Verkiezing Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2002

Verkiezing Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2002

Regio's Kiesgerechtigden, opkomst en stemmen Kiesgerechtigden (absoluut) Kiesgerechtigden, opkomst en stemmen Opkomst (%) Kiesgerechtigden, opkomst en stemmen Totaal stemmen (absoluut) Kiesgerechtigden, opkomst en stemmen Geldige stemmen (absoluut)
Barendrecht 25.285 85,0 21.496 21.485
Dordrecht 88.196 75,1 66.243 66.161
Drechterland 7.425 85,2 6.327 6.325
Echt 14.800 74,6 11.042 11.031
Moordrecht 5.728 83,5 4.781 4.765
Papendrecht 23.035 82,9 19.091 19.071
Sliedrecht 17.886 82,0 14.674 14.662
Utrecht 196.586 78,0 153.390 152.842
Woensdrecht 15.723 74,9 11.782 11.770
Zwijndrecht 31.527 80,9 25.493 25.465
Utrecht (provincie) 845.981 82,4 697.100 696.006
Utrecht (corop) 845.981 82,4 697.100 696.006
Het Gooi en Vechtstreek (corop) 182.897 83,3 152.297 152.147
Utrecht (agglomeratie) 297.196 78,9 234.563 233.935
Dordrecht (agglomeratie) 180.569 79,0 142.619 142.471
Utrecht (stadsgewest) 412.115 80,6 332.216 331.498
Dordrecht (stadsgewest) 209.669 79,7 167.167 166.996
Utrecht (kamerkieskring) 845.981 82,4 697.100 696.006
Dordrecht (kamerkieskring) 922.111 81,0 747.093 746.195
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze publicatie geeft informatie over kiesgerechtigden, opkomst en uitgebrachte stemmen per gemeente met betrekking tot de verkiezing van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, 15 mei 2002.

De leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal worden rechtstreeks gekozen, dat wil zeggen de kiezers wijzen bij stemming de gekozenen aan.
Sinds 1917 wordt in Nederland gekozen volgens het stelsel van evenredige vertegenwoordiging, tot die tijd gold het districtenstelsel. Het aantal Tweede Kamerleden bedroeg aanvankelijk 100 maar werd in 1956 uitgebreid tot 150.
Het algemeen mannenkiesrecht werd in 1917 ingevoerd, het vrouwenkiesrecht kwam in 1919 tot stand. Vanaf dat jaar zijn alle Nederlandse ingezetenen die een bepaalde leeftijd hebben bereikt in principe kiesgerechtigd.
Sinds 1983 hebben ook in het buitenland woonachtige Nederlanders stemrecht voor de Tweede Kamer. De minimumleeftijd voor het actief kiesrecht ging in 1972 omlaag naar 18 jaar, nadat in 1946 deze leeftijd was gewijzigd van 25 in 23 en in 1963 van 23 in 21 jaar.
In de Grondwet van 1917 werd de stemplicht ingevoerd om in 1922 daaruit te worden geschrapt. De Kieswet kende de opkomstplicht, maar deze werd in 1970 afgeschaft.

Gegevens beschikbaar over 15 mei 2002.

Status van de cijfers:
De gegevens van deze tabel zijn definitief.

Wijzigingen per 18 mei 2018:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Kiesgerechtigden, opkomst en stemmen
Kiesgerechtigden
De kiesgerechtigdheid van de ingezetenen wordt geregistreerd in de
GBA (Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens).
Opkomst
Totaal aantal uitgebrachte stemmen in % van de kiesgerechtigden.
Het opkomstpercentage van een gemeente kan meer dan 100 zijn.
Dit kan worden verklaard doordat in deze gemeente (relatief veel)
kiezers hebben gestemd die in het bezit waren van een kiezerspas.
Hun stem telt dus in de teller (aantal uitgebrachte stemmen) wel mee,
maar in de noemer (aantal in het gemeentelijke kiezersregister
opgenomen personen) niet. Het betreft meestal gemeenten waar
ten tijde van de verkiezing veel vakantiegangers verblijven.
Een kiezerspas is een verklaring waaruit blijkt dat is voldaan aan
het door de kiezer gedane verzoek om zijn stem in een stembureau
naar keuze in Nederland te mogen uitbrengen.
Totaal stemmen
Totaal geldige, ongeldige en blanco stemmen.
Geldige stemmen