Particuliere huishoudens met laag inkomen / rond sociaal minimum, 2003

Particuliere huishoudens met laag inkomen / rond sociaal minimum, 2003

Regio's Samenstelling van het huishouden Aant. huish. met een laag inkomen (%)
Achterhoek (CR) Totaal particulier huishouden 7
Achterhoek (CR) Eenpersoonshuishouden 11
Achterhoek (CR) Paar zonder kinderen 4
Achterhoek (CR) Paar met kinderen 6
Achterhoek (CR) Eenoudergezin 18
Groot-Amsterdam (CR) Totaal particulier huishouden 13
Groot-Amsterdam (CR) Eenpersoonshuishouden 17
Groot-Amsterdam (CR) Paar zonder kinderen 5
Groot-Amsterdam (CR) Paar met kinderen 10
Groot-Amsterdam (CR) Eenoudergezin 23
Apeldoorn (GA) Totaal particulier huishouden 7
Apeldoorn (GA) Eenpersoonshuishouden 10
Apeldoorn (GA) Paar zonder kinderen 3
Apeldoorn (GA) Paar met kinderen 6
Apeldoorn (GA) Eenoudergezin 22
Amsterdam (GA) Totaal particulier huishouden 14
Amsterdam (GA) Eenpersoonshuishouden 18
Amsterdam (GA) Paar zonder kinderen 5
Amsterdam (GA) Paar met kinderen 11
Amsterdam (GA) Eenoudergezin 23
Rotterdam (GA) Totaal particulier huishouden 12
Rotterdam (GA) Eenpersoonshuishouden 17
Rotterdam (GA) Paar zonder kinderen 4
Rotterdam (GA) Paar met kinderen 10
Rotterdam (GA) Eenoudergezin 25
Apeldoorn (SG) Totaal particulier huishouden 7
Apeldoorn (SG) Eenpersoonshuishouden 11
Apeldoorn (SG) Paar zonder kinderen 3
Apeldoorn (SG) Paar met kinderen 6
Apeldoorn (SG) Eenoudergezin 20
Amsterdam (SG) Totaal particulier huishouden 12
Amsterdam (SG) Eenpersoonshuishouden 17
Amsterdam (SG) Paar zonder kinderen 4
Amsterdam (SG) Paar met kinderen 9
Amsterdam (SG) Eenoudergezin 23
Rotterdam (SG) Totaal particulier huishouden 11
Rotterdam (SG) Eenpersoonshuishouden 16
Rotterdam (SG) Paar zonder kinderen 4
Rotterdam (SG) Paar met kinderen 9
Rotterdam (SG) Eenoudergezin 24
Slochteren Totaal particulier huishouden 7
Slochteren Eenpersoonshuishouden 11
Slochteren Paar zonder kinderen 4
Slochteren Paar met kinderen 6
Slochteren Eenoudergezin x
Skarsterlân Totaal particulier huishouden 7
Skarsterlân Eenpersoonshuishouden 11
Skarsterlân Paar zonder kinderen 3
Skarsterlân Paar met kinderen 8
Skarsterlân Eenoudergezin x
Boarnsterhim Totaal particulier huishouden 9
Boarnsterhim Eenpersoonshuishouden 12
Boarnsterhim Paar zonder kinderen 5
Boarnsterhim Paar met kinderen 8
Boarnsterhim Eenoudergezin 26
Lemsterland Totaal particulier huishouden 10
Lemsterland Eenpersoonshuishouden 15
Lemsterland Paar zonder kinderen 5
Lemsterland Paar met kinderen 8
Lemsterland Eenoudergezin x
Opsterland Totaal particulier huishouden 8
Opsterland Eenpersoonshuishouden 10
Opsterland Paar zonder kinderen 5
Opsterland Paar met kinderen 7
Opsterland Eenoudergezin 21
Terschelling Totaal particulier huishouden 9
Terschelling Eenpersoonshuishouden 12
Terschelling Paar zonder kinderen x
Terschelling Paar met kinderen x
Terschelling Eenoudergezin x
Deventer Totaal particulier huishouden 10
Deventer Eenpersoonshuishouden 13
Deventer Paar zonder kinderen 4
Deventer Paar met kinderen 8
Deventer Eenoudergezin 25
Apeldoorn Totaal particulier huishouden 7
Apeldoorn Eenpersoonshuishouden 10
Apeldoorn Paar zonder kinderen 3
Apeldoorn Paar met kinderen 6
Apeldoorn Eenoudergezin 22
Westervoort Totaal particulier huishouden 6
Westervoort Eenpersoonshuishouden 7
Westervoort Paar zonder kinderen x
Westervoort Paar met kinderen 5
Westervoort Eenoudergezin 21
Winterswijk Totaal particulier huishouden 8
Winterswijk Eenpersoonshuishouden 12
Winterswijk Paar zonder kinderen 4
Winterswijk Paar met kinderen 8
Winterswijk Eenoudergezin 22
Amsterdam Totaal particulier huishouden 16
Amsterdam Eenpersoonshuishouden 19
Amsterdam Paar zonder kinderen 6
Amsterdam Paar met kinderen 15
Amsterdam Eenoudergezin 24
Beemster Totaal particulier huishouden 7
Beemster Eenpersoonshuishouden 9
Beemster Paar zonder kinderen x
Beemster Paar met kinderen 8
Beemster Eenoudergezin x
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Sinds 1946 houdt het Centraal Bureau voor de Statistiek regelmatig
onderzoek naar de regionale inkomensverdeling. Deze onderzoeken zijn
voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van
Financiën (de fiscale registers) en de Nederlandse gemeenten
(de bevolkingsregisters = GBA).
De uiteindelijke RIO resultaten zijn gebaseerd op een steekproef
van 1,9 miljoen huishoudens.

Inkomensverdelingen van personen en huishoudens, per landsdeel,
provincie, COROP-gebied, grootstedelijke agglomeratie, stadsgewest
en gemeente.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2003

Frequentie: eenmalig
Omdat de gemeentelijke indeling jaarlijks verandert worden de
uitkomsten uit het RIO voor elk afzonderlijk onderzoeksjaar
gepubliceerd; samenvoeging of splitsing van gemeenten heeft tot
gevolg dat alle informatie gerelateerd aan het inkomen in een
nieuw gevormde of gesplitste gemeente aanzienlijk kan wijzigen
waardoor vergelijkbaarheid in de tijd niet mogelijk is.

Toelichting onderwerpen

Aant. huish. met een laag inkomen
Het percentage huishoudens met een laag inkomen met de desbetreffende
huishoudenssamenstelling.
De lage-inkomensgrens is vastgesteld op 9.249 euro. Dit bedrag komt in
koopkracht ongeveer overeen met de koopkracht van een bijstandsuitkering
voor een alleenstaande in 1979, toen deze op zijn hoogst was. Het
inkomensbegrip dat in deze publicatie wordt gehanteerd, is het
besteedbaar inkomen verminderd met eventueel ontvangen
huursubsidie. Om te bepalen hoe het inkomen van een huishouden zich
verhoudt tot de lage-inkomensgrens, wordt het inkomen van
een huishouden gecorrigeerd voor verschillen in huishoudenssamenstelling
en voor de prijsontwikkeling. De correctie voor verschillen in
samenstelling vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren.
In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het
gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met
behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het
inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze zijn de
inkomensniveaus van huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt.
Vervolgens wordt dit gestandaardiseerde inkomen (met
consumentenprijsindices) herleid naar het prijspeil in 2000.
Het resulterende inkomen is laag wanneer het minder is dan 9.249 euro.