Arbeidsparticipatie naar migratieachtergrond

De nettoarbeidsparticipatie kwam in het derde kwartaal van 2020 uit op 68,2 procent. In hetzelfde kwartaal een jaar eerder was dit 0,8 procentpunt hoger, namelijk 69,0 procent. Mensen met een Nederlandse achtergrond hebben het vaakst betaald werk, gevolgd door degenen met een westerse migratieachtergrond. Mensen met een niet-westerse achtergrond hebben verhoudingsgewijs het minst vaak betaald werk. De arbeidsdeelname is het afgelopen jaar het meest afgenomen bij personen met een westerse migratieachtergrond.

Laagste arbeidsparticipatie bij niet-westerse migratieachtergrond

De nettoarbeidsparticipatie van mensen met een Nederlandse achtergrond was 69,7 procent in het derde kwartaal van 2020. Dat is hoger dan bij degenen met een westerse of niet-westerse migratieachtergrond. Hun arbeidsdeelname bedroeg respectievelijk 66,4 procent en 61,0 procent.

Arbeidsparticipatie mensen met westerse achtergrond in afgelopen jaar het meest afgenomen

Tussen het derde kwartaal van 2019 en het derde kwartaal van 2020 nam de nettoarbeidsparticipatie van mensen met een westerse achtergrond af van 68,4 procent naar 66,4 procent (-2,0 procentpunt). Deze afname was sterker dan bij mensen met een Nederlandse of niet-westerse migratieachtergrond.

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; migratieachtergrond

In de periode 2014-2019 grootste toename arbeidsparticipatie niet-westerse personen

Ook over een langere periode bezien verschilt het niveau van de arbeidsdeelname tussen personen met én zonder migratieachtergrond. In de afgelopen tien jaar was de arbeidsdeelname het hoogst onder mensen met een Nederlandse achtergrond en het laagst bij degenen met een niet-westerse achtergrond.

Gedurende de laatste economische crisis daalde de arbeidsdeelname naar een dieptepunt in 2014. De nettoarbeidsparticipatie van mensen met een niet-westerse achtergrond nam tot en met 2019 het sterkst toe (+6,5 procentpunt). Bij personen met een Nederlandse of westerse achtergrond was de stijging kleiner, respectievelijk +3,6 en +5,0 procentpunt. Het verschil in arbeidsparticipatie tussen personen met een Nederlandse achtergrond en niet-westerse migratieachtergrond was hierdoor vorig jaar kleiner dan tien jaar eerder.

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; migratieachtergrond