Sectorrekeningen; bijzondere financiële instellingen 1995 - 2012
Verklaring van tekens
Tabeltoelichting
Deze tabel bevat de gegevens van de sectoren overige financiële instellingen en het buitenland. De gegevens zijn zowel inclusief als exclusief de bijzondere financiële instellingen (BFI's) beschikbaar.
Bovendien geeft deze tabel een overzicht van alle economische deelprocessen voor de overige financiële instellingen en het buitenland, zoals productie, goederen- en dienstentransacties, inkomensverdeling en financiering. Doordat de gegevens zowel met als zonder BFI's beschikbaar zijn, krijgt men een beschrijving van de rol die de BFI's spelen.
Vervolgens ziet men de omvang en samenhang van de verschillende economische activiteiten en hun relatie.
Tussen de beginbalans (BB) en de eindbalans (EB) zijn de financiële transacties (FT) en overige mutaties (OM) waar te nemen. Al deze gegevens zijn bedoeld om een gedetailleerd en overzichtelijk beeld te geven van de vorderingen en schulden ingedeeld naar financiële transactiecategorieën. Voor de financiële balansen geldt:
BB + FT + OM = EB.
Gegevens beschikbaar vanaf 1995 tot 2012.
Status van de cijfers
De cijfers vanaf 1995 zijn definitief. De twee meest recente jaren hebben nog een (nader) voorlopig karakter.
Aangezien deze tabel is stopgezet, worden de gegevens niet meer definitief gemaakt.
Wijzigingen per 25 juni 2014:
Geen, deze tabel is stopgezet.
Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
Toelichting onderwerpen
- Macro-economische saldi
- Deze selectie bevat een aantal veel voorkomende macro-saldi zoals
binnenlands product, nationaal inkomen, nationale besparingen en
vorderingensaldo. Het zijn kernbegrippen in de macro-economie.- Beginbalans
- Waarde van de posten op de balans aan het begin van de verslagperiode.
- Schulden totaal
- De totale omvang van de schulden van een sector.
- Financiële transacties
- Veranderingen in diverse typen vorderingen op en schulden aan andere
sectoren en het buitenland. In het algemeen worden veranderingen in
vorderingen of schulden gemeten als het verschil tussen de verstrekte of
de aangetrokken financiële middelen en de aflossingen. De waarde van de
transacties in effecten, zoals aandelen en obligaties, wordt echter
bepaald als aankoopsaldo (aan de vorderingenkant) en verkoopsaldo (aan de
schuldenkant). Herwaarderingen, bijvoorbeeld als gevolg van
koersveranderingen, zijn niet begrepen in de financiële transacties.
Financiële transacties kunnen twee oorzaken hebben:
- een financiële transactie is het gevolg van een lopende of
kapitaaltransactie. Beide transacties worden gelijktijdig geregistreerd
tegen dezelfde waarde;
- een financiële transactie is het gevolg van een andere financiële
transactie. Ook hierbij worden de beide transacties gelijktijdig
geregistreerd tegen dezelfde waarde.
Bij de groepering van de financiële transacties is getracht een tweetal
invalshoeken zoveel mogelijk te verenigen:
- de aard en vorm van de betrokken transacties. Hiermee ontstaat een beeld
van de ontwikkelingen van een aantal deelmarkten van de geld- en
kapitaalmarkt;
- de looptijd en eventuele overdraagbaarheid van vorderingen en schulden.
Dit is van belang bij de beoordeling van de liquiditeit en solvabiliteit
per sector.- Schulden totaal
- De totale omvang van de schulden van een sector.
- Overige mutaties
- De veranderingen in de waarde van transacties van de activa en passiva
gedurende de verslagperiode door bijvoorbeeld herwaarderingen, afboekingen
van oninbare vorderingen en herrubriceringen van balansposten.- Schulden totaal
- De totale omvang van de schulden van een sector.
- Eindbalans
- Waarde van de posten op de balans aan het eind van de verslagperiode. Dit
wordt berekend als het saldo van de beginbalans plus de financiële
transacties en de overige mutaties die in het verslagjaar hebben
plaatsgevonden.- Schulden totaal
- De totale omvang van de schulden van een sector.
- Lopende- en kapitaaltransacties
- De lopende- en kapitaaltransacties worden onderscheiden in de volgende
deelprocessen: productie, inkomensvorming, primaire en secundaire
inkomensverdeling, inkomensbesteding, herverdeling door
kapitaaloverdrachten, kapitaalvorming. De transacties van de totale
economie met het buitenland worden getoond in de rekeningen voor
'Transacties van het buitenland met Nederland'.- Middelen
- Herkomst van ontvangsten.
- Subsidies (-)
- Betalingen van de overheid en de Europese Unie (EU) aan producenten met
het doel de prijzen van producten te verlagen, de werkgelegenheid in stand
te houden of de productiefactoren redelijk te belonen. Het gaat hierbij
bijvoorbeeld om subsidies voor het openbaar vervoer, de
huurprijsverlagende subsidies aan exploitanten van woningen, de
EU-subsidies op voedingsmiddelen en de bijdragen van de overheid in
verliezen van overheidsbedrijven.
De subsidies op voedingsmiddelen die door de EU (via de overheid) worden
betaald aan niet-ingezetenen, worden niet geregistreerd. Subsidies worden
onderscheiden in productgebonden subsidies en niet-productgebonden
subsidies.- Subsidies productgebonden
- Subsidies die worden uitgekeerd per eenheid geproduceerd of verhandeld
product. Zij zijn gerelateerd aan de waarde of aan de hoeveelheid van het
product en kunnen zowel betrekking hebben op geproduceerde als op
ingevoerde producten.
Productgebonden subsidies worden onderscheiden in productgebonden
subsidies op productie en subsidies op invoer.
- Subsidies niet-productgebonden
- Hieronder vallen de subsidies op productie. De hoogte van de subsidie is
onafhankelijk van de waarde of de hoeveelheid geproduceerde en verkochte
producten. Het betreft vooral de loonsubsidies.
- Inkomen uit vermogen
- Het inkomen dat de eigenaar van een vordering of van materiële
niet-geproduceerde activa ontvangt in ruil voor het verstrekken van
financiële middelen of het ter beschikking stellen van de materiële
niet-geproduceerde activa aan een andere institutionele eenheid.
Inkomen uit vermogen bestaat uit: rente, winstuitkeringen (dividenden en
inkomen onttrokken aan quasi-vennootschappen), ingehouden winsten op
directe buitenlandse investeringen, inkomen uit vermogen toegerekend aan
polishouders en inkomen uit grond en minerale reserves.- Dividenden
- Een uitkering van een vennootschap aan diegenen die vermogen beschikbaar
hebben gesteld in de vorm van aandelenkapitaal. Tot het dividend behoren
de contante dividenden, het stockdividend alsmede het keuzedividend.
Bonusuitkeringen vallen echter niet onder het dividend.
Dividend wordt bruto geregistreerd, dat wil zeggen inclusief de door de
vennootschappen als voorheffing ingehouden dividendbelasting. Dit geldt
ook voor de dividendbetalingen van en naar het buitenland.
Dividenden worden geregistreerd op het moment dat zij betaalbaar worden
gesteld.
- Inkomen onttrokken aan quasi-vennootsch
- Inkomen onttrokken aan quasi-vennootschappen.
Inkomen uit vermogen dat door de eigenaars wordt onttrokken aan
quasi-vennootschappen. Dit zijn delen van juridische eenheden die, omdat
zij zich gedragen als vennootschappen (nv's, bv's), als afzonderlijke
economische eenheden worden opgevat. Zij worden ingedeeld bij de
niet-financiële vennootschappen of de financiële instellingen.
Overheidsbedrijven zijn, hoewel ze administratief tot de overheid behoren,
als quasi-vennootschappen bij de vennootschappen opgenomen. De winsten van
de overheidsbedrijven worden in de vorm van inkomen onttrokken aan
quasi-vennootschappen en teruggeboekt naar de overheid. Het spiegelbeeld
hiervan, overheidsbijdragen in tekorten van overheidsbedrijven, worden
daarentegen als subsidies geboekt.
- Ingehouden winsten op dir. buitenl. inv.
- Ingehouden winsten op directe buitenlandse investeringen.
Het deel van de winst van een buitenlandse dochteronderneming dat niet in
de vorm van dividend is afgedragen aan de moederonderneming. Op de
financiële rekening wordt dit rendement op directe buitenlandse
investeringen teruggesluisd in de vorm van de aankoop van aandelen. Indien
het uitgekeerde dividend groter is dan de in een jaar behaalde winst
betekent dit dat de ingehouden winsten op directe buitenlandse
investeringen negatief zijn.
- Ink. uit verm. toeger. aan polishouders
- Inkomen uit vermogen toegerekend aan polishouders.
De opbrengsten verkregen uit de belegging van de in de loop van de jaren
opgebouwde voorzieningen bij verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen
worden beschouwd als primair inkomen van polishouders. In werkelijkheid
betalen de verzekeringsinstellingen deze bedragen niet aan de polishouders
uit, maar voegen zij ze toe aan de voorzieningen. Om aan de eisen van de
nationale rekeningen te voldoen, worden daarom een tweetal toerekeningen
gemaakt: eerst worden de bedragen toegerekend aan polishouders, die dit
vervolgens terugbetalen als onderdeel van de premies.
- Bestedingen
- Bestemming van uitgaven.
- Belast. op prod. niet-productgebonden
- Belasting op productie, niet-productgebonden.
Dit zijn de belastingen op productie die producenten moeten betalen,
ongeacht de hoeveelheid of de waarde van de geproduceerde of verkochte
producten. Voorbeelden hiervan zijn de onroerendezaakbelasting,
reinigingsrechten en rioolrechten betaald door producenten.
- Subsidies niet-productgebonden
- Hieronder vallen de subsidies op productie. De hoogte van de subsidie is
onafhankelijk van de waarde of de hoeveelheid geproduceerde en verkochte
producten. Het betreft vooral de loonsubsidies.
- Inkomen uit vermogen
- Het inkomen dat de eigenaar van een vordering of van materiële
niet-geproduceerde activa ontvangt in ruil voor het verstrekken van
financiële middelen of het ter beschikking stellen van de materiële
niet-geproduceerde activa aan een andere institutionele eenheid.
Inkomen uit vermogen bestaat uit: rente, winstuitkeringen (dividenden en
inkomen onttrokken aan quasi-vennootschappen), ingehouden winsten op
directe buitenlandse investeringen, inkomen uit vermogen toegerekend aan
polishouders en inkomen uit grond en minerale reserves.- Dividenden
- Een uitkering van een vennootschap aan diegenen die vermogen beschikbaar
hebben gesteld in de vorm van aandelenkapitaal. Tot het dividend behoren
de contante dividenden, het stockdividend alsmede het keuzedividend.
Bonusuitkeringen vallen echter niet onder het dividend.
Dividend wordt bruto geregistreerd, dat wil zeggen inclusief de door de
vennootschappen als voorheffing ingehouden dividendbelasting. Dit geldt
ook voor de dividendbetalingen van en naar het buitenland.
Dividenden worden geregistreerd op het moment dat zij betaalbaar worden
gesteld.
- Inkomen onttrokken aan quasi-vennootsch.
- Inkomen onttrokken aan quasi-vennootschappen.
Inkomen uit vermogen dat door de eigenaars wordt onttrokken aan
quasi-vennootschappen. Dit zijn delen van juridische eenheden die, omdat
zij zich gedragen als vennootschappen (nv's, bv's), als afzonderlijke
economische eenheden worden opgevat. Zij worden ingedeeld bij de
niet-financiële vennootschappen of de financiële instellingen.
Overheidsbedrijven zijn, hoewel ze administratief tot de overheid behoren,
als quasi-vennootschappen bij de vennootschappen opgenomen. De winsten van
de overheidsbedrijven worden in de vorm van inkomen onttrokken aan
quasi-vennootschappen en teruggeboekt naar de overheid. Het spiegelbeeld
hiervan, overheidsbijdragen in tekorten van overheidsbedrijven, worden
daarentegen als subsidies geboekt.
- Ink. uit verm. toeger. aan polishouders
- Inkomen uit vermogen toegerekend aan polishouders.
De opbrengsten verkregen uit de belegging van de in de loop van de jaren
opgebouwde voorzieningen bij verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen
worden beschouwd als primair inkomen van polishouders. In werkelijkheid
betalen de verzekeringsinstellingen deze bedragen niet aan de polishouders
uit, maar voegen zij ze toe aan de voorzieningen. Om aan de eisen van de
nationale rekeningen te voldoen, worden daarom een tweetal toerekeningen
gemaakt: eerst worden de bedragen toegerekend aan polishouders, die dit
vervolgens terugbetalen als onderdeel van de premies.
- Financiële balansen
- Overzicht van de schulden en de vorderingen van de verschillende sectoren.
- Vorderingen
- Overzicht van de ontwikkeling van de vorderingen van een sector,
uitgesplitst naar type vordering.- Beginbalans
- Waarde van de posten op de balans aan het begin van de verslagperiode.
- Spaartegoeden in euros
- Deze spaartegoeden omvatten alle tegoeden in euro's van particulieren bij
banken in de vorm van gewone spaarrekeningen, termijnspaarrekeningen,
premiespaarrekeningen en termijndeposito's.
- Aandelen en overige deelnemingen
- Alle vorderingen die een gehele of gedeeltelijke aanspraak verlenen op de
eventuele winst en het eventuele nettovermogen bij liquidatie. Hiertoe
wordt ook de waarde van de investeringen door de overheid in de
overheidsbedrijven gerekend.
- Financiële transacties
- Veranderingen in diverse typen vorderingen op en schulden aan andere
sectoren en het buitenland. In het algemeen worden veranderingen in
vorderingen of schulden gemeten als het verschil tussen de verstrekte of
de aangetrokken financiële middelen en de aflossingen. De waarde van de
transacties in effecten, zoals aandelen en obligaties, wordt echter
bepaald als aankoopsaldo (aan de vorderingenkant) en verkoopsaldo (aan de
schuldenkant). Herwaarderingen, bijvoorbeeld als gevolg van
koersveranderingen, zijn niet begrepen in de financiële transacties.
Financiële transacties kunnen twee oorzaken hebben:
- een financiële transactie is het gevolg van een lopende of
kapitaaltransactie. Beide transacties worden gelijktijdig geregistreerd
tegen dezelfde waarde;
- een financiële transactie is het gevolg van een andere financiële
transactie. Ook hierbij worden de beide transacties gelijktijdig
geregistreerd tegen dezelfde waarde.
Bij de groepering van de financiële transacties is getracht een tweetal
invalshoeken zoveel mogelijk te verenigen:
- de aard en vorm van de betrokken transacties. Hiermee ontstaat een beeld
van de ontwikkelingen van een aantal deelmarkten van de geld- en
kapitaalmarkt;
- de looptijd en eventuele overdraagbaarheid van vorderingen en schulden.
Dit is van belang bij de beoordeling van de liquiditeit en solvabiliteit
per sector.- Spaartegoeden in euros
- Deze spaartegoeden omvatten alle tegoeden in euro's van particulieren bij
banken in de vorm van gewone spaarrekeningen, termijnspaarrekeningen,
premiespaarrekeningen en termijndeposito's.
- Aandelen en overige deelnemingen
- Alle vorderingen die een gehele of gedeeltelijke aanspraak verlenen op de
eventuele winst en het eventuele nettovermogen bij liquidatie. Hiertoe
wordt ook de waarde van de investeringen door de overheid in de
overheidsbedrijven gerekend.
- Overige mutaties
- De veranderingen in de waarde van transacties van de activa en passiva
gedurende de verslagperiode door bijvoorbeeld herwaarderingen, afboekingen
van oninbare vorderingen en herrubriceringen van balansposten.- Spaartegoeden in euros
- Deze spaartegoeden omvatten alle tegoeden in euro's van particulieren bij
banken in de vorm van gewone spaarrekeningen, termijnspaarrekeningen,
premiespaarrekeningen en termijndeposito's.