Wat behelst het onderzoek
Doel
Het verkrijgen van gegevens over de omvang en samenstelling van de arbeidskosten in bedrijven en instellingen.
Doelpopulatie
Alle bedrijven en instellingen in Nederland.
Voor het Arbeidskostenonderzoek 2000 zijn alleen particuliere bedrijven en instellingen (exclusief landbouwbedrijven) met tien of meer werknemers in kaart gebracht.
Statistische eenheid
Baan van werknemer.
Aanvang onderzoek
2000.
Frequentie
Eenmaal per vier jaar.
Publicatiestrategie
De uitkomsten worden door het CBS op StatLine gepubliceerd en worden door Eurostat (het statistisch bureau van de Europese Unie), samen met de uitkomsten van andere Europese landen, gepubliceerd.
Hoe wordt het uitgevoerd
Soort onderzoek
Combinatie van gegevens uit een groot aantal bronnen.
Waarnemingsmethode
Voor het onderzoek is niet speciaal geënquêteerd. Voor de onderzoeken van 2000 en 2004 is gebruik gemaakt van met name gegevens van de CBS-Enquête Werkgelegenheid en Lonen (EWL). Voor het onderzoek van 2008 is gebruik gemaakt van de Statistiek Werkgelegenheid en Lonen (SWL). Deze EWL- en SWL-gegevens zijn op werknemersniveau uitgebreid met gegevens uit andere CBS-enquêtes en met gegevens ontleend aan externe registraties. Het gaat onder meer om de Productiestatistieken, de Ziekteverzuimstatistiek, de Nationale Rekeningen en registraties van de Belastingdienst. Een beschrijving van de onderzoeksopzet en bronnen is opgenomen in het artikel 'Arbeidskosten in 2000' in de Sociaal-economische maandstatistiek van januari 2003, pagina 20-29.
Berichtgevers
Belastingdienst, UWV, bedrijven en instellingen.
Steekproefomvang
Arbeidskostenonderzoek 2000: ruim 8,8 duizend bedrijven en instellingen; circa 1,6 miljoen banen van werknemers.
Arbeidskostenonderzoek 2004: bijna 25 duizend bedrijven en instellingen; circa 3,9 miljoen banen van werknemers.
Arbeidskostenonderzoek 2008: een integraal register met ruim 500 duizend bedrijven en circa 7,9 miljoen banen van werknemers.
Controle- en correctiemethoden
Alle gebruikte bronnen zijn gecontroleerd en, waar nodig, aangepast.
Weging
De ophoging gaat in twee stappen:
-
Ophoging binnen het bedrijf: door per in de steekproef opgenomen werknemer een gewicht vast te stellen;
-
Ophoging per steekproefcel ( = een verzameling van soortgelijke bedrijven): door per waargenomen bedrijf een gewicht samen te stellen.
Door deze tweestaps ophoging worden landelijk representatieve uitkomsten verkregen.
Voor het Arbeidskostenonderzoek 2008 is weging niet van toepassing.
Wat is de kwaliteit van de uitkomsten
Nauwkeurigheid
Bij het onderzoek kan sprake zijn van steekproeffouten, meetfouten, procesfouten en model-aannamefouten.
Volgtijdelijke vergelijkbaarheid
De uitkomsten van het Arbeidskostenonderzoek 2000, 2004 en 2008 zijn niet volgtijdelijk vergelijkbaar. Dit komt doordat ze op een verschillende werknemerspopulatie betrekking hebben, door wetswijzigingen en door conceptuele verschillen. Zo zijn de gewerkte uren in 2000 exclusief onbetaald overwerk en in 2004 inclusief onbetaald overwerk en maakten de kosten kinderopvang in 2000 en 2004 deel uit van het loon in natura en in 2008 van de WW-premie.
Beschrijving kwaliteitsstrategie
De uitkomsten van het onderzoek zijn statistisch beschreven met een variantie-analyse en, voor zover mogelijk, vergeleken met andere bronnen.