910 2.240 2.030 14.410
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


De tabel geeft inzicht in het aantal personen met een sociale zekerheidsuitkering. Deze personen kunnen zowel in Nederland als in het buitenland woonachtig zijn.
Het betreft uitkeringen voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid en bijstand, bijstandsgerelateerde uitkeringen en uitkeringen voor het algemeen ouderdomspensioen.
Het aantal personen dat een uitkering voor het algemeen ouderdomspensioen ontvangt is vanaf 2014 in de tabel opgenomen.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW- en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
De aantallen zijn uitgesplitst naar de persoonskenmerken geslacht, leeftijd en herkomstgroepering.

Gegevens beschikbaar vanaf Januari 2007.

Status van de cijfers:
De cijfers over de perioden 2007 t/m vierde kwartaal 2013 zijn definitief. De cijfers over het eerste kwartaal 2014 tot en met derde kwartaal 2015 zijn voorlopig.
Aangezien deze tabel is stopgezet, worden de gegevens niet meer definitief gemaakt.

Wijzigingen per 12 mei 2016:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
Deze tabel wordt opgevolgd door Personen met een uitkering; kenmerken uitkeringsontvangers (zie paragraaf 3).

Toelichting onderwerpen

Uitkeringsontvangers, totaal
Het totaal aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Werkloosheidswet (WW), een bijstandswet (Participatiewet, WWB), een bijstandsgerelateerde wet (IOAW, IOAZ, WWIK, Bbz), een arbeidsongeschiktheidswet (WAO, WIA, WAZ, Wajong, Wet Wajong) of de Algemene ouderdomswet (AOW).
Cijfers over het aantal personen dat een AOW-uitkering ontvangt zijn vanaf 2014 toegevoegd.
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering. In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.

In het totaal zijn ook personen met een uitkering meegeteld, waarvan onbekend is op grond van welke wet of regeling zij de uitkering ontvangen.
Uitkeringsontvangers per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en AOW-uitkeringen.
Cijfers over het aantal personen dat een AOW-uitkering ontvangt zijn vanaf 2014 toegevoegd.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering. In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.
Werkloosheid
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Werkloosheidwet (WW).
Het betreft hier de ontslagwerkloosheid. Bijzondere WW-uitkeringen als Tijdelijke werktijdverkorting, werkloos door meteorologische omstandigheden en faillissementsuitkeringen zijn buiten beschouwing gelaten.
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Werkloosheidswet (WW)
De WW biedt werknemers een (verplichte) verzekering tegen de financiële gevolgen van werkloosheid. De wet voorziet in een uitkering die gerelateerd is aan het laatstverdiende inkomen uit dienstbetrekking.
De duur van de uitkering is afhankelijk van het arbeidsverleden van de verzekerde.
Het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) beoordeelt of men voor een WW-uitkering in aanmerking komt.
Het recht op een WW-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
Bijstand en bijstandsgerelateerd
Personen die een uitkering ontvangen op grond van een bijstandswet of bijstandsgerelateerde wet.

Bijstandswetten zijn de Participatiewet (vanaf 2015) en de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014).
Bijstandsgerelateerde wetten zijn de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), de Wet werk en inkomen kunstenaars (WWIK) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz).
Personen met een uitkering in het kader van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) zijn uitsluitend opgenomen in het totaal aantal personen dat een bijstandsuitkering of bijstandsgerelateerde uitkering ontvangt.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.

Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz):
Het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) is ingesteld om een zelfstandige tijdelijk een uitkering te verstrekken totdat hij weer in zijn eigen levensbehoeften kan voorzien.
Degenen die in aanmerking komen voor het Bbz zijn gevestigde zelfstandigen die tijdelijk in financiële problemen verkeren, of startende zelfstandigen.
Daarnaast biedt het Bbz ook hulp aan oudere zelfstandigen met een niet-levensvatbaar bedrijf of hulp wanneer zelfstandigen hun bedrijf willen beëindigen.
Bijstand en bijstandsgerelateerd, totaal
Het totaal aantal personen dat een bijstandsuitkering (WWB, Participatiewet) of bijstandsgerelateerde uitkering (IOAW, IOAZ, WWIK, Bbz) ontvangt.
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) of de Participatiewet (vanaf 2015).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet werk en bijstand (WWB)
De WWB is een wettelijke sociale voorziening die op 1 januari 2004 in werking is getreden ter vervanging van de Algemene bijstandswet (Abw), de Wet inschakeling werkzoekenden (WIW) en het Besluit In- en Doorstroombanen (ID-banen).
Uitgangspunt van de wet is dat mensen zoveel mogelijk zelf in hun eigen onderhoud voorzien. De WWB regelt bijstand voor mensen die hiertoe niet in staat zijn en die geen beroep kunnen doen op een ander socialezekerheidswet.
Uitvoering van de wet ligt bij de gemeente, die naast financiële steun ook hulp biedt bij re-integratie in het arbeidsproces.
De WWB is per 1 januari 2015 op enkele punten aangepast en vervangen door de Participatiewet.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt per 1 januari 2015 de WWB, de Wet sociale werkvoorziening (WSW) en een deel van de Wet Wajong.
De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
Personen die door lichamelijke, verstandelijke of psychische aandoeningen alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken vallen vanaf 1 januari 2015 onder de Participatiewet en niet meer onder de WSW.
Ook jonggehandicapten die nog kunnen werken vallen vanaf die datum onder de Participatiewet en niet meer onder de Wet Wajong.

Wet sociale werkvoorziening (WSW)
Deze wet regelt aangepaste werkgelegenheid voor personen die door lichamelijke, verstandelijke of psychische aandoeningen alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken.
Toegang tot de wet is per 1 januari 2015 afgesloten, personen met een WSW-indicatie vallen van die datum onder de Participatiewet.
De WSW blijft bestaan voor personen die voor 15 mei 2011 een WSW-indicatie hadden.
Voor personen die na 15 mei 2011 een WSW-indicatie hebben gekregen geldt een overgangsregeling.
Een WSW-indicatie vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
IOAW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet inkomensvoorziening oudere gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW)
De IOAW biedt een inkomensgarantie op het niveau van het sociaal minimum aan oudere werkloze werknemers, van wie het recht op uitkering op grond van de Werkloosheidswet is geëindigd.
De wet is in werking getreden op 1 januari 1987 en is ingrijpend gewijzigd met ingang van 1 januari 1996.
Het recht op een IOAW-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
IOAZ-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ
De IOAZ biedt een inkomensgarantie op het niveau van het sociaal minimum aan gewezen zelfstandigen van 55 jaar en ouder, van wie het inkomen duurzaam minder bedraagt dan het sociaal minimum en die als gevolg daarvan het bedrijf of beroep hebben beëindigd.
De wet is in werking getreden op 1 januari 1987 en is ingrijpend gewijzigd met ingang van 1 januari 1996.
Het recht op een IOAZ-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
WWIK-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet werk en inkomen kunstenaars (WWIK).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet werk en inkomen kunstenaars (WWIK)
De WWIK was een wet die van kracht was van 1 januari 2005 tot 1 januari 2012.
Doel van de WWIK was kunstenaars bij aanvang en/of tijdens terugval in inkomsten financieel te ondersteunen voor maximaal vier jaar, vallend binnen een periode van tien jaar.
Alle personen die getoetst werden als scheppende, uitvoerende en toegepast werkende kunstenaar en (nog) niet in eigen behoefte konden voorzien, konden aanspraak maken op een WWIK- uitkering.
De wet volgde op de Wet inkomensvoorziening kunstenaars (WIK, 1999 tot 2005) en de Beeldende Kunstenaars Regeling (BKR, 1956 tot1987).
Arbeidsongeschiktheid
Personen die een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen.
Het gaat om uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ),
de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong).
Het recht op een uitkering op grond van een van bovengenoemde wetten vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering. In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.

Arbeidsongeschiktheid, totaal
Het totaal aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering (WAO, WIA, WAZ, Wajong, Wet Wajong) ontvangt.
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.
WAO-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)
De wet geeft werknemers die voor 1 januari 2004 arbeidsongeschikt zijn geworden recht op een loonvervangende uitkering, zolang zij minimaal 15% arbeidsongeschiktheid zijn.
De WAO is met ingang van 2005 vervangen door de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), maar blijft bestaan voor mensen die al een WAO-uitkering hadden of binnen 5 jaar na het beëindigen van de uitkering opnieuw arbeidsongeschikt worden door dezelfde oorzaak.
Het recht op een WAO-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
WIA-uitkering: regeling WGA
et aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) regeling Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA)
De WIA geeft werknemers die na een wachttijd van twee jaar nog minstens 35 procent arbeidsongeschikt zijn, recht op een uitkering. De wet is zó opgezet dat men gestimuleerd wordt om naar vermogen te werken.
De wet kent twee regelingen: de regeling Inkomensverzekering volledig arbeidsongeschikten (IVA) en de regeling Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA).
De IVA regelt een uitkering voor werknemers die langdurig en volledig arbeidsongeschikt zijn. De WGA geeft recht op een loonaanvullende uitkering als een werknemer gedeeltelijk arbeidsongeschikt is.
De WIA vervangt per 29 december 2005 de WAO.
Het recht op een WIA-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
WIA-uitkering: regeling IVA
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) regeling Inkomensverzekering volledig arbeidsongeschikten (IVA).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA)
De WIA geeft werknemers die na een wachttijd van twee jaar nog minstens 35 procent arbeidsongeschikt zijn, recht op een uitkering. De wet is zó opgezet dat men gestimuleerd wordt om naar vermogen te werken.
De wet kent twee regelingen: de regeling Inkomensverzekering volledig arbeidsongeschikten (IVA) en de regeling Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA).
De IVA regelt een uitkering voor werknemers die langdurig en volledig arbeidsongeschikt zijn. De WGA geeft recht op een loonaanvullende uitkering als een werknemer gedeeltelijk arbeidsongeschikt is.
De WIA vervangt per 29 december 2005 de WAO.
Het recht op een WIA-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
WAZ-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ)
De WAZ is een verplichte verzekering voor zelfstandigen, beroepsbeoefenaren, directeuren-grootaandeelhouders en meewerkende echtgenoten tegen de financiële gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid.
De WAZ is met ingang van 1 augustus 2004 geblokkeerd. Zelfstandigen die op of na die datum ziek worden, kunnen geen aanspraak meer maken op een uitkering in het kader van de WAZ. Voor de mensen, die al een WAZ-uitkering hadden, is er niets veranderd.
Het recht op een WAZ-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
Wajong-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) of de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong)
De Wajong is een wettelijke voorziening in de financiële gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid van mensen die geen aanspraak kunnen maken op de WAO/WIA omdat er geen arbeidsverleden is opgebouwd.
Dit zijn mensen die arbeidsongeschikt zijn voor de dag dat zij 17 jaar worden of na hun 17e jaar arbeidsongeschikt worden én een opleiding/studie volgen.
Vanaf 1 januari 2010 is de Wajong vervangen door de Wet Wajong. De Wajong blijft gelden voor jongeren die voor 1 januari 2010 een uitkering hebben aangevraagd.
Het recht op een Wajong-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.

Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong)
Met ingang van 1 januari 2010 is de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong) in werking getreden.
In tegenstelling tot de Wajong hebben jongeren met een ziekte of handicap in de eerste plaats recht op hulp bij het vinden en houden van werk. Daaraan gekoppeld kunnen ze een inkomensondersteuning krijgen.
Vanaf 2015 staat de Wet Wajong alleen nog open voor jonggehandicapten die duurzaam geen mogelijkheden hebben om deel te nemen aan het arbeidsproces.
Jonggehandicapten die nog kunnen werken, maar ondersteuning nodig hebben vallen vanaf die datum onder de Participatiewet en kunnen voor ondersteuning terecht bij de gemeente.
Het recht op een uitkering op grond van de Wet Wajong vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.
AOW
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van de Algemene ouderdomswet (AOW).
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd
De leeftijd waarop het recht op AOW-pensioen ingaat.
Tot 2013 was de AOW-gerechtigde leeftijd 65 jaar. Met ingang van 1 januari 2013 gaat deze leeftijd elk jaar met stappen van één of meerdere maanden omhoog.
Van 2013 tot 2016 wordt de AOW-gerechtigde leeftijd elk jaar met één maand verhoogd en is in 2013 65 jaar en één maand, in 2014 65 jaar en twee maanden en in 2015 65 jaar en drie maanden.
De AOW-gerechtigde leeftijd wordt vanaf 2016 in stappen van 3 maanden per jaar verhoogd en vanaf 2018 in stappen van 4 maanden.
Daarmee wordt de AOW-gerechtigde leeftijd 66 jaar in 2018 en 67 jaar in 2021. Vanaf 2022 wordt de AOW-gerechtigde leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting.