Huren stijgen met 2,5 procent in 2019

© Hollandse Hoogte / Mariette Carstens
De woninghuren waren in juli 2019 gemiddeld 2,5 procent hoger dan een jaar eerder. De huren van sociale huurwoningen bij woningcorporaties stegen met 2,0 procent. De huren van de sociale huurwoningen bij overige verhuurders en van de vrijesectorwoningen gingen met 3,3 procent omhoog. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.
De gemiddelde huurstijging was wat hoger dan in juli 2018 (2,3 procent) en ligt nu bijna op de gemiddelde huurstijging van de afgelopen tien jaar (2,6 procent).

Gemiddelde huurstijging per 1 juli en ontwikkeling consumentenprijzen in het voorgaande jaar (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
JaarWoninghurenConsumentenprijzen voorgaande jaar
20101,61,2
20111,81,3
20122,82,3
20134,72,5
20144,42,5
20152,41,0
20161,90,6
20171,60,3
20182,31,4
20192,51,7

Huurstijging hangt samen met consumentenprijzen

Een belangrijke oorzaak voor de hogere huurstijging is de sterkere stijging van de consumentenprijzen in 2018. Voor gereguleerde huurwoningen is de maximale huurverhoging de stijging van de consumentenprijzen in het voorgaande jaar plus een inkomensafhankelijke toeslag. In 2019 is deze maximale huurstijging 4,1 of 5,6 procent, afhankelijk van het inkomen van de huurder. Voor woningcorporaties geldt de extra regel dat de totale huurinkomsten in een kalenderjaar gelimiteerd mogen stijgen. Voor 2019 is de maximale toename 2,6 procent.

De gemiddelde huurverhoging per 1 juli van sociale huurwoningen bij woningcorporaties is dit jaar ook hoger dan vorig jaar: 2,0 procent nu tegen 1,7 procent in 2018. Dit komt deels door de hogere maximale huurstijging, maar ook doordat er een kleiner aandeel woningen is waarbij de huren dalen of gelijk blijven. Dit jaar betreft dit 14,3 procent van de woningen van corporaties, in 2018 was dit 18,6 procent.

Ook de huurstijging van de vrijesectorwoningen is dit jaar hoger: 3,3 procent in 2019 tegen 3,1 procent in 2018. De huurstijging van sociale huurwoningen bij overige verhuurders was in beide jaren 3,3 procent.

Gemiddelde huurstijging gereguleerde woningen en vrijesectorwoningen (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
JaarCorporatiesOverige sociale verhuurdersVrijesectorhuurwoningen
20152,62,61,8
20161,62,32,2
20171,12,52,3
20181,73,33,1
20192,03,33,3


Minder hoge huurstijging bij bewonerswisseling dan in 2018

De huren bij bewonerswisseling stegen dit jaar minder hard dan in 2018. De gemiddelde verhoging bij wisseling van huurders was dit jaar 8,2 procent. Vorig jaar was dit nog 9,6 procent. Verhuurders zijn niet gebonden aan de maximale huurverhoging als een nieuwe huurder in de woning trekt. Voor huurders die niet verhuizen was de gemiddelde huurverhoging 2,1 procent.

Gemiddelde huurstijging en bewonerswisseling (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
Jaar20152016201720182019
Bij bewonerswisseling9,98,67,49,68,2
Exclusief bewonerswisseling1,91,41,21,82,1
Inclusief bewonerswisseling2,41,91,62,32,5

Grootste huurstijging in Amsterdam en Rotterdam

Amsterdam heeft al jaren de hoogste huurstijging in Nederland, dit jaar 3,4 procent. Rotterdam zit hier dit jaar vlak onder met 3,2 procent. In Den Haag en Utrecht gingen de huren iets minder hard omhoog: 2,5 en 2,4 procent.

De relatief hoge huurstijging in Amsterdam en Rotterdam draagt er ook aan bij dat Noord- en Zuid-Holland de provincies zijn met de sterkste huurstijgingen. Drenthe heeft al jaren de laagste huurstijging van Nederland. Dit jaar 1,9 procent. Dat is wel meer dan de 1,1 procent huurstijging die in Drenthe gemeten werd in 2017 en 2018.

De regionale verschillen worden voor een belangrijk deel veroorzaakt door verschillen in huurstijging bij bewonerswisselingen. De invloed van de hogere huurverhoging bij bewonerswisseling bedraagt 0,8 procentpunt in Rotterdam, maar is 0,2 procentpunt in Den Haag en 0,1 in Drenthe.

Gemiddelde huurstijging per 1 juli 2019 (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
RegioExclusief bewonerswisselingEffect bewonerswisseling
Nederland2,10,4
Amsterdam2,80,6
Rotterdam2,40,8
Den Haag2,30,2
Utrecht2,00,4
Noord-Holland2,50,6
Zuid-Holland2,20,4
Limburg2,00,5
Groningen2,10,4
Utrecht2,00,4
Friesland1,90,4
Noord-Brabant2,00,3
Zeeland2,10,2
Flevoland2,10,2
Gelderland1,90,3
Overijssel1,90,2
Drenthe1,80,1