Leefbaarheid woonbuurt; politieregio (IVM), 2008-2011

Leefbaarheid woonbuurt; politieregio (IVM), 2008-2011

Cijfersoort Politieregio Perioden Leefbaarheid woonbuurt Sociale cohesie Tevreden met samenstelling bevolking (% (helemaal) eens)
Waarde Nederland 2011 70,6
Waarde Groningen (PO) 2011 68,0
Waarde Friesland (PO) 2011 73,0
Waarde Drenthe (PO) 2011 75,7
Waarde IJsselland (PO) 2011 73,4
Waarde Twente (PO) 2011 71,2
Waarde Noord- en Oost-Gelderland (PO) 2011 78,4
Waarde Gelderland-Midden (PO) 2011 71,5
Waarde Gelderland-Zuid (PO) 2011 71,9
Waarde Utrecht (PO) 2011 71,9
Waarde Noord-Holland-Noord (PO) 2011 73,7
Waarde Zaanstreek-Waterland (PO) 2011 71,8
Waarde Kennemerland (PO) 2011 72,5
Waarde Amsterdam-Amstelland (PO) 2011 62,9
Waarde Gooi en Vechtstreek (PO) 2011 71,3
Waarde Haaglanden (PO) 2011 64,6
Waarde Hollands Midden (PO) 2011 74,1
Waarde Rotterdam-Rijnmond (PO) 2011 63,8
Waarde Zuid-Holland-Zuid (PO) 2011 73,9
Waarde Zeeland (PO) 2011 75,7
Waarde Midden- en West-Brabant (PO) 2011 69,4
Waarde Brabant-Noord (PO) 2011 73,8
Waarde Brabant-Zuidoost (PO) 2011 68,7
Waarde Limburg-Noord (PO) 2011 72,5
Waarde Limburg-Zuid (PO) 2011 71,0
Waarde Flevoland (PO) 2011 68,8
Betrouwbaarheidsmarge Nederland 2011 0,4
Betrouwbaarheidsmarge Groningen (PO) 2011 2,9
Betrouwbaarheidsmarge Friesland (PO) 2011 2,3
Betrouwbaarheidsmarge Drenthe (PO) 2011 3,2
Betrouwbaarheidsmarge IJsselland (PO) 2011 2,7
Betrouwbaarheidsmarge Twente (PO) 2011 1,1
Betrouwbaarheidsmarge Noord- en Oost-Gelderland (PO) 2011 2,8
Betrouwbaarheidsmarge Gelderland-Midden (PO) 2011 2,3
Betrouwbaarheidsmarge Gelderland-Zuid (PO) 2011 2,4
Betrouwbaarheidsmarge Utrecht (PO) 2011 1,4
Betrouwbaarheidsmarge Noord-Holland-Noord (PO) 2011 1,2
Betrouwbaarheidsmarge Zaanstreek-Waterland (PO) 2011 2,1
Betrouwbaarheidsmarge Kennemerland (PO) 2011 2,3
Betrouwbaarheidsmarge Amsterdam-Amstelland (PO) 2011 1,6
Betrouwbaarheidsmarge Gooi en Vechtstreek (PO) 2011 2,2
Betrouwbaarheidsmarge Haaglanden (PO) 2011 1,1
Betrouwbaarheidsmarge Hollands Midden (PO) 2011 1,1
Betrouwbaarheidsmarge Rotterdam-Rijnmond (PO) 2011 0,8
Betrouwbaarheidsmarge Zuid-Holland-Zuid (PO) 2011 2,6
Betrouwbaarheidsmarge Zeeland (PO) 2011 2,9
Betrouwbaarheidsmarge Midden- en West-Brabant (PO) 2011 1,6
Betrouwbaarheidsmarge Brabant-Noord (PO) 2011 1,0
Betrouwbaarheidsmarge Brabant-Zuidoost (PO) 2011 1,9
Betrouwbaarheidsmarge Limburg-Noord (PO) 2011 2,8
Betrouwbaarheidsmarge Limburg-Zuid (PO) 2011 3,3
Betrouwbaarheidsmarge Flevoland (PO) 2011 2,0
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel vindt u een overzicht van de subjectief ervaren leefbaarheid van en problemen in de woonbuurt op basis van de Integrale VeiligheidsMonitor (IVM). De gepresenteerde cijfers hebben betrekking op vormen van overlast, dreiging en fysieke verloedering die volgens de respondenten in hun buurt kunnen voorkomen, over hun mening over fysieke voorzieningen, sociale cohesie en de ontwikkeling van de buurt, over hun oordeel van de woonomgeving, de leefbaarheid, en veiligheid in de buurt, hun eigen inzet voor de buurt, en tenslotte over hun oordeel over het functioneren van de gemeente waar het gaat om de aanpak van leefbaarheid en veiligheid in de eigen woonbuurt.
Het gaat steeds om gegevens over de bevolking van 15 jaar of ouder, tenzij anders vermeld. Opgenomen zijn de landelijke cijfers en de cijfers per politieregio. Door wijziging in vraagstelling, onderzoeksopzet en/of context
zijn de IVM-gegevens vanaf 2008 niet vergelijkbaar met gegevens uit andere bronnen, zoals de Veiligheidsmonitor Rijk (VMR; 2005-2008) en eerdere veiligheids- en/of slachtofferenquêtes. De enquête is uitgevoerd in het laatste kwartaal van het jaar.

Gegevens beschikbaar van 2008 tot en met 2011

Status van de cijfers:
De cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 13 maart 2015
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Deze tabel wordt opgevolgd door Leefbaarheid en overlast in buurt; regio. zie paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Leefbaarheid woonbuurt
In de IVM zijn aan alle respondenten vragen gesteld over de leefbaarheid
van de eigen woonbuurt, zoals over hun mening over fysieke voorzieningen,
sociale cohesie, de ontwikkeling van de buurt, de beoordeling van de
woonomgeving, leefbaarheid en veiligheid in de buurt, en over hun eigen
inzet voor de buurt.
Sociale cohesie
In de IVM wordt de respondenten zes stellingen voorgelegd over de sociale
aspecten van hun woonbuurt. Voor elk van deze stellingen kan de
respondent aangeven in hoeverre hij/zij het daarmee eens is (helemaal mee
eens; mee eens; neutraal; niet mee eens; helemaal niet mee eens; weet
niet/geen mening).
Tevreden met samenstelling bevolking
Stelling: Ik ben tevreden over de bevolkingssamenstelling in deze buurt.