Bedrijven; naar economische activiteit (SBI 2008, 2006-2010

Bedrijven; naar economische activiteit (SBI 2008, 2006-2010

Bedrijfstakken/branches (SBI 2008) Perioden Totaal aantal bedrijven (aantal) Rechtsvorm Natuurlijke personen (aantal) Rechtsvorm Rechtspersonen (aantal)
0125 Teelt van overige vruchten 2010 0 0 0
0129 Teelt van overig meerjarig gewas 2010 0 0 0
0149 Overige fokkerij en houderij 2010 55 55 0
089 Winning van overige delfstoffen 2010 35 10 25
0899 Overige delfstoffenwinning (rest) 2010 30 5 25
099 Dienstverlening overige winning 2010 0 0 0
0990 Dienstenverlening overige winning 2010 0 0 0
108 Overige voedingsmiddelenindustrie 2010 490 180 305
1089 Overige voedingsmiddelenindustrie 2010 70 10 60
139 Overige textielproductenindustrie 2010 1.115 815 300
1399 Overige textielproductenindustrie 2010 275 245 30
1413 Overige bovenkledingindustrie 2010 1.020 910 110
1629 Overige hout- en rietwarenindustrie 2010 460 395 60
17129 Overige papier- en kartonindustrie 2010 5 0 5
1729 Overige papierwarenindustrie 2010 95 30 65
18129 Overige drukkerijen (rest) 2010 1.545 880 665
2013 Overige anorganische basischemie 2010 30 0 30
20149 Overige organische basischemie 2010 45 5 40
205 Overige chemische productenindustrie 2010 105 15 90
2059 Overige chemische industrie (rest) 2010 70 10 60
2219 Overige rubberproductenindustrie 2010 85 20 65
2229 Overige kunststofproductenindustrie 2010 520 170 350
2319 Overige glas- en glaswerkindustrie 2010 150 105 50
234 Overige keramische industrie 2010 235 190 45
2344 Overig technisch aardewerkindustrie 2010 0 0 0
2349 Overige keramische industrie (rest) 2010 5 0 0
2369 Overige beton-, gipswarenindustrie 2010 75 60 15
239 Overige minerale productenindustrie 2010 80 20 55
2399 Overige minerale productenindustrie 2010 65 15 50
2445 Overige non-ferrometaalindustrie 2010 0 0 0
2454 Overige non-ferrometaalgieterijen 2010 25 15 10
256 Overige metaalbewerkingsindustrie 2010 4.590 3.260 1.330
259 Overige metaalproductenindustrie 2010 830 450 380
2599 Overige metaalproductenindustrie 2010 620 375 245
2732 Overige elektrische kabelindustrie 2010 25 10 15
2752 Overige huishoudapparatenindustrie 2010 55 20 35
279 Overige elektr. apparatenindustrie 2010 315 200 115
2790 Overige elektr. apparatenindustrie 2010 315 200 115
282 Overige machine-industrie algemeen 2010 1.270 325 945
2829 Overige machine-industrie algemeen 2010 595 155 440
289 Overige machine-industrie specifiek 2010 700 150 550
2899 Overige machine-industrie specifiek 2010 325 75 250
30 Overige transportmiddelenindustrie 2010 1.205 715 490
309 Overige transportmiddelenindustrie 2010 165 95 70
3099 Overige transportmiddelenindustrie 2010 40 30 10
3109 Overige meubelindustrie 2010 1.795 1.455 340
32 Overige industrie 2010 3.520 2.460 1.060
329 Overige industrie 2010 445 235 210
32999 Overige industrie (rest) 2010 315 220 95
3317 Reparatie van overig transport 2010 15 5 10
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over het aantal bedrijven en instellingen naar
economische activiteit, gebaseerd op de Standaard Bedrijfsindeling 2008
(SBI 2008) onderverdeeld naar (sub)klassen van de SBI 2008). De bedrijven
zijn voorts ingedeeld naar bedrijfsgrootte op basis van het aantal werkzame
personen en naar rechtsvorm. Het aantal bedrijven is afgerond op een
veelvoud van vijf.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1 januari 2006

Status van de cijfers: definitief

Nieuwe versie:
Met ingang van het statistiekjaar 2008 wordt de nieuwe standaard
bedrijfsindeling 2008 gehanteerd. De reeks is teruggelegd tot en met 2006.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De tabel is per 20 april 2012 stopgezet.
Het samenstellen van de cijfers is in vergelijking met voorgaande jaren op twee belangrijke onderdelen gewijzigd:
- de statistische eenheid is veranderd.
- kleine bedrijven zijn opgenomen in het kader. Het urencriterium (15 uur) is losgelaten.
Genoemde wijzigingen zijn dusdanig ingrijpend dat de uitkomsten niet vergelijkbaar zijn met die van eerdere jaren en daarom is gestart met een nieuwe tabel waarin de cijfers zijn teruggelegd tot en met 2007.

Toelichting onderwerpen

Totaal aantal bedrijven
Het aantal bedrijven is afgerond op een veelvoud van vijf.
Bedrijf:
De feitelijke transactor in het productieproces gekenmerkt door
zelfstandigheid ten aanzien van de beslissingen over dat proces en door
het aanbieden van zijn producten aan derden.
Uit deze definitie en in het bijzonder uit het element zelfstandigheid
volgt dat een bedrijf meer dan één vestiging kan omvatten, maar ook meer
dan één juridische eenheid. (Onder juridische eenheden worden zowel
natuurlijke als rechtspersonen verstaan). Dit is het geval wanneer de
afzonderlijke vestigingen of juridische eenheden niet zelfstandig
opereren. Andersom komt het voor dat binnen een juridische eenheid
verschillende onderdelen te onderscheiden zijn die wat betreft de
productie zelfstandig opereren.
Deze vormen dan op grond van de definitie evenzovele bedrijven. Dit
laatste doet zich vooral voor bij grotere concerns met uiteenlopende
activiteiten. Wanneer een aldus gedefinieerde eenheid zich uitstrekt over
verschillende landen wordt ter wille van de nationale statistiek het
Nederlandse deel als een geheel bedrijf beschouwd.
In de officiële CBS-terminologie wordt het bedrijf zoals hier
gedefinieerd bedrijfseenheid (BE) genoemd, zodat geen verwarring kan
ontstaan met de term bedrijf uit het - in dit opzicht weinig precieze -
spraakgebruik.
De statistische eenheid bedrijf is een operationalisering van de
kind-of-activity unit, zoals gedefinieerd door Eurostat. Deze definitie
combineert twee eisen die strijdig kunnen zijn: bijdragen aan één
activiteit versus het overeenkomen met één of meer operationele eenheden.
Nederland geeft bij het operationaliseren naar de statistische eenheid
bedrijf prioriteit aan de tweede eis.
Rechtsvorm
Vorm van juridische eenheden die in het recht bekend is.
De navolgende rechtsvormen kunnen onder meer worden onderscheiden:
- Nederlandse rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid: eenmanszaak,
vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap, maatschap;
- Nederlandse rechtsvormen met rechtspersoonlijkheid: besloten
vennootschap, naamloze vennootschap, vereniging, stichting, coöperatie,
onderlinge waarborgmaatschappij;
- Europese rechtsvormen: Europees economisch samenwerkingsverband,
Europese vennootschap, Europese coöperatieve vennootschap;
- Buitenlandse rechtspersonen.
Formeel is de rechtsvorm een kenmerk van een juridische eenheid en niet
van een bedrijf. De statistische eenheid 'bedrijf' kan bestaan uit een of
meer juridische eenheden (natuurlijke personen en/of niet-natuurlijke
personen). Als een bedrijf uit meer dan één juridische eenheid bestaat,
dan heeft het in principe geen eigen rechtsvorm. In de CBS-tabellen
worden dergelijke bedrijven opgenomen onder de rechtsvorm van die
juridische eenheid die als kern van de combinatie kan worden beschouwd.
Natuurlijke personen
Een mens (individu) die in het recht als rechtssubject is erkend en
daarmee drager is van wettelijke rechten en plichten.
Deze klasse omvat de rechtsvormen:
- Eenmanszaken
- Maatschappen
- Vennootschappen onder firma
- Commanditaire vennootschappen
- Rederijen
Rechtspersonen
Een juridische constructie waardoor een organisatie, net als een
natuurlijke persoon, in het recht als rechtssubject is erkend als drager
van wettelijke rechten en plichten.
Een rechtspersoon kan optreden als een persoon in het rechtsverkeer,
d.w.z. bezittingen en schulden hebben, contracten sluiten, rechtszaken
aanspannen of aangeklaagd worden.
De rechtspersonen zijn in drie categorieën te verdelen:
- privaatrechtelijke rechtspersonen (bijv. besloten vennootschap,
naamloze vennootschap, vereniging en stichting);
- publiekrechtelijke rechtspersonen (bijv. ministerie, provincie,
gemeente, waterschap, Sociaal-Economische Raad, Publiekrechtelijke
bedrijfsorganisatie, Zelfstandig bestuursorgaan);
- kerkgenootschappen.
Een rechtspersoon kan bestuurder zijn van een andere rechtspersoon, maar
niet een commissaris.
Deze klasse omvat de rechtsvormen:
- Besloten vennootschappen
- Naamloze vennootschappen
- Verenigingen
- Stichtingen
- Coöperatieve verenigingen
- Onderlinge waarborgmaatschappijen
- Overheidsorganen (o.a. rijk, provincie, gemeente)
- Rechtsvormen van buitenlandse ondernemingen
- Europees economisch samenwerkingsverband (E.E.S.V.)
- Doelvermogen
- Fonds voor gemene rekening
- Kerkgenootschap
- Buitenlandse rechtsvormen