Hernieuwbare elektriciteit; binnenlandse prod., import en export, 1990-2013

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over de binnenlandse productie van hernieuwbare elektriciteit en de import en export van certificaten voor hernieuwbare elektriciteit. Bij de productie wordt daarbij een onderscheid gemaakt naar netto/bruto en genormaliseerd/niet genormaliseerd. De gegevens zijn uitgesplitst naar het soort energiebron en de toegepaste techniek om de elektriciteit te verkrijgen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar 4 hoofdcategorieën: waterkracht, windenergie, zonnestroom en biomassa.

Gegevens beschikbaar van:
1990-2001 per jaar en van 2002-2013 ook per kwartaal.

Status van de cijfers:
Deze tabel geeft de definitieve cijfers tot en met 2012 en voorlopige cijfers 2013.
Aangezien deze tabel is stopgezet, worden de gegevens 2013 niet meer definitief gemaakt.

Wijzigingen per 12 juni 2014:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers:
Niet meer van toepassing.
Deze tabel wordt opgevolgd door de tabel "Hernieuwbare elektriciteit: productie en vermogen".

Toelichting onderwerpen

Elektriciteitsproductie
Binnenlandse productie van hernieuwbare elektriciteit.
Genormaliseerd
Om de invloed van toevallige weersomstandigheden op de cijfers te reduceren normaliseert het CBS de productie uit wind en waterkracht volgens de procedure uit de EU-Richtlijn Hernieuwbare Energie. De genormaliseerde productie in een bepaald jaar wordt daarbij berekend als de capaciteit in het betreffende jaar maal de gemiddelde productie per eenheid capaciteit in de afgelopen vijf jaar (voor wind) of vijftien jaar (voor waterkracht). De productie van zonnestroom is in principe ook afhankelijk van het weer. In de EU-Richtlijn is echter afgesproken om voor zonnestroom geen normalisatie toe te passen. Voor zonnestroom en elektriciteit uit biomassa is de genormaliseerde productie gelijk aan de niet-genormaliseerde productie. Genormaliseerde cijfers zijn alleen beschikbaar op jaarbasis.
Bruto productie
Bruto binnenlandse productie van hernieuwbare elektriciteit. Dit is de productie inclusief het eigen verbruik. Het eigen verbruik is de elektriciteit die wordt gebruikt bij de elektriciteitsopwekking.
Aandeel in totaal elektriciteitsverbruik
Hernieuwbare, genormaliseerde, bruto elektriciteitsproductie als percentage van het totale bruto binnenlands elektriciteitsverbruik (inclusief de netverliezen).
Niet genormaliseerd
Niet genormaliseerde elektriciteitsproductie is de werkelijke productie.
Bruto productie
Bruto binnenlandse productie van hernieuwbare elektriciteit. Dit is de productie inclusief het eigen verbruik. Het eigen verbruik is de elektriciteit die wordt gebruikt bij de elektriciteitsopwekking.
Aandeel in totaal elektriciteitsverbruik
Hernieuwbare, niet genormaliseerde, bruto elektriciteitsproductie als percentage van het totale bruto binnenlands elektriciteitsverbruik (inclusief de netverliezen).
Netto productie
Netto binnenlandse productie van hernieuwbare elektriciteit. Dit is de productie exclusief het eigen verbruik. Het eigen verbruik is de elektriciteit die wordt gebruikt bij de elektriciteitsopwekking.
Aandeel in totaal elektriciteitsverbruik
Hernieuwbare, niet genormaliseerde, netto elektriciteitsproductie als percentage van het totale netto binnenlands elektriciteitsverbruik
(inclusief de netverliezen).
Import certificaten
Een certificaat voor hernieuwbare elektriciteit is een bewijs dat een bepaalde hoeveelheid elektriciteit is opgewekt uit hernieuwbare bronnen. Deze certificaten heten officieel Garanties van Oorsprong. Een dergelijk certificaat is voorwaarde voor het verkrijgen van subsidie op in het binnenland geproduceerde hernieuwbare elektriciteit. Het certificaat is ook een voorwaarde voor het verkopen van groene stroom op de Europese markt.
Het gaat bij de import van certificaten om de som van (1) geïmporteerde Garanties van Oorsprong (vanaf 2004) en (2) Nederlandse Groencertificaten aangemaakt over de buitenlandse hernieuwbare elektriciteitsproductie die in Nederland geïmporteerd is (voor 2002-2004). Beide typen van certificaten worden beheerd door CertiQ.
De import van certificaten telt niet mee voor de doelstelling voor het aandeel hernieuwbare energie uit de EU-Richtlijn Hernieuwbare Energie uit 2009.
Vanaf 2013 is de som van de import van certificaten met elektriciteit uit waterkracht, windenergie, zonnestroom en biomassa niet meer gelijk aan de totale import van certificaten, omdat er sinds 2013 ook certificaten met elektriciteit uit bodemenergie worden geïmporteerd. Deze energiebron is niet in deze tabel opgenomen. In 2013 was de import van certificaten met elektriciteit uit bodemenergie 1 037 miljoen kWh.
Aandeel in totaal elektriciteitsverbruik
Geïmporteerde hernieuwbare elektriciteit als percentage van het totale netto binnenlands elektriciteitsverbruik (inclusief de netverliezen, exclusief het eigen verbruik voor elektriciteitsopwekking).
Export certificaten
Een certificaat voor hernieuwbare elektriciteit is een bewijs dat een bepaalde hoeveelheid elektriciteit is opgewekt uit hernieuwbare bronnen. Deze certificaten heten officieel Garanties van Oorsprong. Een dergelijk certificaat is voorwaarde voor het verkrijgen van subsidie op in het binnenland geproduceerde hernieuwbare elektriciteit. Het certificaat is ook een voorwaarde voor het verkopen van groene stroom op de Europese markt.
Export van certificaten heeft geen invloed op het bereiken van de doelstelling voor het aandeel hernieuwbare energie uit de EU-Richtlijn Hernieuwbare Energie uit 2009.
Aandeel in totaal elektriciteitsverbruik
Geëxporteerde hernieuwbare elektriciteit als percentage van het totale netto binnenlands elektriciteitsverbruik (inclusief de netverliezen, exclusief het eigen verbruik voor elektriciteitsopwekking).