Kerncijfers wijken en buurten 2001

Kerncijfers wijken en buurten 2001

Regio Wonen Woningen (absoluut) Inkomen Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger (1 000 euro) Inkomen Gemiddeld inkomen per inwoner (1 000 euro) Inkomen Lage inkomens (%) Inkomen Hoge inkomens (%) Inkomen Niet actieven (%) Bedrijven Vestigingen (code)
Kleingenhout 70 16,2 10,6 41 . . 1
Beuningen 9.540 16,4 10,7 37 21 11 8
Wijk 00 Beuningen 7.440 16,7 10,8 36 22 12 7
Beuningen 680 14,9 12,0 44 16 13 5
Beuningen-Zuid oostelijke uitbreiding 1.920 17,5 11,3 35 26 14 5
Beuningen-West 3.540 16,8 10,5 34 22 9 6
Verspr. h. Beuningen 260 16,3 10,8 33 19 10 3
Verspr. h. polder Beuningen 90 15,6 10,2 47 26 . 4
Groeningen 120 16,7 10,5 36 25 . 2
Wijk 10 Teteringen 2.250 18,4 12,3 35 29 16 6
Teteringen 2.070 18,5 12,2 34 30 16 6
Verspr. h. Teteringen 140 18,3 13,0 41 20 23 3
Wijk 04 Ingen 720 15,9 10,7 41 20 18 5
Ingen 390 15,5 10,0 44 21 18 4
Wijk 04 Noord Deurningen 270 14,9 10,3 41 17 14 4
Noord Deurningen kern 130 15,9 10,0 33 24 . 2
Verspr. h. Noord Deurningen 150 14,5 10,5 45 14 16 3
Wijk 09 Deurningen 500 14,5 9,5 46 18 11 3
Deurningen 390 15,2 9,9 43 20 11 3
Verspr. h. Deurningen 30 . . . . . 1
Handelspark De Weteringen 0 . . . . . 4
Wijk 02 Herkingen 440 15,2 9,8 41 19 16 4
Herkingen 420 15,5 10,3 39 19 17 3
Hingen 250 14,4 10,7 42 17 23 3
Gendringen 7.980 14,7 9,8 44 14 15 7
Wijk 01 Overig Gendringen 2.780 15,3 10,1 41 16 16 6
Gendringen 1.580 15,1 10,1 42 15 20 5
Verspr. h. Gendringen 200 14,8 9,8 44 16 13 2
Avelingen 10 . . . . . 5
Schuilingen 500 17,4 12,4 39 25 . 3
Wijk 07 Scheveningen 8.550 16,6 12,2 41 20 16 8
Oud Scheveningen 1.480 15,3 11,2 44 16 16 5
Scheveningen Badplaats 3.000 18,3 13,2 34 25 17 6
Groningen 81.640 14,8 10,1 45 14 21 9
Harlingen 6.540 14,7 9,5 46 15 15 7
Wijk 00 Harlingen 6.060 14,6 9,5 47 15 15 7
Verspr. h. Harlingen 50 15,2 8,0 . . . 2
Wijk 01 Panningen 6.120 15,3 10,3 43 18 13 7
Panningen 2.690 15,2 10,6 46 17 15 6
Gorsingen Hoeck 1.240 17,0 11,4 38 27 17 4
Grevelingen 380 14,0 12,8 48 . . 1
Schieringen 1.160 13,7 9,3 45 8 22 4
Wijk 04 Beuningen 270 16,7 10,0 42 22 7 3
Beuningen kern 70 16,1 7,8 38 32 . 1
Verspr. h. Beuningen 200 16,9 11,2 43 18 9 3
Schingen 40 17,8 11,0 . . . 1
Millingen aan de Rijn 2.300 14,7 10,1 45 13 12 6
Millingen aan de Rijn 2.120 14,5 10,0 46 12 14 6
Wijk 08 Heijningen 390 16,7 11,2 29 23 8 5
Heijningen 230 16,7 11,7 26 18 11 3
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Kerncijfers wijken en buurten
Gegevens beschikbaar: 2001
Frequentie: deze tabel bevat alleen de gegevens over 2001 en is daarna stopgezet.
De publicatie "Kerncijfers Wijken en Buurten 2001" bevat statistische gegevens voor alle gemeenten, wijken en buurten van Nederland. Aan elk van deze gebieden is een unieke code van acht posities toegekend in de 'Landelijke wijk- en buurtindeling op 1 januari 2001'. Deze wijk- en buurtcode is opgebouwd uit een gemeentecode van vier posities, gevolgd door een wijkcode van twee posities, gevolgd door een buurtcode van twee posities. De kerncijfers hebben hoofdzakelijk tot doel de verschillende onderdelen van gemeenten onderling te vergelijken. Door de landelijke aanpak is het ook mogelijk om buurten van verschillende gemeenten onderling te vergelijken

Toelichting onderwerpen

Wonen
Hierbij zijn opgenomen het aantal woningen en de gemiddelde WOZ-waarde van
de woningen.
Woningen
Dit veld geeft het aantal gewone woningen weer. Een woning is een tot
bewoning bestemd gebouw dat, vanuit bouwtechnisch oogpunt bezien,
blijvend is bestemd voor permanente bewoning door één
particulier huishouden.
De aantallen woningen zijn afgerond op tientallen.
Inkomen
De gegevens zijn afkomstig uit het Regionaal Inkomensonderzoek 2000.
Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger
Dit veld geeft het gemiddeld besteedbaar inkomen per individu met 52
weken inkomen over het jaar 2000. Het besteedbaar inkomen is het totaal
aan inkomsten van een individu verminderd met betaalde premies en
belastingen. Individuen met 52 weken inkomen hebben het gehele jaar 2000
inkomsten genoten, al dan niet in deeltijd. Dit gegeven is afkomstig uit
het Regionaal Inkomensonderzoek 2000. De genoemde bedragen zijn afgerond
op 1000-voud met één cijfer achter de komma, dus bijvoorbeeld Appingedam
14,9 lezen als 14,9 duizend euro.
Gemiddeld inkomen per inwoner
Dit veld geeft het gemiddeld besteedbaar inkomen per inwoner over het
jaar 2000. Het gemiddeld besteedbaar inkomen is het totaal aan inkomsten
van een individu verminderd met betaalde premies en belastingen. Voor de
berekening van dit veld zijn de besteedbare inkomens van alle individuen
binnen een gebied opgeteld. Het resulterende bedrag is vervolgens gedeeld
door het aantal inwoners van het gebied. Dit gegeven is afkomstig uit het
Regionaal Inkomensonderzoek 2000. De genoemde bedragen(in euro's)zijn
afgerond op 1000-voud met één cijfer achter de komma, dus bijvoorbeeld
Appingedam 10,2 lezen als 10,2 duizend euro.
Lage inkomens
Dit veld geeft het aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen dat in
2000 een besteedbaar inkomen onder de 13.000 euro had, uitgedrukt in hele
procenten van het totaal aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen.
Het grensbedrag van 13.000 euro is het 40-procentpunt van de landelijke
inkomensverdeling van 2000.
Hoge inkomens
Dit veld geeft het aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen dat in
2000 een besteedbaar inkomen boven de 22.200 euro had, uitgedrukt in hele
procenten van het totaal aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen.
Het grensbedrag van 22.200 euro is het 80-procentpunt van de landelijke
inkomensverdeling van 2000.
Niet actieven
Het aantal inkomensontvangers van 15 tot en met 64 jaar dat in 2000 een
uitkering als voornaamste inkomensbron had, uitgedrukt in hele procenten
van het totaal aantal inkomensontvangers van 15 tot en met 64 jaar.
- Waarden lager dan 5% zijn vastgezet op 5%.
- Waarden hoger dan 95% zijn vastgezet op 95%.
In dit onderzoek worden individuen met 52 weken inkomen ingedeeld naar
sociaal-economische categorieën. Personen met een werkloosheidsuitkering,
arbeidsongeschikten, pensioenontvangers, bijstandontvangers en de groep
'overige inkomensontvangers' worden tot de 'niet-actieven' gerekend. Deze
'niet-actieven' hadden in 2000 dus een uitkering als voornaamste
inkomensbron.
Bedrijven
Bedrijfsvestigingen op 1 januari 2000, volgens de Standaard
Bedrijfsindeling 1993 (SBI 1993). Dit gegeven is ontleend aan de
statistiek Bedrijven in Nederland 2000.
Vestigingen
Dit veld geeft het aantal bedrijfsvestigingen op 1 januari 2000,
ingedeeld in 9 klassen. Bedrijfsvestigingen in de landbouw, visserij en
intramurale gezondheidszorg zijn niet meegeteld. Dit gegeven is ontleend
aan de statistiek Bedrijven in Nederland 2000. De volgende
klassenindeling is gehanteerd:
Klasse Omschrijving
1 0 tot 10 bedrijfsvestigingen
2 10 tot 20 bedrijfsvestigingen
3 20 tot 50 bedrijfsvestigingen
4 50 tot 100 bedrijfsvestigingen
5 100 tot 200 bedrijfsvestigingen
6 200 tot 500 bedrijfsvestigingen
7 500 tot 1 000 bedrijfsvestigingen
8 1 000 tot 2 000 bedrijfsvestigingen
9 2 000 of meer bedrijfsvestigingen .