Prognose huishoudens; intervallen personen, huishoudenspositie, 2003 - 2050

Prognose huishoudens; intervallen personen, huishoudenspositie, 2003 - 2050

Prognose(-interval) Perioden Totale bevolking Totaal mannen en vrouwen (absoluut) Totale bevolking Vrouwen (absoluut) Alleenstaande personen Totaal mannen en vrouwen (absoluut) Alleenstaande personen Vrouwen (absoluut) Samenwonende personen Totaal mannen en vrouwen (absoluut) Samenwonende personen Vrouwen (absoluut) Thuiswonende kinderen Totaal mannen en vrouwen (absoluut) Thuiswonende kinderen Vrouwen (absoluut) Eénouders Totaal mannen en vrouwen (absoluut) Eénouders Vrouwen (absoluut) Overige personen Totaal mannen en vrouwen (absoluut) Overige personen Vrouwen (absoluut) In institutie wonende personen Totaal mannen en vrouwen (absoluut) In institutie wonende personen Vrouwen (absoluut)
Prognose 2050 17.615.232 8.909.282 3.374.915 1.739.592 8.481.033 4.233.018 4.643.664 2.137.592 586.549 490.548 300.189 160.289 228.887 148.245
Ondergrens 95% prognose-interval 2050 14.245.937 7.230.460 1.486.873 856.416 5.868.773 2.882.423 3.183.488 1.446.761 254.922 216.496 176.558 89.596 62.991 49.447
Bovengrens 95% prognose-interval 2050 21.847.808 11.004.531 5.447.201 2.741.088 11.209.325 5.673.062 6.591.560 3.073.164 945.484 790.602 484.559 261.250 476.315 296.508
Ondergrens 67% prognose-interval 2050 15.644.457 7.918.955 2.358.482 1.254.401 7.114.592 3.516.666 3.777.302 1.720.993 408.975 345.084 233.051 123.640 133.955 90.462
Bovengrens 67% prognose-interval 2050 19.533.860 9.864.283 4.376.036 2.208.596 9.820.454 4.905.742 5.469.547 2.529.159 764.761 639.686 381.593 206.224 326.906 206.680
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting

Intervallen bevolking naar huishoudenspositie en huishoudens
Prognose intervallen 95% en 67% (onder - en bovengrens)
2003 - 2050
Gewijzigd op 21 februari 2005.
Verschijningsfrequentie: Stopgezet.

Toelichting onderwerpen

Totale bevolking
Totaal mannen en vrouwen
Vrouwen
Alleenstaande personen
Persoon die alleen in een woonruimte is gehuisvest en hierdoor een
eenpersoonshuishoudens vormt. Tot alleenstaanden worden ook personen
gerekend die met anderen eenzelfde adres bewonen maar een eigen
huishouding voeren. Alleenstaanden worden in alle burgerlijke staten
aangetroffen; zo kunnen gehuwden na het stuklopen van hun relatie (in
afwachting van een scheiding) alleen wonen.
Totaal mannen en vrouwen
Vrouwen
Samenwonende personen
Personen die - al dan niet gehuwd - een gemeenschappelijke
huishouding voeren met een vaste partner.
Totaal mannen en vrouwen
Vrouwen
Thuiswonende kinderen
Thuiswonende kinderen betreffen alle in het huishouden van hun
ouder(s) aanwezige eigen, stief- of adoptiekinderen die zelf
geen kinderen hebben.
Totaal mannen en vrouwen
Vrouwen
Eénouders
Personen met thuiswonende kinderen die niet samenwonen met een vaste
partner.
Totaal mannen en vrouwen
Vrouwen
Overige personen
Personen die met andere personen op eenzelfde adres wonen maar geen
partnerrelatie met die andere personen onderhouden en geen kind zijn van
die andere personen. Te denken valt bijvoorbeeld aan kostgangers
die bij een gezin inwonen of studenten die een huishouden vormen.
Totaal mannen en vrouwen
Vrouwen
In institutie wonende personen
Personen die langer dan een jaar in een instelling verblijven, zoals
verpleeg-, verzorgings- en kindertehuizen,
opvoedingsinternaten, revalidatiecentra en gevangenissen.
Totaal mannen en vrouwen
Vrouwen