Korte vakanties Nederland; duur, uitgaven naar vakantiekenmerken, 2002-2016

Korte vakanties Nederland; duur, uitgaven naar vakantiekenmerken, 2002-2016

Vakantiekenmerken Perioden Totaal aantal korte vakanties Nederland (x 1 000) Gemiddelde vakantieduur Nederland (dagen) Uitgaven voor korte vakanties Totaal uitgaven vakanties Nederland (mln euro) Uitgaven voor korte vakanties Gemiddelde uitgaven per vakantieganger Gem. uitgaven per vakantieganger (euro's) Uitgaven voor korte vakanties Gemiddelde uitgaven per vakantieganger Gem. uitgaven met eigen vervoer (euro's) Uitgaven voor korte vakanties Gemiddelde uitgaven per vakantieganger Gem. uitgaven met overig vervoer (euro's)
Totaal 2010 9.233 3,2 995 108 105 145
Waddeneilanden (TR) 2010 384 3,3 65 170 . .
Noordzeebadplaatsen (TR) 2010 1.026 3,2 116 113 . .
IJsselmeerkust (TR) 2010 505 3,2 52 104 . .
Deltagebied (TR) 2010 384 3,1 27 70 . .
Meren in Gron., Friesl., N.W.-Overijssel 2010 254 . . . . .
Hollands-Utrechtse meren (TR) 2010 77 . . . . .
Utrechtse Heuvelrug en 't Gooi (TR) 2010 236 . . . . .
Veluwe en Veluwerand (TR) 2010 1.029 3,1 94 91 . .
Gelders Rivierengebied (TR) 2010 104 . . . . .
Achterhoek (TR) 2010 296 . . . . .
Twente, Salland en Vechtstreek (TR) 2010 583 3,1 68 116 . .
Groningse, Friese en Drentse Zandgronden 2010 863 3,4 83 96 . .
West- en Midden-Brabant (TR) 2010 1.005 3,3 88 87 . .
O.-Brabant, N.-M.-Limburg, Nijmegen (TR) 2010 883 3,3 92 104 . .
Zuid-Limburg (TR) 2010 578 3,1 99 172 . .
4 grote steden excl. Noordzeebadplaatsen 2010 337 . . . . .
Overig Nederland 2010 688 3,0 80 116 . .
Groningen (PV) 2010 200 . . . . .
Friesland (PV) 2010 582 3,2 69 119 . .
Drenthe (PV) 2010 766 3,4 75 97 . .
Overijssel (PV) 2010 647 3,2 74 115 . .
Flevoland (PV) 2010 288 . . . . .
Gelderland (PV) 2010 1.548 3,1 155 100 . .
Utrecht (PV) 2010 335 . . . . .
Noord-Holland (PV) 2010 1.025 3,1 123 120 . .
Zuid-Holland (PV) 2010 754 2,9 84 111 . .
Zeeland (PV) 2010 604 3,3 61 101 . .
Noord-Brabant (PV) 2010 1.304 3,2 108 83 . .
Limburg (PV) 2010 1.178 3,2 165 140 . .
Totaal seizoenrecreatieve logiesvormen 2010 2.110 3,2 79 38 . .
SL: zomerhuisje, bungalow, tweede woning 2010 560 3,2 26 46 . .
SL: caravan, vouwwagen 2010 1.235 3,3 43 34 . .
SL: boot 2010 232 . . . . .
Overige seizoenrecreatieve logiesvormen 2010 84 . . . . .
Totaal toeristische logiesvormen 2010 7.123 3,2 915 128 . .
TL: woning familie, vrienden, kennissen 2010 . . . . . .
TL: woning van andere particulier 2010 455 3,1 44 97 . .
TL: hotel 2010 2.776 2,8 432 156 . .
TL: pension, bed & breakfast 2010 232 . . . . .
TL: appartement 2010 126 . . . . .
TL: zomerhuisje, vakantiebungalow 2010 2.174 3,6 255 117 . .
TL: tent, bungalowtent 2010 370 . . . . .
TL: caravan, vouwwagen 2010 384 3,5 27 71 . .
TL: camper 2010 126 . . . . .
TL: boot 2010 52 . . . . .
TL: jeugdherberg/groepsaccommodatie 2010 333 . . . . .
Overige toeristische logiesvormen 2010 95 . . . . .
Geboekt bij een reisbureau 2010 785 3,3 114 145 . .
Geboekt bij een bank, VVV, en dergelijke 2010 705 3,1 91 130 . .
Geb. boek-centr. hotel-/bungalowketen 2010 1.369 3,4 192 140 . .
Rechtstreeks geboekt bij reisorganisatie 2010 51 . . . . .
Boekingsinstantie onbekend 2010 853 3,1 105 123 . .
Log. rechtstr. geres. eigenaar/beheerder 2010 2.340 3,1 328 140 . .
Logies niet vooraf geboekt 2010 1.018 3,1 77 75 . .
Vaste standplaats, eigen onderkomen 2010 2.110 3,2 79 38 . .
Fiets 2010 126 . . . . .
Auto, kampeerauto 2010 8.332 3,2 885 106 . .
Trein, autoslaaptrein 2010 533 3,0 68 127 . .
Touringcar, pendelbus 2010 53 . . . . .
Vliegtuig 2010 . . . . . .
Boot 2010 46 . . . . .
Lijnboot, veerboot, ferry 2010 13 . . . . .
Overige vervoermiddelen 2010 129 . . . . .
1 Persoon 2010 402 3,0 72 178 . .
2 Personen 2010 3.919 3,1 424 108 . .
3 Personen 2010 753 3,1 76 100 . .
4 Personen 2010 1.421 3,2 140 99 . .
5 Personen 2010 533 3,3 43 80 . .
6 Personen 2010 482 3,3 49 102 . .
7 Personen 2010 260 . . . . .
Meer dan 7 personen 2010 1.462 3,3 159 109 . .
Herfstperiode 2010 1.503 3,2 167 111 . .
Kerstperiode 2010 787 3,0 89 114 . .
Krokusperiode 2010 1.178 3,2 148 126 . .
Paasperiode 2010 1.172 3,1 120 102 . .
Voorseizoen 2010 2.335 3,2 213 91 . .
Hoogseizoen 2010 1.513 3,2 159 105 . .
Naseizoen 2010 745 3,1 99 132 . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze publicatie zijn gegevens van korte (1-3 overnachtingen) binnenlandse vakanties over de duur en uitgaven naar vakantiekenmerken opgenomen.

Deze tabel was tot en met 2003 onderdeel van de tabel "Korte vakanties Ned.; vakantiekenmerken". Vanwege een betere inzichtelijkheid is de tabel "Korte vakanties Ned.; vakantiekenmerken" opgesplitst in 4 afzonderlijke tabellen met startjaar 2002. Een tweede reden is dat in 2002 het Continu Vakantie Onderzoek (CVO) opnieuw is opgezet. Hierdoor is in de nieuwe tabellen geen trendbreuk meer aanwezig. De vier tabellen zijn:
"Korte vakanties Nederland: duur,uitgaven",
"Korte vakanties Nederland: bestemmingen",
"Korte vakanties Nederland: logiesvormen" en
"Korte vakanties Nederland: vervoermiddel".

Gegevens beschikbaar van 2002 tot en met 2016.

Status van de cijfers
De cijfers zijn definitief

Wijzigingen per 23 juli 2019:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Totaal aantal korte vakanties Nederland
Gemiddelde vakantieduur Nederland
De vakantieduur omvat de totale duur in dagen van een vakantie, inclusief de dag van vertrek en terugkeer.
Uitgaven voor korte vakanties
Dit zijn de specifieke kosten die gemaakt zijn voor de vakantie zelf, dat wil zeggen reiskosten, verblijfkosten, uitgaven aan voeding en overige kosten die rechtstreeks verband houden met de vakantie, zoals verzekeringen, entrees, souvenirs, foto- en filmmateriaal.
De uitgaven aan duurzame recreatiegoederen, zoals caravan, tent, boot, kampeeruitrusting en dergelijke zijn buiten beschouwing gelaten, omdat ze niet aan één vakantie kunnen worden toegerekend. Dit geldt ook voor de huur van een vaste stand- of ligplaats, die eveneens voor een onbekend aantal vakanties wordt benut.

Met ingang van 2012 is respondenten gevraagd de kosten van de vakantie nader uit te splitsen naar vervoerskosten, verblijfskosten, bestedingen in horecagelegenheden, boodschappen, etc. Vóór 2012 werd alleen naar het totale bedrag aan vakantie-uitgaven gevraagd. Hierdoor zijn de cijfers vanaf 2012 niet goed vergelijkbaar met die van vóór 2012.
Totaal uitgaven vakanties Nederland
Dit zijn de specifieke kosten die gemaakt zijn voor de vakantie zelf, dat wil zeggen reiskosten, verblijfkosten, uitgaven aan voeding en overige kosten die rechtstreeks verband houden met de vakantie, zoals verzekeringen, entrees, souvenirs, foto- en filmmateriaal.
De uitgaven aan duurzame recreatiegoederen, zoals caravan, tent, boot, kampeeruitrusting en dergelijke zijn buiten beschouwing gelaten, omdat ze niet aan één vakantie kunnen worden toegerekend. Dit geldt ook voor de huur van een vaste stand- of ligplaats, die eveneens voor een onbekend aantal vakanties wordt benut.
Gemiddelde uitgaven per vakantieganger
Gem. uitgaven per vakantieganger
Gemiddelde uitgave per persoon per korte binnenlandse vakantie.
Dit zijn de specifieke kosten die gemaakt zijn voor de vakantie zelf, dat wil zeggen reiskosten, verblijfkosten, uitgaven aan voeding en overige kosten die rechtstreeks verband houden met de vakantie, zoals verzekeringen, entrees, souvenirs, foto- en filmmateriaal.
De uitgaven aan duurzame recreatiegoederen, zoals caravan, tent, boot, kampeeruitrusting en dergelijke zijn buiten beschouwing gelaten, omdat ze niet aan één vakantie kunnen worden toegerekend. Dit geldt ook voor de huur van een vaste stand- of ligplaats, die eveneens voor een onbekend aantal vakanties wordt benut.
Gem. uitgaven met eigen vervoer
Gemiddelde uitgave per persoon per korte binnenlandse vakantie met eigen vervoer.
Dit zijn de specifieke kosten die gemaakt zijn voor de vakantie zelf, dat wil zeggen reiskosten, verblijfkosten, uitgaven aan voeding en overige kosten die rechtstreeks verband houden met de vakantie, zoals verzekeringen, entrees, souvenirs, foto- en filmmateriaal.
De uitgaven aan duurzame recreatiegoederen, zoals caravan, tent, boot, kampeeruitrusting en dergelijke zijn buiten beschouwing gelaten, omdat ze niet aan één vakantie kunnen worden toegerekend. Dit geldt ook voor de huur van een vaste stand- of ligplaats, die eveneens voor een onbekend aantal vakanties wordt benut.
Gem. uitgaven met overig vervoer
Gemiddelde uitgave per persoon per korte binnenlandse vakantie niet met eigen vervoer.
Dit zijn de specifieke kosten die gemaakt zijn voor de vakantie zelf, dat wil zeggen reiskosten, verblijfkosten, uitgaven aan voeding en overige kosten die rechtstreeks verband houden met de vakantie, zoals verzekeringen, entrees, souvenirs, foto- en filmmateriaal.
De uitgaven aan duurzame recreatiegoederen, zoals caravan, tent, boot, kampeeruitrusting en dergelijke zijn buiten beschouwing gelaten, omdat ze niet aan één vakantie kunnen worden toegerekend. Dit geldt ook voor de huur van een vaste stand- of ligplaats, die eveneens voor een onbekend aantal vakanties wordt benut.