Samenstelling inkomen van AOW-huishoudens

Samenstelling inkomen van AOW-huishoudens

Kenmerken van huishoudens Aanvullend pensioen Perioden Aantal huishoudens (x·1·000) Gemiddelde inkomens Bruto inkomen (x·1·000·euro) Gemiddelde inkomens Besteedbaar inkomen (x·1·000·euro) Gemiddelde inkomens Gestandaardiseerd inkomen (x·1·000·euro) Gemiddelde inkomens AOW-inkomen (x·1·000·euro) Gemiddelde inkomens Pensioen (incl. AOW) (x·1·000·euro) Aanvullende inkomsten Aanvullend pensioen Aantal huishoudens (x·1·000) Aanvullende inkomsten Aanvullend pensioen Percentage (%) Aanvullende inkomsten Aanvullend pensioen Bedrag per ontvangend huishouden (x·1·000·euro) Aanvullende inkomsten Inkomen uit vermogen Aantal huishoudens (x·1·000)
Alleenstaande vrouw Totaal huishoudens 2000 569 18,3 15,0 15,0 9,8 14,8 432 75,9 6,6 252
Alleenstaande vrouw Met aanvullend pensioen 2000 432 19,5 15,9 15,9 9,8 16,5 432 100,0 6,6 194
Alleenstaande vrouw Zonder aanvullend pensioen 2000 137 14,4 12,3 12,3 9,6 9,6 0 0,0 . 58
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting

Gemiddelde inkomens en inkomensbestanddelen van AOW - huishoudens
naar kenmerken van huishoudens en wel of geen aanvullend pensioen.
1990 - 2000
Gewijzigd op 14 april 2003.
Verschijningsfrequentie: Stopgezet.

Toelichting onderwerpen

Aantal huishoudens
Gemiddelde inkomens
Gemiddelden van inkomensbegrippen die op alle huishoudens van toepassing
zijn.
Bruto inkomen
Het bruto inkomen bestaat uit het primair inkomen verhoogd met de bruto
ontvangen overdrachten. De bruto ontvangen overdrachten bestaan uit:
- overdrachten rechtstreeks van de overheid, bijvoorbeeld
bijstanduitkeringen en kinderbijslag
- overdrachten via de sociale verzekeringen, zoals de Algemene
Ouderdomswet (AOW), de Werkloosheidswet (WW) en de Wet op de
Arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)
- andere overdrachten, zoals pensioen en lijfrenten.
Besteedbaar inkomen
Het besteedbaar inkomen is het bruto inkomen verminderd met de betaalde
overdrachten en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting. De betaalde
overdrachten bestaan uit:
- premies volksverzekeringen, te weten de AOW, de Algemene
Nabestaandenwet (ANW), de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW)
en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ)
- werkgevers- en werknemersdeel van de premies werknemersverzekeringen
(ZW, WW, WAO)
- premies ziektekostenverzekeringen (ziekenfonds en particulier)
- andere overdrachten, zoals premies voor lijfrente en fiscaal
aftrekbare echtscheidingsuitkeringen.
Gestandaardiseerd inkomen
Het gestandaardiseerd inkomen is het besteedbaar inkomen van een
huishouden, gecorrigeerd voor verschillen in huishoudenssamenstelling.
Deze correctie vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren. In de
equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg
zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van
de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen van
een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze zijn de welvaartsniveaus van
huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt. Het gestandaardiseerd inkomen
is dus een maat voor de welvaart van een huishouden.
AOW-inkomen
Bruto uitkering die wordt ontvangen op grond van de Algemene Ouderdomswet.
Pensioen (incl. AOW)
De bruto uitkering AOW en aanvullend pensioen bestaande uit uitkeringen
van pensioenfondsen en lijfrente-uitkeringen ontvangen van
levensverzekeringsmaatschappijen en dergelijke.
Aanvullende inkomsten
Gemiddelden van aanvullende inkomsten.
Aanvullend pensioen
Uitkeringen van pensioenfondsen en lijfrente-uitkeringen ontvangen van
levensverzekeringsmaatschappijen en dergelijke.
Aantal huishoudens
Aantal AOW-huishoudens met aanvullend pensioen.
Percentage
Het aantal AOW-huishoudens dat aanvullend pensioen ontvangt
in procenten van alle AOW-huishoudens.
Bedrag per ontvangend huishouden
Gemiddeld bedrag aan aanvullend pensioen per AOW-huishouden met aanvullend
pensioen.
Inkomen uit vermogen
Exclusief inkomen uit eigen woning.
Aantal huishoudens
Aantal AOW-huishoudens met inkomen uit vermogen.