DNB en Kredietinstellingen; Structuurgegevens, Resultatenrekening 1997-2015

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over de bedrijfsstructuur en resultatenrekening van De Nederlandsche Bank (DNB) en de kredietinstellingen. Tot en met verslagjaar 2007 hebben deze gegevens betrekking op het gehele bedrijf van de kredietinstellingen. Vanaf verslagjaar 2008 betreffen de gegevens alleen het geldscheppend bedrijf van de kredietinstellingen.
Het CBS stelt deze tabel jaarlijks samen; de gegevens worden tevens opgeleverd aan Eurostat. De leveringsverplichting aan Eurostat is vastgelegd in de Verordening voor Structurele bedrijfsstatistieken (SBS-verordening).
De bedrijfsstructuurinformatie betreft gegevens over demografie, werkgelegenheid en het aantal gelduitgifteautomaten. Daarnaast bevat de tabel de resultatenrekening en enkele posten over productie, investeringen en aankopen.

Gegevens beschikbaar van 1997 tot en met 2015.

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn bij eerste publicatie definitief. Als er zich toch wijzigingen voordoen is dit het gevolg van het beschikbaar komen van nieuwe of geactualiseerde gegevens.

Wijzigingen per 10 juli 2018:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
In het kader van de strategische samenwerking tussen het CBS en DNB is een nieuwe taakverdeling afgesproken. Kredietinstellingen vallen daarbij expliciet onder het werkgebied van DNB. De publicatie van tabellen door het CBS met betrekking tot Kredietinstellingen wordt daarom stopgezet.
Meer informatie is te vinden via de link in paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Baten
Rente en soortgelijke baten
Rente/baten vast-rentende waardepapieren
Rente en soortelijke baten uit vast-rentende waardepapieren.
Dit zijn waardepapieren, voor zover ze het karakter van een lening hebben, waarbij het rentetarief gedurende de gehele looptijd niet verandert.
Opbrengsten uit waardepapieren
Totaal opbrengsten uit waardepapieren
Deze post omvat:
a) Opbrengsten uit aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren
b) Opbrengsten uit groepsmaatschappijen
c) Opbrengsten uit deelnemingen
d) Resultaten bij verkoop van deelnemingen, voor zover deze niet als buitengewone baten of lasten dienen te worden opgenomen.
Opbrengsten uit aandelen
Opbrengsten uit aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren.
Overige opbrengsten uit waardepapieren
Lasten
Waardever. van vord. en toev./onttr.
Waardeveranderingen van vorderingen en toevoeging aan/onttrekking uit het fonds algemene bankrisico's.
Overige waardeveranderingen
Waardeveranderingen die niet vallen onder de post:
"Waardeveranderingen van vorderingen en toevoeging aan/onttrekking uit het fonds algemene bankrisico's".
Overige posten
Productiewaarde
De productiewaarde wordt als volgt berekend:
Rente en soortgelijke baten - Rente en soortgelijke lasten + Provisiebaten + Opbrengsten uit aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren + Resultaat uit financiële transacties + Overige baten.
Toegevoegde waarde tegen basisprijzen
Productiewaarde min de totale aankoop van goederen en diensten.
Bruto-investeringen in materiële activa
Bruto-investeringen in materiële activa.