Particuliere huishoudens met laag inkomen / rond soc. minimum, 2004

Particuliere huishoudens met laag inkomen / rond soc. minimum, 2004

Regio's Samenstelling van het huishouden Aant. huish. met een laag inkomen* (%)
Achterhoek (CR) Totaal particulier huishouden 7
Achterhoek (CR) Eenpersoonshuishouden 11
Achterhoek (CR) Paar zonder kinderen 4
Achterhoek (CR) Paar met kinderen 7
Achterhoek (CR) Eenoudergezin 20
Groot-Amsterdam (CR) Totaal particulier huishouden 13
Groot-Amsterdam (CR) Eenpersoonshuishouden 17
Groot-Amsterdam (CR) Paar zonder kinderen 5
Groot-Amsterdam (CR) Paar met kinderen 10
Groot-Amsterdam (CR) Eenoudergezin 23
Apeldoorn (GA) Totaal particulier huishouden 8
Apeldoorn (GA) Eenpersoonshuishouden 11
Apeldoorn (GA) Paar zonder kinderen 4
Apeldoorn (GA) Paar met kinderen 6
Apeldoorn (GA) Eenoudergezin 22
Amsterdam (GA) Totaal particulier huishouden 15
Amsterdam (GA) Eenpersoonshuishouden 18
Amsterdam (GA) Paar zonder kinderen 6
Amsterdam (GA) Paar met kinderen 12
Amsterdam (GA) Eenoudergezin 24
Rotterdam (GA) Totaal particulier huishouden 13
Rotterdam (GA) Eenpersoonshuishouden 17
Rotterdam (GA) Paar zonder kinderen 5
Rotterdam (GA) Paar met kinderen 10
Rotterdam (GA) Eenoudergezin 26
Apeldoorn (SG) Totaal particulier huishouden 7
Apeldoorn (SG) Eenpersoonshuishouden 11
Apeldoorn (SG) Paar zonder kinderen 4
Apeldoorn (SG) Paar met kinderen 6
Apeldoorn (SG) Eenoudergezin 21
Amsterdam (SG) Totaal particulier huishouden 13
Amsterdam (SG) Eenpersoonshuishouden 17
Amsterdam (SG) Paar zonder kinderen 5
Amsterdam (SG) Paar met kinderen 10
Amsterdam (SG) Eenoudergezin 23
Rotterdam (SG) Totaal particulier huishouden 12
Rotterdam (SG) Eenpersoonshuishouden 17
Rotterdam (SG) Paar zonder kinderen 4
Rotterdam (SG) Paar met kinderen 9
Rotterdam (SG) Eenoudergezin 25
Amsterdam Totaal particulier huishouden 17
Amsterdam Eenpersoonshuishouden 20
Amsterdam Paar zonder kinderen 7
Amsterdam Paar met kinderen 16
Amsterdam Eenoudergezin 25
Apeldoorn Totaal particulier huishouden 8
Apeldoorn Eenpersoonshuishouden 11
Apeldoorn Paar zonder kinderen 4
Apeldoorn Paar met kinderen 6
Apeldoorn Eenoudergezin 22
Beemster Totaal particulier huishouden 7
Beemster Eenpersoonshuishouden x
Beemster Paar zonder kinderen x
Beemster Paar met kinderen 8
Beemster Eenoudergezin x
Boarnsterhim Totaal particulier huishouden 10
Boarnsterhim Eenpersoonshuishouden 11
Boarnsterhim Paar zonder kinderen 7
Boarnsterhim Paar met kinderen 9
Boarnsterhim Eenoudergezin x
Capelle aan den IJssel Totaal particulier huishouden 8
Capelle aan den IJssel Eenpersoonshuishouden 12
Capelle aan den IJssel Paar zonder kinderen 3
Capelle aan den IJssel Paar met kinderen 6
Capelle aan den IJssel Eenoudergezin 21
Deventer Totaal particulier huishouden 10
Deventer Eenpersoonshuishouden 13
Deventer Paar zonder kinderen 4
Deventer Paar met kinderen 9
Deventer Eenoudergezin 26
Drechterland Totaal particulier huishouden 4
Drechterland Eenpersoonshuishouden x
Drechterland Paar zonder kinderen x
Drechterland Paar met kinderen 5
Drechterland Eenoudergezin x
Echt-Susteren Totaal particulier huishouden 7
Echt-Susteren Eenpersoonshuishouden 13
Echt-Susteren Paar zonder kinderen 4
Echt-Susteren Paar met kinderen 5
Echt-Susteren Eenoudergezin 15
GaasterlÔn-Sleat Totaal particulier huishouden 9
GaasterlÔn-Sleat Eenpersoonshuishouden 11
GaasterlÔn-Sleat Paar zonder kinderen x
GaasterlÔn-Sleat Paar met kinderen 8
GaasterlÔn-Sleat Eenoudergezin x
Kapelle Totaal particulier huishouden 5
Kapelle Eenpersoonshuishouden 10
Kapelle Paar zonder kinderen x
Kapelle Paar met kinderen 5
Kapelle Eenoudergezin x
Lemsterland Totaal particulier huishouden 12
Lemsterland Eenpersoonshuishouden 17
Lemsterland Paar zonder kinderen 8
Lemsterland Paar met kinderen 9
Lemsterland Eenoudergezin x
Menterwolde Totaal particulier huishouden 9
Menterwolde Eenpersoonshuishouden 17
Menterwolde Paar zonder kinderen 5
Menterwolde Paar met kinderen 7
Menterwolde Eenoudergezin x
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Sinds 1946 houdt het Centraal Bureau voor de Statistiek regelmatig
onderzoek naar de regionale inkomensverdeling. Deze onderzoeken zijn
voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van
Financiën (de fiscale registers) en de Nederlandse gemeenten
(de bevolkingsregisters = GBA).
De uiteindelijke RIO resultaten zijn gebaseerd op een steekproef
van 1,9 miljoen huishoudens.

Inkomensverdelingen van personen en huishoudens, per landsdeel,
provincie, corop-gebied, grootstedelijke agglomeratie, stadsgewest
en gemeente.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2004
De cijfers uit het Regionaal Inkomensonderzoek (RIO) 2004
zijn voorlopige cijfers.

Frequentie: eenmalig
Omdat de gemeentelijke indeling jaarlijks verandert worden de
uitkomsten uit het RIO voor elk afzonderlijk onderzoeksjaar
gepubliceerd; samenvoeging of splitsing van gemeenten heeft tot
gevolg dat alle informatie gerelateerd aan het inkomen in een
nieuw gevormde of gesplitste gemeente aanzienlijk kan wijzigen
waardoor vergelijkbaarheid in de tijd niet mogelijk is.

Toelichting onderwerpen

Aant. huish. met een laag inkomen*
Het percentage huishoudens met een laag inkomen met de desbetreffende
huishoudenssamenstelling.
De lage-inkomensgrens is vastgesteld op 9.249 euro in prijzen van het
jaar 2000.
Dit bedrag komt inkoopkracht ongeveer overeen met de koopkracht van een
bijstandsuitkeringvoor een alleenstaande in 1979, toen deze op zijn
hoogst was.
Het inkomensbegrip dat in deze publicatie wordt gehanteerd, is het
besteedbaar inkomen verminderd met eventueel ontvangen
huursubsidie. Om te bepalen hoe het inkomen van een huishouden zich
verhoudt tot de lage-inkomensgrens, wordt het inkomen van
een huishouden gecorrigeerd voor verschillen in huishoudenssamenstelling
en voor de prijsontwikkeling. De correctie voor verschillen in
samenstelling vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren.
In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het
gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met
behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het
inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze zijn de
inkomensniveaus van huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt.
Vervolgens wordt dit gestandaardiseerde inkomen (met
consumentenprijsindices) herleid naar het prijspeil in 2000.
Het resulterende inkomen is laag wanneer het minder is dan 9.249 euro.