Regionale inkomensverdeling 1999, kerncijfers.

Regionale inkomensverdeling 1999, kerncijfers.

Regio's Inkomens van personen Naar geslacht / leeftijd Aantal personen 65 jaar en ouder (x 1 000) Inkomens van personen Naar geslacht / leeftijd Gemiddeld besteedbaar inkomen 65 jaar en ouder (1 000 euro) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Aantal huishoudens Totaal bevolking (x 1 000) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Aantal huishoudens Eenpersoonshuishoudens (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Aantal huishoudens Meerpersoonshuishoudens Zonder minderjarige kinderen (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Aantal huishoudens Meerpersoonshuishoudens Met minderjarige kinderen (%) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Gemiddeld besteedbaar inkomen Eenpersoonshuishoudens (1 000 euro) Inkomens van huishoudens Particuliere huishoudens Gemiddeld besteedbaar inkomen Meerpersoonshuishoudens Zonder minderjarige kinderen (1 000 euro)
Abcoude 1,1 16,9 3,4 28,2 40,2 31,6 18,5 38,7
Gouda 9,0 12,9 29,8 32,4 38,7 28,9 15,1 30,4
Jacobswoude 1,1 13,4 4,0 20,7 46,2 33,1 16,0 32,3
Oud-Beijerland 2,6 13,2 8,3 21,8 43,0 35,2 15,2 31,1
Ouder-Amstel 2,0 15,3 5,5 32,8 40,3 26,9 17,7 34,8
Ouderkerk 1,0 12,2 3,0 20,7 45,9 33,4 15,2 31,9
Oudewater 1,2 12,6 3,7 25,8 43,4 30,7 14,4 33,5
Renswoude 0,3 13,7 1,3 15,9 43,5 40,6 12,8 30,2
Rijnwoude 2,0 13,0 7,0 19,9 46,0 34,1 16,5 32,3
Woudenberg 1,3 14,5 4,0 23,0 43,3 33,7 15,1 33,0
Woudrichem 1,7 12,7 5,1 20,5 45,5 34,0 14,2 30,9
Zoeterwoude 0,9 13,4 3,0 19,7 45,4 34,9 16,6 33,6
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting

Besteedbaar inkomen en inkomensverdelingen van personen en huishoudens
Per gemeente (1 - 1- 2000), COROP-gebied, provincie, landsdeel, stads-
1999
Gewijzigd op 02 juli 2004.
Verschijningsfrequentie: Eenmalig.

Toelichting onderwerpen

Inkomens van personen
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Personen die het gehele jaar inkomen hebben, worden tot de categorie 'met
52 weken inkomen' gerekend. De categorie zelfstandigen behoort tot de
groep die het gehele jaar inkomen hebben.
Personen die in het onderzoeksjaar gedurende kortere tijd of over een qua
tijdsduur onbekende periode inkomen hebben, worden samengenomen in de
groep 'minder dan 52 weken inkomen'. Studenten, dat wil zeggen personen
met een studiebeurs in het kader van de Wet Studiefinanciering, worden
altijd tot deze groep gerekend, ook al hebben zij het gehele jaar een
baan. Uitzondering op deze algemene regel vormen de studenten die naast
hun studiebeurs ook nog winst uit onderneming hebben. Deze groep wordt
altijd ingedeeld bij de categorie '52 weken inkomen'. Ook personen die
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten ontvangen worden bij de categorie '52 weken inkomen' buiten
beschouwing gelaten. Vanuit het grondmateriaal is het niet mogelijk om de
groep parttime werkers van de fulltimers te onderscheiden. Hierdoor
zullen ook bij de personen met 52 weken inkomen lage inkomens voorkomen.
Naar geslacht / leeftijd
De hier opgenomen populatie heeft betrekking op alle personen voorzover
deze 52 weken inkomen hebben genoten en ouder zijn dan 15 jaar. Personen
behorend tot de huishoudens zonder (waargenomen) belastbaar inkomen en
personen behorend tot de studentenhuishoudens zijn in deze tabellen
buiten beschouwing gelaten.
Geslacht en burgerlijke staat worden afgeleid uit de Gemeentelijke
Basisadministratie. Leeftijd wordt afgeleid uit de fiscale administratie.
De indeling heeft als peildatum de situatie op 31 december van het
onderzoeksjaar.
Aantal personen
Aantal mannen en vrouwen van 15 jaar en ouder die het gehele jaar inkomen
hebben ontvangen (52 weken).
65 jaar en ouder
Aantal personen van 65 jaar en ouder met 52 weken inkomen.
Gemiddeld besteedbaar inkomen
Gemiddeld besteedbaar inkomen van mannen en vrouwen van 15 jaar en ouder
die het gehele jaar inkomen hebben ontvangen (52 weken).
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Personen die het gehele jaar inkomen hebben, worden tot de categorie 'met
52 weken inkomen' gerekend. De categorie zelfstandigen behoort tot de
groep die het gehele jaar inkomen hebben.
Personen die in het onderzoeksjaar gedurende kortere tijd of over een qua
tijdsduur onbekende periode inkomen hebben, worden samengenomen in de
groep 'minder dan 52 weken inkomen'. Studenten, dat wil zeggen personen
met een studiebeurs in het kader van de Wet Studiefinanciering, worden
altijd tot deze groep gerekend, ook al hebben zij het gehele jaar een
baan. Uitzondering op deze algemene regel vormen de studenten die naast
hun studiebeurs ook nog winst uit onderneming hebben. Deze groep wordt
altijd ingedeeld bij de categorie '52 weken inkomen'. Ook personen die
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten ontvangen worden bij de categorie '52 weken inkomen' buiten
beschouwing gelaten. Vanuit het grondmateriaal is het niet mogelijk om de
groep parttime werkers van de fulltimers te onderscheiden. Hierdoor
zullen ook bij de personen met 52 weken inkomen lage inkomens voorkomen.
65 jaar en ouder
Gemiddeld besteedbaar inkomen van personen van 65 jaar en ouder met 52
weken inkomen.
Inkomens van huishoudens
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Het huishoudensinkomen bestaat uit de som van inkomens van de
afzonderlijke huishoudensleden. Bij ongeveer een procent van de
huishoudens is geen belastbaar inkomen waargenomen. Voor een deel is dit
het gevolg van het onvoldoende kunnen toerekenen van studietoelagen aan
studenten en van andere onvolkomenheden in de gekozen werkwijze.
In het algemeen geldt voor de inkomensstatistiek dat huishoudens waar
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten wordt waargenomen gerekend wordt tot de huishoudens zonder
(waargenomen) belastbaar inkomen.
Particuliere huishoudens
Particuliere huishoudens worden onderscheiden naar samenstelling van
het huishouden. Er wordt een onderscheid gemaakt in een- en
meerpersoonshuishoudens. Een eenpersoonshuishouden bestaat uit een
persoon die alleen in een (deel van een) woonruimte is gehuisvest en zelf
in de dagelijkse levensbehoeften voorziet of die een woonruimte deelt met
anderen zonder met hen gemeenschappelijk in de dagelijkse levensbehoeften
te voorzien. Een meerpersoonshuishouden bestaat uit twee of meer personen
die samen in een (deel van een) woonruimte zijn gehuisvest en
gemeenschappelijk in hun dagelijkse levensbehoeften voorzien. De
meerpersoonshuishoudens worden verder onderscheiden op basis van het
aantal meerderjarigen en het aantal minderjarige kinderen. Minderjarige
kinderen zijn personen die jonger zijn dan 18 jaar en die aan de zorg
van ouderen zijn toevertrouwd. Personen boven de 18 jaar worden als
meerderjarige aangemerkt.
Aantal huishoudens
De hier opgenomen populatie omvat de particuliere huishoudens (exclusief
studentenhuishoudens) met inkomen.
Totaal bevolking
Totaal aantal particuliere huishoudens (exclusief studentenhuishoudens).
Eenpersoonshuishoudens
Percentage eenpersoonshuishoudens.
Een eenpersoonshuishouden bestaat uit een
persoon die alleen in een (deel van een) woonruimte is gehuisvest en zelf
in de dagelijkse levensbehoeften voorziet of die een woonruimte deelt met
anderen zonder met hen gemeenschappelijk in de dagelijkse levensbehoeften
te voorzien.
Meerpersoonshuishoudens
Een meerpersoonshuishouden bestaat uit twee of meer personen
die samen in een (deel van een) woonruimte zijn gehuisvest en
gemeenschappelijk in hun dagelijkse levensbehoeften voorzien. De
meerpersoonshuishoudens worden verder onderscheiden op basis van het
aantal meerderjarigen en het aantal minderjarige kinderen. Minderjarige
kinderen zijn personen die jonger zijn dan 18 jaar en die aan de zorg
van ouderen zijn toevertrouwd. Personen boven de 18 jaar worden als
meerderjarige aangemerkt.
Zonder minderjarige kinderen
Percentage meerpersoonshuishoudens zonder minderjarige kinderen.
Met minderjarige kinderen
Percentage meerpersoonshuishoudens met minderjarige kinderen.
Gemiddeld besteedbaar inkomen
Gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens (exclusief
studentenhuishoudens) met inkomen.
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Het huishoudensinkomen bestaat uit de som van inkomens van de
afzonderlijke huishoudensleden. Bij ongeveer een procent van de
huishoudens is geen belastbaar inkomen waargenomen. Voor een deel is dit
het gevolg van het onvoldoende kunnen toerekenen van studietoelagen aan
studenten en van andere onvolkomenheden in de gekozen werkwijze.
In het algemeen geldt voor de inkomensstatistiek dat huishoudens waar
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten wordt waargenomen gerekend wordt tot de huishoudens zonder
(waargenomen) belastbaar inkomen.
Eenpersoonshuishoudens
Gemiddeld besteedbaar inkomen van alle eenpersoonshuishoudens in de
particuliere sector.
Meerpersoonshuishoudens
Gemiddeld besteedbaar inkomen van meerpersoonshuishoudens in de
particuliere sector, verdeeld in met minderjarige en zonder minderjarige
kinderen.
Zonder minderjarige kinderen
Gemiddeld besteedbaar inkomen van meerpersoonshuishoudens zonder
minderjarige kinderen.