Beroepsbevolking; internationale definitie 2000-2013

Beroepsbevolking; internationale definitie 2000-2013

Geslacht Persoonskenmerken Perioden Totaal bevolking (15 jaar of ouder) (x 1 000) Beroepsbevolking (internationaal) Arbeidspositie Totaal beroepsbevolking (internat.) (x 1 000) Beroepsbevolking (internationaal) Arbeidspositie Werkzame beroepsbevolking (internat.) (x 1 000) Beroepsbevolking (internationaal) Arbeidspositie Werkloze beroepsbevolking (internat.) (x 1 000) Beroepsbevolking (internationaal) Arbeidspositie Niet beroepsbevolking (internat.) (x 1 000)
Mannen en vrouwen Totaal persoonskenmerken 2010 13.457 8.761 8.371 390 4.696
Mannen en vrouwen 15 tot 25 jarigen 2010 2.006 1.385 1.264 121 621
Mannen en vrouwen 25 tot 35 jarigen 2010 1.976 1.772 1.701 71 204
Mannen en vrouwen 35 tot 45 jarigen 2010 2.423 2.149 2.075 74 274
Mannen en vrouwen 45 tot 55 jarigen 2010 2.458 2.100 2.027 73 358
Mannen en vrouwen 55 tot 65 jarigen 2010 2.154 1.213 1.165 47 942
Mannen en vrouwen 65 tot 75 jarigen 2010 1.395 130 126 4 1.265
Mannen en vrouwen 75 jarigen of ouder 2010 1.044 12 12 . 1.032
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jarigen 2010 1.000 599 531 67 402
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jarigen 2010 1.006 786 733 53 220
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jarigen 2010 986 875 836 38 111
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jarigen 2010 990 898 865 33 93
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jarigen 2010 1.139 1.013 980 34 126
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jarigen 2010 1.284 1.135 1.095 40 148
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jarigen 2010 1.281 1.116 1.077 39 165
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jarigen 2010 1.177 984 950 34 193
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jarigen 2010 1.077 788 756 31 289
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jarigen 2010 1.078 425 409 16 653
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jarigen 2010 777 96 93 3 680
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jarigen 2010 618 33 33 . 585
Mannen en vrouwen 75 jarigen of ouder 2010 1.044 12 12 . 1.032
Mannen en vrouwen Eenpersoonshuishouden 2010 2.515 1.244 1.160 84 1.271
Mannen en vrouwen Lid van paar (geen ouder) 2010 4.470 2.334 2.262 72 2.136
Mannen en vrouwen Lid van ouderpaar 2010 4.130 3.569 3.473 96 562
Mannen en vrouwen Alleenstaande ouder 2010 412 297 277 21 115
Mannen en vrouwen Meerderjarig kind 2010 1.109 846 782 64 264
Mannen en vrouwen Minderjarig kind 2010 588 317 275 43 270
Mannen en vrouwen Overig lid huishouden 2010 231 153 142 11 78
Mannen en vrouwen Positie huishouden onbekend 2010 . . . . .
Mannen en vrouwen Pre-primair onderwijs 2010 204 56 52 4 148
Mannen en vrouwen Primair onderwijs 2010 1.210 432 386 45 779
Mannen en vrouwen Lager secundair onderwijs 2010 3.369 1.735 1.623 112 1.633
Mannen en vrouwen Hoger secundair onderwijs 2010 4.724 3.409 3.271 139 1.315
Mannen en vrouwen Post secundair onderwijs 2010 397 270 263 8 126
Mannen en vrouwen Tertiair onderwijs 2010 3.377 2.725 2.650 75 652
Mannen en vrouwen Onderwijs aan promovendi 2010 67 54 53 . 12
Mannen en vrouwen Onderwijsniveau onbekend 2010 109 78 73 5 31
Mannen Totaal persoonskenmerken 2010 6.624 4.734 4.525 208 1.890
Mannen 15 tot 25 jarigen 2010 1.017 698 636 62 319
Mannen 25 tot 35 jarigen 2010 986 922 880 41 64
Mannen 35 tot 45 jarigen 2010 1.215 1.146 1.109 36 69
Mannen 45 tot 55 jarigen 2010 1.235 1.139 1.101 37 96
Mannen 55 tot 65 jarigen 2010 1.080 729 700 30 350
Mannen 65 tot 75 jarigen 2010 677 91 89 2 585
Mannen 75 jarigen of ouder 2010 415 9 9 . 406
Mannen 15 tot 20 jarigen 2010 510 301 268 32 210
Mannen 20 tot 25 jarigen 2010 507 397 368 29 109
Mannen 25 tot 30 jarigen 2010 493 452 429 23 41
Mannen 30 tot 35 jarigen 2010 493 470 451 19 23
Mannen 35 tot 40 jarigen 2010 568 538 521 17 30
Mannen 40 tot 45 jarigen 2010 647 607 588 19 39
Mannen 45 tot 50 jarigen 2010 645 602 584 19 43
Mannen 50 tot 55 jarigen 2010 590 536 518 19 53
Mannen 55 tot 60 jarigen 2010 540 459 440 20 81
Mannen 60 tot 65 jarigen 2010 540 270 260 10 270
Mannen 65 tot 70 jarigen 2010 384 65 63 2 319
Mannen 70 tot 75 jarigen 2010 293 26 26 . 267
Mannen 75 jarigen of ouder 2010 415 9 9 . 406
Mannen Eenpersoonshuishouden 2010 1.153 733 677 57 419
Mannen Lid van paar (geen ouder) 2010 2.248 1.254 1.218 36 993
Mannen Lid van ouderpaar 2010 2.061 1.925 1.881 44 136
Mannen Alleenstaande ouder 2010 78 63 59 3 15
Mannen Meerderjarig kind 2010 660 507 467 41 152
Mannen Minderjarig kind 2010 300 160 140 21 139
Mannen Overig lid huishouden 2010 125 90 83 7 35
Mannen Positie huishouden onbekend 2010 . . . . .
Mannen Pre-primair onderwijs 2010 94 38 35 3 56
Mannen Primair onderwijs 2010 511 254 227 26 257
Mannen Lager secundair onderwijs 2010 1.523 969 909 60 554
Mannen Hoger secundair onderwijs 2010 2.388 1.787 1.717 70 601
Mannen Post secundair onderwijs 2010 207 144 140 4 63
Mannen Tertiair onderwijs 2010 1.800 1.462 1.421 41 337
Mannen Onderwijs aan promovendi 2010 46 37 37 . 9
Mannen Onderwijsniveau onbekend 2010 55 42 39 3 14
Vrouwen Totaal persoonskenmerken 2010 6.833 4.027 3.846 182 2.806
Vrouwen 15 tot 25 jarigen 2010 989 687 628 59 302
Vrouwen 25 tot 35 jarigen 2010 990 850 820 30 140
Vrouwen 35 tot 45 jarigen 2010 1.208 1.003 966 37 205
Vrouwen 45 tot 55 jarigen 2010 1.223 961 926 35 262
Vrouwen 55 tot 65 jarigen 2010 1.075 483 465 18 592
Vrouwen 65 tot 75 jarigen 2010 718 39 37 2 680
Vrouwen 75 jarigen of ouder 2010 630 4 4 . 626
Vrouwen 15 tot 20 jarigen 2010 490 298 263 35 192
Vrouwen 20 tot 25 jarigen 2010 499 389 365 24 110
Vrouwen 25 tot 30 jarigen 2010 493 423 407 16 70
Vrouwen 30 tot 35 jarigen 2010 497 428 413 14 69
Vrouwen 35 tot 40 jarigen 2010 571 475 459 16 96
Vrouwen 40 tot 45 jarigen 2010 637 528 507 21 109
Vrouwen 45 tot 50 jarigen 2010 636 514 494 20 122
Vrouwen 50 tot 55 jarigen 2010 587 447 432 15 140
Vrouwen 55 tot 60 jarigen 2010 537 328 316 12 209
Vrouwen 60 tot 65 jarigen 2010 538 155 149 6 383
Vrouwen 65 tot 70 jarigen 2010 393 32 30 2 361
Vrouwen 70 tot 75 jarigen 2010 326 7 7 . 319
Vrouwen 75 jarigen of ouder 2010 630 4 4 . 626
Vrouwen Eenpersoonshuishouden 2010 1.363 511 483 27 852
Vrouwen Lid van paar (geen ouder) 2010 2.223 1.080 1.044 35 1.143
Vrouwen Lid van ouderpaar 2010 2.069 1.644 1.591 52 426
Vrouwen Alleenstaande ouder 2010 334 235 217 17 100
Vrouwen Meerderjarig kind 2010 450 338 315 24 111
Bron: cbs.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel vindt u jaarcijfers over de samenstelling van de Nederlandse beroepsbevolking volgens de internationale definitie.

De Nederlandse definitie van de beroepsbevolking wijkt af van de definitie die internationaal als standaard geldt: die van de International Labour Organisation (ILO). Als gevolg daarvan verschilt de omvang en samenstelling van de beroepsbevolking. Ten eerste wordt in de Nederlandse definitie een drempelwaarde van twaalf uur gehanteerd voor het aantal uren per week dat iemand werkt of wil werken. In de internationale definitie is dat niet het geval. Ten tweede wordt de werkloze beroepsbevolking anders afgebakend. Volgens de internationale definitie moet iemand binnen twee weken kunnen beginnen in een baan. In de Nederlandse definitie wordt in bepaalde gevallen een termijn van drie maanden aangehouden op de termijn waarop iemand kan beginnen te werken of zoekactiviteiten ontplooid heeft.

Gegevens beschikbaar van 1996/1998 tot en met 2011/2013

Status van de cijfers
Cijfers op basis van de EBB zijn altijd definitief.

Wijzigingen per 26 februari 2015
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wijzigingen per 1 april 2014:
De cijfers over 2013 zijn aan deze tabel toegevoegd. Alle gegevens over het beroep in 2012 en 2013 zijn op dit moment nog niet beschikbaar. Zodra deze gegevens beschikbaar komen zullen ze aan deze tabel toegevoegd worden. De gegevens over het onderwijsniveau vanaf 2012 zijn voorlopig.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Deze tabel is stopgezet. De actualisering van 1 april 2014 was de laatste actualisering van deze tabel. Op 26 februari 2015 zijn nieuwe gereviseerde tabellen over de beroepsbevolking gepubliceerd. Deze revisie van de statistieken van de beroepsbevolking heeft twee onderdelen. De definities zijn aangepast aan de internationaal afgesproken definities en de gegevensverzameling is verbeterd door als eerste statistiekbureau in Europa te enquêteren via internet. Voor meer informatie over de revisie, zie de link naar de persmededeling in paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Totaal bevolking (15 jaar of ouder)
Alle mensen van 15 jaar of ouder woonachtig in Nederland,
exclusief personen in inrichtingen, instellingen en tehuizen.
Beroepsbevolking (internationaal)
Beroepsbevolking volgens internationale definitie
De Nederlandse definitie van de beroepsbevolking wijkt af van de
definitie die internationaal als standaard geldt: die van de
International Labour Organisation (ILO). Als gevolg daarvan verschilt
de omvang en samenstelling van de beroepsbevolking. Ten eerste
wordt in de Nederlandse definitie een drempelwaarde van twaalf uur
gehanteerd voor het aantal uren per week dat iemand werkt of wil werken.
In de internationale definitie is dat niet het geval. Ten tweede wordt de
werkloze beroepsbevolking anders afgebakend.
Volgens de internationale definitie moet iemand binnen twee weken kunnen
beginnen in een baan. In de Nederlandse definitie wordt in bepaalde
gevallen een termijn van drie maanden aangehouden op de termijn waarop
iemand kan beginnen te werken of zoekactiviteiten ontplooid heeft.
Arbeidspositie
Indeling van de bevolking van 15 jaar of ouder in:
- werkzame beroepsbevolking
- werkloze beroepsbevolking
- niet beroepsbevolking
Totaal beroepsbevolking (internat.)
Totale beroepsbevolking volgens internationale definitie.
Werkzame beroepsbevolking (internat.)
Werkzame beroepsbevolking volgens internationale definitie.
Personen die minstens 1 uur per week werken.
Werkloze beroepsbevolking (internat.)
Werkloze beroepsbevolking volgens internationale definitie.
Niet beroepsbevolking (internat.)
Niet beroepsbevolking volgens internationale definitie.