Productie Sociale Werkvoorziening 1995-2002
Verklaring van tekens
Tabeltoelichting
Bedrijven, werknemers, productie - , verbruiks-, toegevoegde waarde en
bedrijfsresultaten betreffende de sociale werkvoorziening (SBI 3663.1).
1995 - 2002
Gewijzigd op 15 juli 2005.
Verschijningsfrequentie: Stopgezet.
bedrijfsresultaten betreffende de sociale werkvoorziening (SBI 3663.1).
1995 - 2002
Gewijzigd op 15 juli 2005.
Verschijningsfrequentie: Stopgezet.
Toelichting onderwerpen
- Productiewaarde
- In de productiewaarde zijn opgenomen de opbrengst van de industriële
verkopen onder verrekening van de voorraadmutaties alsmede de
waarde van de geactiveerde kosten voor zelfvervaardigde activa, de
exportrestituties, de exploitatiesubsidies, de bedrijfsschade-
uitkeringen, de handelsmarge en de opbrengst van de overige
activiteiten. De exportrestituties worden verleend door de Europese
Gemeenschap(EG) bij uitvoer van bepaalde bewerkte landbouwproducten
naar bestemmingen buiten de EG, ter compensatie van eventuele nadelige
prijsverschillen tussen de wereldmarktprijs en de vastgestelde
EG-prijs.
Exploitatiesubsidies
Onder exploitatiesubsidies zijn te verstaan de inkomensoverdrachten die
in het kader van het sociaal-economisch beleid door de overheid,
publiekrechtelijke lichamen en/of internationale organisaties hebben
plaatsgevonden. Hiertoe worden niet de branchespecifieke subsidies
Rijksvergoeding en gemeentelijke bijdragen gerekend. Dit om de sociale
werkvoorziening met de industrie te kunnen vergelijken.- Totaal productiewaarde
- In de productiewaarde zijn opgenomen de opbrengst van de industriële
verkopen onder verrekening van de voorraadmutaties alsmede de
waarde van de geactiveerde kosten voor zelfvervaardigde activa, de
exportrestituties, de exploitatiesubsidies, de bedrijfsschade-
uitkeringen, de handelsmarge en de opbrengst van de overige
activiteiten. De exportrestituties worden verleend door de Europese
Gemeenschap(EG) bij uitvoer van bepaalde bewerkte landbouwproducten
naar bestemmingen buiten de EG, ter compensatie van eventuele nadelige
prijsverschillen tussen de wereldmarktprijs en de vastgestelde
EG-prijs.
Exploitatiesubsidies
Onder exploitatiesubsidies zijn te verstaan de inkomensoverdrachten die
in het kader van het sociaal-economisch beleid door de overheid,
publiekrechtelijke lichamen en/of internationale organisaties hebben
plaatsgevonden. Hiertoe worden niet de branchespecifieke subsidies
Rijksvergoeding en gemeentelijke bijdragen gerekend. Dit om de sociale
werkvoorziening met de industrie te kunnen vergelijken.
- Voorraadmutaties producten
- Voorraadmutaties producten (en onderhanden werk). De voorraden zijn
opgenomen tegen balanswaarde. De voorraadmutaties geven het verschil
in de balanswaarde tussen de voorraden op de begin- en de eindbalans
van de verslagperiode.
- Verbruikswaarde
- De verbruikswaarde omvat de inkopen van de grond- en hulpstoffen onder
verrekening van de voorraadmutaties, de kosten van energieverbruik en
de overige bedrijfskosten.- Totaal verbruikswaarde
- Voorraadmutaties grond- en hulpstoffen
- De voorraden van grond- en hulpstoffen zijn opgenomen tegen
balanswaarde. De voorraadmutatie geeft het verschil in de balanswaarde
tussen de voorraden op de begin- en de eindbalans van de
verslagperiode.
- Kosten energieverbruik
- De kosten van het totale energieverbruik exclusief het verbruik van
energiedragers die zijn verbruikt als grondstof. Deze zijn reeds
opgenomen bij de kosten van grond- en hulpstoffen.
Het energieverbruik is gedefinieerd als: inkopen van energie, onder
verrekening van de voorraadmutaties van energiedragers.
Motorbrandstoffen zijn in het energieverbruik opgenomen voor zover
deze ten behoeve van de eigen pomp van de onderneming zijn ingekocht.
Elders ingekochte motorbrandstoffen zijn opgenomen in de post 'overige
bedrijfskosten'.
Technische gassen,menggassen en leidingwater worden niet als
energiedragers beschouwd en zijn derhalve niet in het energieverbruik
opgenomen.
- Totaal overige bedrijfskosten
- Toegevoegde waarde
- Het resultaat van de productie- minus de verbruikswaarde is de (bruto)
toegevoegde waarde. De toegevoegde waarde verminderd met de
loonkosten en de post 'kostprijsverhogende heffingen en belastingen
minus exploitatiesubsidies' resulteert in het bruto bedrijfsresultaat.- Totaal toegevoegde waarde
- De (bruto) toegevoegde waarde is gelijk aan de productiewaarde ver-
minderd met de verbruikswaarde.
- Heffingen en belastingen
- Kostprijsverhogende heffingen en belastingen minus
exploitatiesubsidies. In deze post zijn slechts die heffingen en
belastingen (met uitzondering van de omzetbelasting) opgenomen welke
rechtstreeks door de bedrijfseenheid aan het Rijk en overige
publiekrechtelijke lichamen en/of internationale organisaties zijn
betaald. Voorbeelden van heffingen zijn: heffingen lucht- en
waterverontreiniging, zuiveringslasten, onroerend goed c.q. zaak
belasting, motorrijtuigenbelasting.
Voorbeelden van exploitatiesubsidies: loonsubsidies, subsidies in het
kader van overheidsmaatregelen e.d.; subsidies op investeringen blijven
in dit verband buiten beschouwing. Hiertoe worden de branchespecifieke
subsidies Rijksvergoeding en gemeentelijke bijdragen niet gerekend. Dit
om de sociale werkvoorziening met de industrie te kunnen vergelijken.
- Bruto bedrijfsresultaat
- Het resultaat van de productie- minus de verbruikswaarde is de (bruto)
toegevoegde waarde. De toegevoegde waarde verminderd met de
loonkosten en de post 'kostprijsverhogende heffingen en belastingen
minus exploitatiesubsidies' resulteert in het bruto bedrijfsresultaat.- Saldo interest
- Het saldo ontvangen en betaalde interest is gelijk aan de rentebaten
minus de rentelasten.
Interest is hier rente die werkelijk ontvangen of betaald is.
Theoretisch gecalculeerde interest (rente) blijft buiten beschouwing.
- Bruto omzetresultaat
- Het bruto omzetresultaat is gelijk aan de som van de opbrengsten van
zelfvervaardigde producten (incl. grafische producten), opbrengsten
van industriële diensten, opbrengsten van niet-zelfvervaardigde
producten (handelsgoederen), opbrengsten van niet-industriële diensten
en overige activiteiten en de voorraadmutatie producten (en onderhanden
werk) verminderd met de totale materiaalkosten.
Opbrengsten van zelfvervaardigde producten (incl. grafische producten)
zijn opbrengsten uit industriële productie. Industriële productie
bestaat uit vervaardigde goederen waarvan de inkoop van de grondstoffen
en/of basismaterialen in eigen beheer heeft plaatsgevonden. Onder
opbrengsten uit industriële diensten wordt verstaan opbrengsten uit
loonopdrachten waarvan de verwerkte grondstoffen en/of halffabrikaten
door de opdrachtgever ter beschikking zijn gesteld.
Onder opbrengsten van niet-zelfvervaardigde producten is uitsluitend de
waarde van verkochte goederen, die na inkoop geen verdere bewerking
hebben ondergaan, weergegeven.
Onder opbrengsten van niet-industriële diensten en overige activiteiten
wordt verstaan de opbrengsten uit alle niet-industriële
nevenactiviteiten, met uitzondering van handel. Hieronder vallen bij
voorbeeld opbrengsten uit verhuur, exploitatie onroerend goed,
bouwactiviteit, autoreparatie, transportactiviteit en overige
dienstverlening.
Onder opbrengsten uit kwekerijen wordt verstaan opbrengsten uit het
kweken van planten, bloemen, heesters en groenten.
Onder opbrengsten uit civiel- en cultuurtechnische dienstverlening
wordt verstaan opbrengsten uit bouwobjecten, renovatie, weg- en
waterbouw, aanleg paden en trottoirs, onderhoud wegen, aanleg tuinen/
plantsoenen, onderhoud sportvelden/tuinen en plantsoenen.
Onder opbrengsten uit administratieve dienstverlening wordt verstaan de
opbrengsten uit adresverwerking, boekhouding, braille, archivering,
mailing, tekstverwerking, microverfilming, vertalingen, etc.
Onder opbrengsten uit detachering wordt verstaan de opbrengsten
behaald uit plaatsing van W.S.W.-werknemers bij administraties,
bedrijfsbureaus, technische diensten, kantines, etc.
Onder totale materiaalkosten wordt verstaan de kosten van inkopen van
grond- en hulpstoffen,
inkopen van handelsgoederen en bedragen betaald voor loondiensten
vermeerderd met de voorraadmutaties grond- en hulpstoffen en
handelsgoederen. De voorraadmutatie geeft het verschil in de
balanswaarde tussen de voorraden op de begin- en de eindbalans van de
verslagperiode.- Opbrengsten zelfvervaardigde producten
- Opbrengsten van zelfvervaardigde producten (incl. grafische producten)
zijn opbrengsten uit industriële productie. Industriële productie
bestaat uit vervaardigde goederen waarvan de inkoop van de grondstoffen
en/of basismaterialen in eigen beheer heeft plaatsgevonden.
- Opbr. niet-zelfvervaardigde producten
- Onder opbrengsten van niet-zelfvervaardigde producten is uitsluitend de
waarde van verkochte goederen, die na inkoop geen verdere bewerking
hebben ondergaan, weergegeven.
- Totaal materiaalkosten
- Onder totale materiaalkosten wordt verstaan de kosten van inkopen van
grond- en hulpstoffen, inkopen van handelsgoederen en bedragen betaald
voor loondiensten vermeerderd met de voorraadmutaties
grond- en hulpstoffen en handelsgoederen.
De voorraadmutatie geeft het verschil in de balanswaarde tussen de
voorraden op de begin- en de eindbalans van de verslagperiode.