Jongen en meisje kussen elkaar midden op straat.

Regionale verschillen in koopwoningaanbod in beeld gebracht

Banner Regionale verschillen koopwoningen 

Het CBS ontvangt elke week van de site JAAP.NL een databestand van het woningaanbod op internet. Het Center for Big Data Statistics (CBDS) heeft met behulp van deze databron de regionale huizenmarkt verder geanalyseerd. Naast de verkoopprijzen en transactieaantallen die het CBS regulier publiceert, geven het aanbod van bestaande koopwoningen, de vraagprijs en de aanbodtijd extra informatie over de huizenmarkt. De regionale verschillen daarin zijn met behulp van nieuwe visualisaties, zogeheten area plots, inzichtelijk gemaakt. Zo is de opbouw van het woningaanbod naar vraagprijs in een oogopslag te zien.

Vooral weinig huizenaanbod in Amsterdam en Utrecht

Tussen maart 2013 en maart 2017 is het aantal bestaande woningen dat te koop staat op internet in Nederland gehalveerd. In 2013 stonden nog 216 duizend huizen op internet te koop, bijna 3 procent van de totale bestaande woningvoorraad. Vier jaar later is dit gedaald naar 109 duizend, ruim 1 procent van de voorraad.
In de vier grote steden is het woningaanbod tussen 2013 en 2017 sneller afgenomen dan in de rest van Nederland. Vooral in Amsterdam en Utrecht is het aantal te koop staande huizen geslonken.
In 2013 was er een groter aanbod, maar was ook de gemiddelde verkooptijd langer en waren de vraagprijzen lager.
Het aantal transacties op de woningmarkt was in 2013 met 111 duizend historisch laag. In de jaren daarna trok het aantal transacties op de woningmarkt weer aan en in 2016 wisselden 215 duizend woningen van eigenaar.

2017: minder aanbod, hogere vraagprijzen

In de eerste drie kwartalen van 2017 ligt het aantal woningverkopen met 176 duizend 14 procent hoger dan in de eerste drie kwartalen van 2016. Woningen staan minder lang te koop, er is minder aanbod en de vraagprijzen zijn gemiddeld hoger dan in 2013. In 2017 stond 16 procent van de on line aangeboden huizen minder dan een maand te koop, 34 procent stond een jaar of langer te koop. In 2013 was dit respectievelijk 7 procent en 54 procent. Iets meer dan vier op de tien woningen hebben een vraagprijs tot 200 duizend euro, voor iets meer dan een kwart wordt 300 duizend euro of meer gevraagd. De overige woningen hebben een vraagprijs van 200 duizend tot en met 300 duizend euro. In 2013 waren de vraagprijzen van ruim vier op de tien woningen lager dan 200 duizend euro, van iets minder dan een kwart van de woningen lag die prijs boven 300 duizend euro. Hierbij moet worden opgemerkt dat zowel vraag- als vanaf-prijzen worden meegenomen.

Grote regionale verschillen in aanbod en vraagprijzen van koopwoningen

De onderstaande plots laten zien hoeveel huizen er te koop stonden op internet per vraagprijsklasse in maart 2013 en maart 2017. In de eerste figuur wordt voor de vier grote steden (G4), de krimpgebieden en de rest van Nederland het huizenaanbod per vraagprijsklasse getoond. Het aantal huizen dat te koop staat is afgebeeld op de horizontale as en de vraagprijs op de verticale as. Het roze vlak staat voor maart 2013, het blauwe vlak voor maart 2017.

Uit de plots is af te leiden dat in maart 2013 en 2017 de meeste aangeboden huizen een vraagprijs tussen 150 duizend en 200 duizend euro hadden. In maart 2017 was vooral het aantal aangeboden woningen tussen 100 duizend en 300 duizend euro gedaald ten opzichte van maart 2013. Vooral in de grote steden is dit aanbod afgenomen. In de krimpgebieden is het aanbod ten opzichte van de rest van Nederland minder sterk gedaald. In deze gebieden staan voornamelijk relatief goedkope woningen te koop.

Aanbod van online te koop staande woningen

online te koop staande woningen

Vooral in Amsterdam en Utrecht is er minder aanbod in het middensegment (vraagprijs 100 duizend – 300 duizend). In deze steden is tussen 2013 en 2017 het woningaanbod het sterkst afgenomen. De vraagprijs per vierkante meter laat vooral voor Amsterdam en Utrecht een stijging zien, van 3,8 duizend naar 5,3 duizend euro in Amsterdam en van 2,8 duizend naar 3,3 duizend euro in Utrecht.

Aanbod van online te koop staande woningen in de vier grote steden

online te koop staande woningen in de vier grote steden

Methode

De area plots tonen het woningaanbod op internet in maart 2013 en 2017. Het gaat in dit bericht om de te koop staande woningen op de website JAAP.NL. Niet alle te koop staande woningen kunnen worden meegenomen, maar de gegevens bestrijken vrijwel het gehele woningaanbod in Nederland (NMA, 2012). Gegevens over woningen die verkocht zijn voordat ze op internet geplaatst worden, zijn niet beschikbaar.

Er is voor gekozen om alleen de gegevens over woningen van 70 duizend tot 500 duizend euro te tonen, omdat er te weinig woningen buiten deze grenswaarden worden aangeboden om betrouwbare cijfers te laten zien. Per regio is zichtbaar hoe het woningaanbod in beide jaren is opgebouwd naar vraagprijs. Bovendien zorgen de vloeiende lijnen ervoor dat regio’s gemakkelijk te vergelijken zijn. De relatie tussen het aantal huizen die te koop stonden en de vraagprijs is in deze figuren bewust wat vloeiender gemaakt omdat de nadruk ligt op het totaalbeeld, en dit helpt bij de interpretatie van de trends. De trends en verschillen die genoemd worden in dit artikel zijn getoetst door middel van regressie-analyses, omdat het hier geen integrale waarneming van alle te koop staande woningen betreft.

Privacy

Het CBS heeft geen persoonsgegevens van de eigenaren gecombineerd met de te koop staande woningen. Daarnaast kunnen er geen adresgegevens worden gepubliceerd, omdat deze in het databestand onherkenbaar zijn gemaakt. Dit is gedaan om anonimiteit te garanderen.

Toepassingen

De getoonde area plots kunnen tevens op basis van andere regionale indelingen gemaakt worden, zoals per provincie. De gegevens over te koop staande woningen kunnen in de toekomst worden uitgebreid met informatie die woningeigenaren zelf op internet zetten bij het aanbieden van hun woning. Additionele registerinformatie kan gebruikt worden om een vraagprijsindex te ontwikkelen en daarnaast de verschillen tussen vraag- en verkoopprijs in kaart te brengen om zo inzicht te krijgen in de spanning op de woningmarkt.

Het Center for Big Data Statistics

Dit onderzoek is uitgevoerd binnen het Center for Big Data Statistics. Binnen het CBDS werken ongeveer veertig partners uit overheid, bedrijfsleven, onderwijs en wetenschap samen aan de inzet van big data voor de productie van officiële statistieken. Het CBDS wil de statistiekvoorziening actueler maken, nieuwe statistieken produceren en bij bestaande statistieken meer verdieping naar bijvoorbeeld regio of sector aanbrengen. Dat leidt tot een betere beleidsondersteuning, terwijl het geautomatiseerd integreren van databronnen en –stromen bovendien forse efficiencyverbeteringen kan realiseren.
Binnen het CBDS wordt, in overleg met de partners, gewerkt aan een grote verscheidenheid aan projecten. Dit onderzoek is daar een voorbeeld van. Resultaten uit CBDS-projecten worden gepubliceerd op de innovatiepagina van het CBS.

We zouden graag uw mening willen over deze nieuwe area plots van de huizenmarkt. Dat kan een algemene indruk zijn, maar ook meer specifieke punten die u goed of niet goed vindt. Is het bijvoorbeeld duidelijk wat er getoond wordt? Zo nee, hoe kunnen we dit verbeteren? En ontbreekt er relevante informatie? En welke andere toepassingen zijn interessant om te onderzoeken?

We zouden graag uw mening willen over Regionale verschillen in koopwoningaanbod in beeld gebracht. Dat kan een algemene indruk zijn, maar ook meer specifieke punten die u goed of niet goed vindt. Is het bijvoorbeeld duidelijk wat er getoond wordt? Zo nee, hoe kunnen we dit verbeteren? En ontbreekt er relevante informatie?