Kerncijfers wijken en buurten 1997

Kerncijfers wijken en buurten 1997

Wijken en buurten 1997 Inkomen Gemiddeld inkomen per inwoner (euro/jaar) Inkomen Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger (euro/jaar) Inkomen Hoge inkomens (%) Inkomen Lage inkomens (%) Inkomen Niet actieven (%)
Veenwouden 8.554 13.795 18 46 20
Verspreide huizen Veenwouden . . . . .
Oudenrijn 7.419 13.318 . . .
Verspreide huizen in Veldhuizen-Oudenrij 9.234 11.730 . 57 .
Woudenberg 9.439 15.633 27 34 14
Woudenberg 9.416 15.882 29 32 11
Verspreide huizen om Woudenberg 7.964 11.140 12 64 51
Studentenflats 6.081 10.664 . 68 37
Oudenieuwland 13.296 17.947 36 30 .
Oudendijk 8.781 15.338 21 35 15
Wijk 04 Oudenhoorn 9.666 14.861 27 34 10
Oudenhoorn 10.097 14.929 26 32 93
Polder Oudenhoorn 9.098 15.043 30 38 .
Oudendijk 9.802 15.723 42 . .
Oudendijk (zuidelijk deel) 10.482 15.723 . 45 .
Oudendijk (noordelijk deel) 12.570 18.446 38 31 .
Verspreide huizen Oudendijkse polder 9.325 15.542 27 25 .
Koudenhoven 14.566 22.984 50 20 18
Wijk 09 Udenhout 9.348 14.612 22 39 17
Udenhout 9.302 14.476 21 40 17
Verspreide huizen bij Udenhout 9.756 16.018 29 28 83
Uden 9.121 14.317 20 38 18
Wijk 00 Uden 9.234 14.453 21 38 19
Verspreide huizen bij Uden 8.554 14.339 22 34 12
Oudendijk 9.529 15.837 22 30 .
Wijk 03 Oudenbosch 8.985 14.203 22 41 20
Oudenbosch-Centrum 8.871 12.751 17 49 21
Verspreide huizen ten noorden van Oudenb 7.714 13.069 17 48 11
Verspreide huizen ten zuiden van Oudenbo 9.484 14.453 16 41 .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Gegevens beschikbaar: 1997
Frequentie: eenmalig

De publicatie "Kerncijfers Wijken en Buurten 1997" bevat statistische
gegevens voor alle gemeenten, wijken en buurten van Nederland. Aan elk van
deze gebieden is een unieke code van acht posities toegekend in de
'Landelijke wijk- en buurtindeling op 1 januari 1997'. Deze wijk- en
buurtcode is opgebouwd uit een gemeentecode van vier posities, gevolgd door
een wijkcode van twee posities, gevolgd door een buurtcode van twee
posities. De kerncijfers hebben hoofdzakelijk tot doel de verschillende
onderdelen van gemeenten onderling te vergelijken. Door de landelijke
aanpak is het ook mogelijk om buurten van verschillende gemeenten
onderling te vergelijken

Toelichting onderwerpen

Inkomen
Gegevens zijn afkomstig uit het Regionaal Inkomensonderzoek 1996.
Gemiddeld inkomen per inwoner
Het gemiddeld besteedbaar inkomen per inwoner over het jaar 1996. Het
besteedbaar inkomen is het totaal aan inkomsten van een individu
verminderd met betaalde premies en belastingen. Voor de berekening van dit
veld zijn de besteedbare inkomens van alle individuen binnen een gebied
opgeteld. Het resulterende bedrag is vervolgens gedeeld door het aantal
inwoners van het gebied.
Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger
Het gemiddeld besteedbaar inkomen per individu met 52 weken inkomen over
het jaar 1996. Het besteedbaar inkomen is het totaal aan inkomsten van een
individu verminderd met betaalde premies en belastingen. Individuen met 52
weken inkomen hebben het gehele jaar 1996 inkomsten genoten, al dan niet
in deeltijd. Groepen inkomensontvangers die buiten deze definitie vallen
zijn bijvoorbeeld seizoenswerkers en oproepkrachten.
Hoge inkomens
Het aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen dat in 1996 een
besteedbaar inkomen boven de 19960 euro had, uitgedrukt in hele
procenten van het totaal aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen.
-Waarden lager dan 5% zijn vastgezet op 5%.
-Waarden hoger dan 95% zijn vastgezet op 95%.
-Het grensbedrag van 19960 euro is het 80-procentpunt van de landelijke
inkomensverdeling van 1996.
Lage inkomens
Het aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen dat in 1996 een
besteedbaar inkomen onder de 11350 euro had, uitgedrukt in hele
procenten van het totaal aantal inkomensontvangers met 52 weken inkomen.
-Waarden lager dan 5% zijn vastgezet op 5%.
-Waarden hoger dan 95% zijn vastgezet op 95%.
-Het grensbedrag van 11350 euro is het 40-procentpunt van de landelijke
inkomensverdeling van 1996.
Niet actieven
Het aantal inkomensontvangers van 15 tot en met 64 jaar dat in 1996 een
uitkering als voornaamste inkomensbron had, uitgedrukt in hele procenten
van het totaal aantal inkomensontvangers van 15 tot en met 64 jaar.
Waarden lager dan 5% zijn vastgezet op 5%.
Waarden hoger dan 95% zijn vastgezet op 95%.
Individuen met 52 weken inkomen zijn ingedeeld naar Sociaal-economische
categoriën:
-Personen met een werkloosheidsuitkering,
-arbeidsongeschikten,
-pensioenontvangers,
-Bijstandontvangers en de groep
-overige inkomensontvangers
Zij worden tot de 'niet-actieven' gerekend.
Deze 'niet-actieven' hadden in 1996 dus een uitkering als voornaamste
inkomensbron.