Algemene bijstandsuitkeringen; geslacht, leeftijd, regio, 1998 - 2010

Algemene bijstandsuitkeringen; geslacht, leeftijd, regio, 1998 - 2010

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal aantal bijstandsuitkeringen (aantal) Burgerlijke staat Burgerlijke staat totaal (aantal) Burgerlijke staat Ongehuwd (aantal) Burgerlijke staat Gehuwd (aantal) Burgerlijke staat Gescheiden (aantal) Burgerlijke staat Weduwstaat (aantal) Leefvorm Leefvorm totaal (aantal) Leefvorm Alleenstaande (aantal) Leefvorm Alleenstaande ouder (aantal) Leefvorm (Echt)paar (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2009 oktober 166.810 166.810 . . . . 166.810 102.350 37.500 26.560
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2009 november 167.710 167.710 . . . . 167.710 103.080 37.550 26.690
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2009 december 169.120 169.120 . . . . 169.120 104.180 37.760 26.800
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 januari 170.700 170.700 . . . . 170.700 105.430 37.980 26.940
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 februari 172.590 172.590 . . . . 172.590 106.930 38.170 27.100
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 maart 174.520 174.520 . . . . 174.520 108.360 38.420 27.240
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 april 176.610 176.610 . . . . 176.610 109.850 38.760 27.440
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 mei 178.100 178.100 . . . . 178.100 111.040 39.300 27.520
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 juni 179.690 179.690 . . . . 179.690 112.110 39.700 27.590
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 juli 180.830 180.830 . . . . 180.830 112.870 40.460 27.150
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 augustus* 181.400 181.400 . . . . 181.400 113.360 40.580 27.100
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd West-Nederland (landsdeel) 2010 september* 181.000 181.000 . . . . 181.000 113.140 40.480 27.000
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2009 oktober 150 150 . . . . 150 90 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2009 november 150 150 . . . . 150 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2009 december 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 januari 150 150 . . . . 150 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 februari 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 maart 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 april 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 mei 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 juni 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 juli 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 augustus* 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Binnenmaas 2010 september* 160 160 . . . . 160 100 40 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2009 oktober 210 210 . . . . 210 110 50 50
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2009 november 220 220 . . . . 220 120 50 50
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2009 december 210 210 . . . . 210 110 50 50
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 januari 290 290 . . . . 290 170 60 60
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 februari 290 290 . . . . 290 170 60 60
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 maart 300 300 . . . . 300 180 60 60
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 april 300 300 . . . . 300 180 60 60
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 mei 300 300 . . . . 300 180 60 70
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 juni 310 310 . . . . 310 180 60 60
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 juli 310 310 . . . . 310 190 60 60
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 augustus* 300 300 . . . . 300 180 60 60
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Horst aan de Maas 2010 september* 290 290 . . . . 290 180 60 50
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2009 oktober
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2009 november
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2009 december
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 januari
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 februari
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 maart
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 april
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 mei
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 juni
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 juli
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 augustus*
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbracht 2010 september*
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2009 oktober 70 70 . . . . 70 40 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2009 november 70 70 . . . . 70 40 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2009 december 70 70 . . . . 70 40 20 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 januari
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 februari
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 maart
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 april
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 mei
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 juni
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 juli
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 augustus*
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasbree 2010 september*
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2009 oktober 30 30 . . . . 30 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2009 november 30 30 . . . . 30 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2009 december 30 30 . . . . 30 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 januari 30 30 . . . . 30 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 februari 30 30 . . . . 30 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 maart 40 40 . . . . 40 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 april 40 40 . . . . 40 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 mei 40 40 . . . . 40 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 juni 40 40 . . . . 40 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 juli 40 40 . . . . 40 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 augustus* 50 50 . . . . 50 20 20 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdonk 2010 september* 50 50 . . . . 50 20 10 10
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2009 oktober 140 140 . . . . 140 90 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2009 november 150 150 . . . . 150 90 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2009 december 150 150 . . . . 150 90 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 januari 140 140 . . . . 140 80 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 februari 140 140 . . . . 140 80 30 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 maart 150 150 . . . . 150 90 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 april 150 150 . . . . 150 90 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 mei 150 150 . . . . 150 90 40 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 juni 150 150 . . . . 150 90 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 juli 150 150 . . . . 150 90 30 30
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 augustus* 140 140 . . . . 140 90 30 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasdriel 2010 september* 130 130 . . . . 130 80 30 20
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2009 oktober 180 180 . . . . 180 120 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2009 november 190 190 . . . . 190 120 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2009 december 190 190 . . . . 190 120 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 januari 200 200 . . . . 200 130 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 februari 200 200 . . . . 200 130 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 maart 200 200 . . . . 200 140 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 april 210 210 . . . . 210 140 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 mei 210 210 . . . . 210 140 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 juni 200 200 . . . . 200 140 30 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 juli 200 200 . . . . 200 140 20 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 augustus* 210 210 . . . . 210 140 20 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maasgouw 2010 september* 200 200 . . . . 200 140 20 40
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maassluis 2009 oktober 680 680 . . . . 680 370 160 160
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maassluis 2009 november 690 690 . . . . 690 370 160 160
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maassluis 2009 december 700 700 . . . . 700 380 160 160
Mannen en vrouwen Totaal leeftijd Maassluis 2010 januari 720 720 . . . . 720 400 160 160
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting



De tabel geeft inzicht in het aantal huishoudens met een uitkering die is
toegekend in het kader van de Algemene bijstandswet (Abw), de Wet werk
en bijstand (WWB) of de inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren
in Jongeren (WIJ). De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB.
Met ingang van 1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Het aantal huishoudens is uitgesplitst naar verschillende regionale
indelingen.

De gegevens zijn uitgesplitst naar de volgende persoons- en
uitkeringskenmerken:
- geslacht;
- leeftijd;
- burgerlijke staat;
- leefvorm;
- huisvesting;
- aantal ten laste komende kinderen;
- inkomstenbron;
- duur van de uitkering.

Let op:
De uitkomsten geven niet het aantal personen weer dat afhankelijk is van
een bijstandsuitkering, maar het aantal huishoudens waaraan een uitkering
is toegekend. Dit is met name van belang bij huishoudens van (echt)paren.
Hoewel bij (echt)paren beide partners voor gelijke delen recht hebben op
de uitkering, is er toch sprake van één uitkering en worden tot januari
2005 alleen de kenmerken van degene die de uitkering daadwerkelijk heeft
aangevraagd in beschouwing genomen. Bij de cijfers vanaf januari 2005 is
er voor gekozen om bij het toedelen van uitkeringen aan (echt)paren
consequent de persoonskenmerken over te nemen van de oudste persoon van
het (echt)paar.


Gegevens beschikbaar vanaf: januari 1998.

Status van de cijfers:
De cijfers hebben zowel een voorlopig (vanaf augustus 2010) als definitief
karakter (tot augustus 2010).

Presentatie van de cijfers:
Met ingang van 2005 wordt de tabel ook geactualiseerd als nog niet van alle
gemeenten een opgave is ontvangen over een nieuwe verslagperiode. De
uitkomsten op landelijk niveau zijn in geval van non-respons bijgeschat.
De publicatie van de hogere regionale indelingen (met uitzondering van de
landelijke cijfers) kan pas plaatsvinden wanneer de uitkomsten van alle
gemeenten bekend zijn.

Wijzigingen per 30 november 2010:
Toegevoegd zijn de voorlopige cijfers september 2010.

Wanneer komen er nieuwe cijfers:
de tabel is met ingang van 24 december 2010 stopgezet.

Toelichting onderwerpen

Totaal aantal bijstandsuitkeringen
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ).
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Bij het totaal zijn ook de uitkeringen meegeteld waarvan de burgerlijke
staat, de leefvorm, de huisvesting, het aantal ten laste komende
kinderen, de inkomstenbron en/of de duur van de uitkering van de
bijstandsaanvrager onbekend waren.
Burgerlijke staat
Geregistreerd wordt of iemand gehuwd is of ongehuwd en, indien het
huwelijk is ontbonden, of dit is ten gevolge van overlijden van de
partner (weduwstaat) of ten gevolge van echtscheiding (gescheiden).
De indeling naar burgerlijke staat gebeurt volgens de criteria van de
gemeentelijke basisadministratie (GBA).
De verdeling naar burgerlijke staat is slechts beschikbaar tot en met
april 2003.
Burgerlijke staat totaal
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar de burgerlijke staat van de uitkeringsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Bij het totaal zijn ook de uitkeringen meegeteld waarvan de burgerlijke
staat van de uitkeringsaanvrager onbekend was.
Ongehuwd
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar de burgerlijke staat van de uitkeringsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Onder ongehuwden wordt verstaan die personen die niet gehuwd zijn en
ook niet eerder gehuwd zijn geweest. Personen die op basis van een
geregistreerd partnerschap samenwonen maar niet gehuwd zijn of
gehuwd zijn geweest, worden ingedeeld in de categorie ongehuwden.
Gehuwd
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar de burgerlijke staat van de uitkeringsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Onder gehuwden wordt verstaan zij die gehuwd zijn naar burgerlijk recht
en waarbij het huwelijk niet is ontbonden tengevolge van overlijden van
de echtgenoot of ten gevolge van een officiële echtscheiding.
Personen die duurzaam gescheiden leven van de formele echtgenoot
maar voor wie nog geen officiële scheiding is uitgesproken, worden
ook als gehuwd beschouwd.
Gescheiden
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar de burgerlijke staat van de uitkeringsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Onder gescheiden wordt verstaan die personen die gehuwd zijn geweest
naar burgerlijk recht en waarvan het huwelijk officieel is ontbonden. Zij
die gehuwd zijn maar duurzaam gescheiden leven of gescheiden leven
van tafel en bed, vallen in de categorie 'gehuwd'.
Weduwstaat
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar de burgerlijke staat van de uitkeringsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
De weduwstaat is alleen van toepassing indien er sprake is van een
huwelijk dat is ontbonden ten gevolge van het overlijden van de partner.
De ontbinding van een geregistreerd partnerschap door het overlijden
van een van de partners, leidt niet automatisch tot indeling in de
categorie 'weduwstaat'.
Leefvorm
Onder leefvorm wordt het soort huishouden van de uitkeringsaanvrager
verstaan, conform definitie WWB, artikel 3 en artikel 4. De leefvorm is
beslist niet hetzelfde als de burgerlijke staat. Voor de bijstand kan een
persoon de leefvorm gehuwd hebben omdat een gezamenlijk huishouden
wordt gevoerd met een partner, terwijl de burgerlijke staat van deze
persoon ongehuwd of gescheiden is.
De leefvorm is medebepalend bij het vaststellen van de hoogte van de
bijstandsuitkering. Behalve de leeftijd van de uitkeringsaanvrager en het
wel of niet tot het huishouden behoren van financieel afhankelijke
kinderen (tot 18 jaar) is daarbij van belang of de uitkeringsontvanger
een alleenstaande of alleenstaande ouder is, of een huishouden voert met
een partner die ook aanspraak kan maken op een bijstandsuitkering.
Leefvorm totaal
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar leefvorm van de bijstandsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Bij het totaal zijn ook de uitkeringen meegeteld waarvan de leefvorm van
de uitkeringsaanvrager onbekend was.
Alleenstaande
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar leefvorm van de bijstandsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Een alleenstaande is iemand die niet met een partner samenwoont en ten
wiens laste geen financieel afhankelijke kinderen (tot 18 jaar) komen,
conform definitie WWB, artikel 3 en artikel 4.
Alleenstaande ouder
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar leefvorm van de bijstandsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Een alleenstaande ouder is iemand die niet met een partner samenwoont
en ten wiens laste één of meer financieel afhankelijke kinderen (tot 18
jaar) komen, conform definitie WWB, artikel 3 en artikel 4.
(Echt)paar
Het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet (Abw), de Wet werk en bijstand (WWB) óf de
inkomensvoorziening op grond van de Wet Investeren in Jongeren (WIJ),
uitgesplitst naar leefvorm van de bijstandsaanvrager.
De Abw is per 1 januari 2004 vervangen door de WWB. Met ingang van
1 oktober 2009 is naast de WWB de WIJ van kracht geworden.
Geteld zijn uitkeringen die aan het eind van de verslagperiode niet waren
beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Onder (echt)paren wordt verstaan gehuwden en ongehuwden die een
gezamenlijk huishouden voeren, conform definitie WWB, artikel 3 en
artikel 4. Als een van de partners geen recht heeft op algemene bijstand,
bijvoorbeeld vanwege verblijf in een inrichting of ten gevolge van
detentie, luidt de leefvorm 'alleenstaande' of 'alleenstaande ouder'.