Regionale prognose; huishoudens, 2007 - 2025

Regionale prognose; huishoudens, 2007 - 2025

Regio's 2007 Perioden Totaal huishoudens Huishoudens (x 1 000) Totaal huishoudens Eenpersoonshuishoudens (x 1 000) Totaal huishoudens Paren (x 1 000) Totaal huishoudens Eenouderhuishoudens (x 1 000) Totaal huishoudens Overige huishoudens (x 1 000)
Nederland 2010 7.346,5 2.686,5 4.131,4 479,5 49,2
Noord-Nederland (LD) 2010 759,4 268,0 443,0 43,5 4,9
Oost-Nederland (LD) 2010 1.492,7 498,9 896,5 88,3 9,0
West-Nederland (LD) 2010 3.542,3 1.395,2 1.868,4 253,2 25,5
Zuid-Nederland (LD) 2010 1.552,1 524,3 923,5 94,5 9,8
Groningen (PV) 2010 271,3 111,8 140,7 16,6 2,2
Friesland (PV) 2010 279,2 94,0 167,9 15,6 1,7
Drenthe (PV) 2010 208,8 62,2 134,3 11,3 1,1
Overijssel (PV) 2010 477,8 162,7 285,3 26,9 2,9
Flevoland (PV) 2010 156,2 46,7 96,4 12,3 0,8
Gelderland (PV) 2010 858,8 289,5 514,9 49,2 5,3
Utrecht (PV) 2010 542,6 204,3 300,0 34,4 3,9
Noord-Holland (PV) 2010 1.252,6 524,0 624,4 95,0 9,2
Zuid-Holland (PV) 2010 1.579,9 612,3 842,1 114,2 11,4
Zeeland (PV) 2010 167,1 54,7 101,9 9,6 1,0
Noord-Brabant (PV) 2010 1.050,7 351,7 629,3 63,3 6,5
Limburg (PV) 2010 501,4 172,6 294,2 31,2 3,3
Oost-Groningen (CR) 2010 65,9 20,8 40,9 3,8 0,3
Delfzijl en omgeving (CR) 2010 21,5 7,3 12,8 1,3 0,1
Overig Groningen (CR) 2010 183,9 83,7 87,1 11,5 1,7
Noord-Friesland (CR) 2010 146,4 52,2 84,7 8,5 1,0
Zuidwest-Friesland (CR) 2010 44,8 13,9 28,3 2,4 0,3
Zuidoost-Friesland (CR) 2010 88,0 27,9 55,0 4,7 0,5
Noord-Drenthe (CR) 2010 80,2 24,1 51,3 4,4 0,4
Zuidoost-Drenthe (CR) 2010 73,9 21,5 48,1 4,0 0,4
Zuidwest-Drenthe (CR) 2010 54,7 16,6 34,9 2,9 0,3
Noord-Overijssel (CR) 2010 145,9 48,7 88,5 7,8 0,8
Zuidwest-Overijssel (CR) 2010 67,1 23,3 39,4 4,0 0,4
Twente (CR) 2010 264,9 90,7 157,4 15,1 1,7
Veluwe (CR) 2010 272,2 89,6 166,6 14,6 1,4
Achterhoek (CR) 2010 166,9 49,3 108,1 8,6 0,9
Arnhem/Nijmegen (CR) 2010 327,2 125,7 178,0 21,0 2,4
Zuidwest-Gelderland (CR) 2010 92,4 25,0 62,1 4,9 0,5
Utrecht (CR) 2010 542,6 204,3 300,0 34,4 3,9
Kop van Noord-Holland (CR) 2010 156,6 50,0 96,2 9,5 0,9
Alkmaar en omgeving (CR) 2010 101,4 35,8 58,4 6,7 0,5
IJmond (CR) 2010 82,7 27,7 49,4 5,2 0,4
Agglomeratie Haarlem (CR) 2010 103,1 44,5 50,7 7,2 0,6
Zaanstreek (CR) 2010 70,6 24,3 40,6 5,2 0,4
Groot-Amsterdam (CR) 2010 627,8 300,6 267,7 53,6 5,8
Het Gooi en Vechtstreek (CR) 2010 110,5 41,1 61,3 7,5 0,6
Agglomeratie Leiden en Bollenstreek (CR) 2010 173,9 66,2 96,2 10,6 1,0
Agglomeratie 's-Gravenhage (CR) 2010 380,3 165,2 180,1 31,7 3,3
Delft en Westland (CR) 2010 98,1 40,0 51,9 5,7 0,5
Oost-Zuid-Holland (CR) 2010 132,5 40,6 83,8 7,5 0,6
Groot-Rijnmond (CR) 2010 629,4 246,5 329,2 48,7 5,0
Zuidoost-Zuid-Holland (CR) 2010 165,8 53,9 101,0 10,1 0,9
Zeeuwsch-Vlaanderen (CR) 2010 48,0 15,8 29,0 2,9 0,3
Overig Zeeland (CR) 2010 119,1 38,9 72,8 6,7 0,7
West-Noord-Brabant (CR) 2010 267,6 89,3 160,8 15,9 1,6
Midden-Noord-Brabant (CR) 2010 199,1 69,1 116,0 12,6 1,3
Noordoost-Noord-Brabant (CR) 2010 263,5 82,2 164,2 15,6 1,5
Zuidoost-Noord-Brabant (CR) 2010 320,5 111,1 188,3 19,2 2,0
Noord-Limburg (CR) 2010 116,8 35,7 73,6 6,7 0,7
Midden-Limburg (CR) 2010 99,8 30,9 62,5 5,8 0,7
Zuid-Limburg (CR) 2010 284,8 106,1 158,1 18,8 1,9
Flevoland (CR) 2010 156,2 46,7 96,4 12,3 0,8
Groningen (SG) 2010 172,7 79,2 81,4 10,6 1,6
Leeuwarden (SG) 2010 75,6 30,2 40,1 4,7 0,6
Zwolle (SG) 2010 76,8 28,4 43,6 4,4 0,4
Enschede (SG) 2010 142,4 55,3 77,4 8,9 0,9
Apeldoorn (SG) 2010 91,3 30,7 54,8 5,4 0,4
Arnhem (SG) 2010 161,7 60,5 89,6 10,4 1,2
Nijmegen (SG) 2010 135,9 56,4 69,6 8,9 1,1
Amersfoort (SG) 2010 117,8 39,3 70,8 7,1 0,6
Utrecht (SG) 2010 288,0 123,8 142,7 19,0 2,5
Amsterdam (SG) 2010 740,6 338,5 331,5 64,0 6,5
Haarlem (SG) 2010 185,8 72,2 100,1 12,5 1,0
Leiden (SG) 2010 150,0 58,8 81,1 9,2 0,9
's-Gravenhage (SG) 2010 478,4 205,2 231,9 37,4 3,8
Rotterdam (SG) 2010 552,3 226,9 275,7 45,0 4,7
Dordrecht (SG) 2010 121,5 40,7 72,5 7,8 0,6
Breda (SG) 2010 141,0 50,7 80,7 8,7 0,9
Tilburg (SG) 2010 133,0 51,2 71,8 9,0 1,0
's-Hertogenbosch (SG) 2010 85,7 31,4 48,1 5,6 0,5
Eindhoven (SG) 2010 188,2 72,7 102,4 12,0 1,2
Geleen/Sittard (SG) 2010 68,7 22,8 41,0 4,4 0,5
Heerlen (SG) 2010 118,6 43,6 66,1 8,1 0,7
Maastricht (SG) 2010 86,7 36,1 44,3 5,7 0,6
Groningen (GA) 2010 114,3 63,2 42,1 7,6 1,3
Leeuwarden (GA) 2010 48,2 22,5 22,0 3,3 0,5
Zwolle (GA) 2010 54,3 22,8 27,7 3,5 0,3
Enschede (GA) 2010 74,5 32,6 36,4 5,0 0,5
Apeldoorn (GA) 2010 68,0 24,0 39,5 4,2 0,3
Arnhem (GA) 2010 74,2 34,3 33,7 5,4 0,8
Nijmegen (GA) 2010 87,0 42,6 37,4 6,2 0,8
Amersfoort (GA) 2010 74,9 26,4 43,4 4,8 0,4
Utrecht (GA) 2010 218,1 100,1 100,9 14,9 2,2
Amsterdam (GA) 2010 548,8 279,7 214,3 49,3 5,4
Haarlem (GA) 2010 90,4 39,5 43,9 6,4 0,6
Leiden (GA) 2010 115,8 47,8 60,0 7,3 0,7
's-Gravenhage (GA) 2010 310,2 144,8 136,1 26,3 3,0
Rotterdam (GA) 2010 473,6 204,4 224,4 40,5 4,3
Dordrecht (GA) 2010 103,6 36,1 60,1 6,9 0,5
Breda (GA) 2010 80,8 33,2 41,5 5,5 0,6
Tilburg (GA) 2010 105,8 43,9 53,5 7,6 0,9
's-Hertogenbosch (GA) 2010 74,7 28,6 40,6 5,0 0,5
Eindhoven (GA) 2010 153,4 62,6 79,7 10,1 1,0
Geleen/Sittard (GA) 2010 63,0 21,4 37,1 4,1 0,4
Heerlen (GA) 2010 98,1 37,9 52,6 7,1 0,6
Bron: CBS, PBL
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat prognosecijfers over het aantal huishoudens per
regio naar type en herkomstgroepering.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2008-2025
Frequentie: stopgezet

Status van de cijfers
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn berekende prognosecijfers.

Wijzigingen ten opzichte van de vorige versie
29 juli 2008
De publicatie aangevuld met de Regiocode.

8 juli 2008.
De prognose is bijgesteld op basis van de meest recente inzichten, de
prognoseperiode loopt nu van 2008 tot 2025.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In 2009 komt de nieuwe regionaleprognose uit.

Toelichting onderwerpen

Totaal huishoudens
Particuliere huishoudens.
Huishoudens
Particulier huishouden
Een verzameling van één of meer personen die een woonruimte bewoont en
zichzelf daar particulier, d.w.z. niet-bedrijfsmatig voorziet in
dagelijkse levensbehoeften.
Eenpersoonshuishoudens
Personen die alleen in een woonruimte zijn gehuisvest. Tot de
eenpersoonshuishoudens worden ook personen gerekend die met anderen
eenzelfde adres bewonen maar een eigen huishouding voeren.
.
Paren
Huishoudens die bestaan uit personen die - al dan niet gehuwd - een
gemeenschappelijke huishouding voeren met een vaste partner.
Eenouderhuishoudens
Huishoudens bestaande uit personen met thuiswonende kinderen die niet
samenwonen met een vaste partner.
Overige huishoudens
Huishoudens bestaande uit personen die met andere personen op eenzelfde
adres wonen maar geen partnerrelatie met die andere personen onderhouden
en geen kind zijn van die andere personen. Te denken valt bijvoorbeeld aan
studenten die een huishouden vormen of aan twee zussen die samen in een
huis wonen.