Arbeidsdeelname naar migratieachtergrond

De nettoarbeidsparticipatie kwam in het vierde kwartaal van 2018 uit op 68,4 procent. In hetzelfde kwartaal een jaar eerder was het aandeel 1,3 procentpunt lager, namelijk 67,1 procent. Mensen met een Nederlandse achtergrond werken het vaakst, gevolgd door degenen met een westerse achtergrond. Personen met een niet-westerse migratieachtergrond werken verhoudingsgewijs het minst. De arbeidsdeelname is het laatste jaar bij personen met een migratieachtergrond meer toegenomen dan bij personen met een Nederlandse achtergrond.

Laagste arbeidsparticipatie bij niet-westerse migratieachtergrond

De nettoarbeidsparticipatie van mensen met een Nederlandse achtergrond was 69,8 procent in het vierde kwartaal van 2018. Dat is hoger dan bij degenen met een westerse of niet-westerse migratieachtergrond. Hun arbeidsdeelname bedroeg respectievelijk 66,8 procent en 61,1 procent.

Arbeidsparticipatie mensen westerse migratieachtergrond meest toegenomen

Tussen het vierde kwartaal van 2017 en het vierde kwartaal van 2018 nam de nettoarbeidsparticipatie het meest toe onder mensen met een westerse migratieachtergrond, van 64,6 naar 66,8 procent (+2,2 procentpunt). De stijging van de arbeidsdeelname bij personen met een niet-westerse achtergrond was 1,7 procent. Bij mensen met een Nederlandse achtergrond was de toename 1,2 procentpunt.

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; migratieachtergrond

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; migratieachtergrond

Tijdens crisis relatief grote afname arbeidsparticipatie niet-westerse personen

Ook over een langere periode bezien verschilt het niveau van de arbeidsdeelname tussen personen met én zonder migratieachtergrond. In de afgelopen tien jaar was de arbeidsdeelname het hoogst onder mensen met een Nederlandse achtergrond en het laagst bij degenen met een niet-westerse achtergrond. De arbeidsdeelname kende een hoog niveau in 2008 en het laagste punt in 2014.

De nettoarbeidsdeelname van mensen met een niet-westerse achtergrond nam in die periode het meest af (-5,9 procentpunt). Bij personen met een Nederlandse of westerse achtergrond was de daling kleiner, respectievelijk -2,5 en -2,6 procentpunt. Na 2014 nam het percentage werkenden weer gestaag toe voor alle groepen. De arbeidsdeelname onder mensen met een Nederlandse of westerse migratieachtergrond was in 2018 weer hoger dan in 2008 (respectievelijk +0,1 en +1,3 procentpunt).

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; migratieachtergrond