Regionale inkomensverdeling 2000, kerncijfers.

Regionale inkomensverdeling 2000, kerncijfers.

Regio's Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Aantal huishoudens Eenpersoonshuishoudens (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Aantal huishoudens Meerpersoonshuishoudens Zonder minderjarige kinderen (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Aantal huishoudens Meerpersoonshuishoudens Met minderjarige kinderen (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Gemiddeld besteedbaar inkomen Eenpersoonshuishoudens (1 000 euro) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Gemiddeld besteedbaar inkomen Meerpersoonshuishoudens Zonder minderjarige kinderen (1 000 euro) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Gemiddeld besteedbaar inkomen Meerpersoonshuishoudens Met minderjarige kinderen (1 000 euro) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Huishoudens met een laag inkomen Eenpersoonshuishoudens Aantal huishoudens (x 1 000) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Huishoudens met een laag inkomen Eenpersoonshuishoudens Percentage met laag inkomen (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Huishoudens met een laag inkomen Meerpersoonshuish. zonder minderjarige Aantal huishoudens (x 1 000) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Huishoudens met een laag inkomen Meerpersoonshuish. zonder minderjarige Percentage met laag inkomen (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Huishoudens met een laag inkomen Meerpersoonshuish. met minderjarige Aantal huishoudens (x 1 000) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Huishoudens met een laag inkomen Meerpersoonshuish. met minderjarige Percentage met laag inkomen (%)
Monster 29,3 40,3 30,4 14,8 32,5 33,0 2,2 36,9 3,1 3,6 2,4 5,6
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting

Besteedbaar inkomen; inkomensverdelingen van personen en huishoudens
Per gemeente (1 - 1- 2001), COROP-gebied, provincie, landsdeel, stads-
2000
Gewijzigd op 02 juli 2004.
Verschijningsfrequentie: Eenmalig.

Toelichting onderwerpen

Inkomens van huishoudens
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Het huishoudeninkomen bestaat uit de som van inkomens van de
afzonderlijke huishoudensleden. Bij ongeveer een procent van de
huishoudens is geen belastbaar inkomen waargenomen. Voor een deel is dit
het gevolg van het onvoldoende kunnen toerekenen van studietoelagen aan
studenten en van andere onvolkomenheden in de gekozen werkwijze.
In het algemeen geldt voor de inkomensstatistiek dat huishoudens waar
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten wordt waargenomen gerekend wordt tot de huishoudens zonder
(waargenomen) belastbaar inkomen.
Particuliere huishoudens
Particuliere huishoudens worden onderscheiden naar samenstelling van
het huishouden. Er wordt een onderscheid gemaakt in één- en
meerpersoonshuishoudens. Een éénpersoonshuishouden bestaat uit een
persoon die alleen in een (deel van een) woonruimte is gehuisvest en zelf
in de dagelijkse levensbehoeften voorziet of die een woonruimte deelt met
anderen zonder met hen gemeenschappelijk in de dagelijkse levensbehoeften
te voorzien. Een meerpersoonshuishouden bestaat uit twee of meer personen
die samen in een (deel van een) woonruimte zijn gehuisvest en
gemeenschappelijk in hun dagelijkse levensbehoeften voorzien. De
meerpersoonshuishoudens worden verder onderscheiden op basis van het
aantal meerderjarigen en het aantal minderjarige kinderen. Minderjarige
kinderen zijn personen die jonger zijn dan 18 jaar en die aan de zorg
van ouderen zijn toevertrouwd. Personen boven de 18 jaar worden als
meerderjarige aangemerkt.
Aantal huishoudens
De hier opgenomen populatie omvat de particuliere huishoudens (exclusief
studentenhuishoudens) met inkomen.
Eenpersoonshuishoudens
Percentage éénpersoonshuishoudens.
Een éénpersoonshuishouden bestaat uit een persoon die alleen in een (deel
van een) woonruimte is gehuisvest en zelf in de dagelijkse levensbehoeften
voorziet of die een woonruimte deelt met anderen zonder met hen
gemeenschappelijk in de dagelijkse levensbehoeften te voorzien.
Meerpersoonshuishoudens
Een meerpersoonshuishouden bestaat uit twee of meer personen
die samen in een (deel van een) woonruimte zijn gehuisvest en
gemeenschappelijk in hun dagelijkse levensbehoeften voorzien. De
meerpersoonshuishoudens worden verder onderscheiden op basis van het
aantal meerderjarigen en het aantal minderjarige kinderen. Minderjarige
kinderen zijn personen die jonger zijn dan 18 jaar en die aan de zorg
van ouderen zijn toevertrouwd. Personen boven de 18 jaar worden als
meerderjarige aangemerkt.
Zonder minderjarige kinderen
Percentage meerpersoonshuishoudens zonder minderjarige kinderen.
Met minderjarige kinderen
Percentage meerpersoonshuishoudens met minderjarige kinderen.
Gemiddeld besteedbaar inkomen
Gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens (exclusief
studentenhuishoudens) met inkomen.
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Het huishoudeninkomen bestaat uit de som van inkomens van de
afzonderlijke huishoudensleden. Bij ongeveer een procent van de
huishoudens is geen belastbaar inkomen waargenomen. Voor een deel is dit
het gevolg van het onvoldoende kunnen toerekenen van studietoelagen aan
studenten en van andere onvolkomenheden in de gekozen werkwijze.
In het algemeen geldt voor de inkomensstatistiek dat huishoudens waar
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten wordt waargenomen gerekend wordt tot de huishoudens zonder
(waargenomen) belastbaar inkomen.
Eenpersoonshuishoudens
Gemiddeld besteedbaar inkomen van alle eenpersoonshuishoudens in de
particuliere sector.
Meerpersoonshuishoudens
Gemiddeld besteedbaar inkomen van meerpersoonshuishoudens in de
particuliere sector, verdeeld in met minderjarige en zonder minderjarige
kinderen.
Zonder minderjarige kinderen
Gemiddeld besteedbaar inkomen van meerpersoonshuishoudens zonder
minderjarige kinderen.
Met minderjarige kinderen
Gemiddeld besteedbaar inkomen van meerpersoonshuishoudens met minderjarige
kinderen.
Huishoudens met een laag inkomen
Particuliere huishoudens waarvan het hoofd of de partner het gehele jaar
inkomen hebben genoten die zijn ingedeeld bij de lage inkomens.
Studentenhuishoudens en dat deel van de bevolking dat in een instelling,
inrichting of tehuis verblijft, zijn buiten beschouwing gelaten. Het in
deze tabel gebruikte begrip inkomen is afgeleid van het besteedbaar
inkomen. Het inkomen is gelijk aan het besteedbaar inkomen vermindert met
eventueel ontvangen huursubsidie. De kinderbijslag en de
koopkrachttoeslag die in de huursubsidie inbegrepen is, is aan het
inkomen toegevoegd. Het inkomen is gecorrigeerd voor de verschillen in
samenstelling en grootte van het huishouden en voor de inflatie. Om de
vergelijkbaarheid tussen de uitkomsten van de verschillende jaren te
bevorderen zijn de inkomens met het prijsindexcijfer van de
gezinsconsumptie voor een- en meerpersoonshuishoudens herleid naar het
prijspeil in het basisjaar 1990.
Eenpersoonshuishoudens
Particuliere huishoudens worden onderscheiden naar samenstelling van
het huishouden. Er wordt een onderscheid gemaakt in één- en
meerpersoonshuishoudens. Een éénpersoonshuishouden bestaat uit een
persoon die alleen in een (deel van een) woonruimte is gehuisvest en zelf
in de dagelijkse levensbehoeften voorziet of die een woonruimte deelt met
anderen zonder met hen gemeenschappelijk in de dagelijkse levensbehoeften
te voorzien.
Aantal huishoudens
Totaal aantal éénpersoons particuliere huishoudens waarvan het hoofd of
de partner het gehele jaar inkomen hebben genoten.
Percentage met laag inkomen
Het percentage éénpersoonshuishoudens met een laag inkomen.
Meerpersoonshuish. zonder minderjarige
Particuliere huishoudens worden onderscheiden naar samenstelling van
het huishouden. Er wordt een onderscheid gemaakt in een- en
meerpersoonshuishoudens. Een meerpersoonshuishouden bestaat uit twee of
meer personen die samen in een (deel van een) woonruimte zijn gehuisvest
en gemeenschappelijk in hun dagelijkse levensbehoeften voorzien. De
meerpersoonshuishoudens worden verder onderscheiden op basis van het
aantal meerderjarigen en het aantal minderjarige kinderen. Minderjarige
kinderen zijn personen die jonger zijn dan 18 jaar en die aan de zorg
van ouderen zijn toevertrouwd. Personen boven de 18 jaar worden als
meerderjarige aangemerkt.
Aantal huishoudens
Totaal aantal meerpersoons particuliere huishoudens zonder minderjarige
kinderen waarvan het hoofd of de partner het gehele jaar inkomen hebben
genoten.
Percentage met laag inkomen
Het percentage meerpersoonhuishoudens zonder kinderen met een laag
inkomen.
Meerpersoonshuish. met minderjarige
Particuliere huishoudens worden onderscheiden naar samenstelling van
het huishouden. Er wordt een onderscheid gemaakt in een- en
meerpersoonshuishoudens. Een meerpersoonshuishouden bestaat uit twee of
meer personen die samen in een (deel van een) woonruimte zijn gehuisvest
en gemeenschappelijk in hun dagelijkse levensbehoeften voorzien. De
meerpersoonshuishoudens worden verder onderscheiden op basis van het
aantal meerderjarigen en het aantal minderjarige kinderen. Minderjarige
kinderen zijn personen die jonger zijn dan 18 jaar en die aan de zorg
van ouderen zijn toevertrouwd. Personen boven de 18 jaar worden als
meerderjarige aangemerkt.
Aantal huishoudens
Totaal aantal meerpersoons particuliere huishoudens met minderjarige
kinderen waarvan het hoofd of de partner het gehele jaar inkomen hebben
genoten.
Percentage met laag inkomen
Het percentage meerpersoonhuishoudens met kinderen met een laag inkomen.