Consumentenprijzen in januari 1,5 procent hoger

8-2-2018 06:30
De consumentenprijzen waren in januari 1,5 procent hoger dan een jaar eerder, meldt het CBS. In december was de prijsstijging van goederen en diensten op jaarbasis 1,3 procent.

De CPI is een belangrijke indicator voor het verschijnsel inflatie, maar is niet hetzelfde. De index geeft het prijsverloop weer van een pakket goederen en diensten zoals dagelijkse boodschappen, kleding, benzine, huur en verzekeringspremies. Inflatie is breder dan de prijsontwikkeling van consumentengoederen en –diensten, want bijvoorbeeld ook koopwoningen, industriële producten, aandelen en goud veranderen van prijs.

De consumentenprijsindex (CPI) is één van de inflatie-indicatoren die is opgenomen in het prijzendashboard. Hierin staan ook andere inflatie-indicatoren zoals de prijsindex bestaande koopwoningen en de in- en uitvoerprijzen van de industrie.

Elektriciteit en gas duurder

De stijging van de consumentenprijzen nam toe door de prijsontwikkeling van elektriciteit en gas. Elektriciteit was 12,8 procent duurder dan in dezelfde maand vorig jaar en voor gas betaalde de consument 5,9 procent meer ten opzichte van januari 2017. In december was de prijsstijging voor zowel elektriciteit als gas op jaarbasis kleiner. De hogere prijsstijging in januari 2018 is mede toe te schrijven aan hogere belastingen op energie. De prijsontwikkeling van kleding had daarentegen een verlagend effect op de stijging van de consumentenprijzen.

Stijging consumentenprijzen in Nederland hoger dan in de eurozone

Naast de consumentenprijsindex (CPI) berekent het CBS ook de Europees geharmoniseerde prijsindex (HICP).

In januari waren goederen en diensten in Nederland volgens de HICP 1,5 procent duurder dan een jaar eerder. Dat was in december nog 1,2 procent. In de eurozone nam de prijsstijging daarentegen af van 1,4 naar 1,3 procent. De prijzen van energieproducten stegen in januari minder sterk dan in december 2017. In Nederland namen deze prijzen sterker toe. De prijsstijging in Nederland komt voor het eerst na juli 2017 weer boven die van de eurozone uit.

De HICP wordt volgens de Europees geharmoniseerde methode berekend zodat deze kan worden vergeleken met andere lidstaten van de Europese Unie. De prijsindexcijfers voor de eurozone en de Europese Unie als geheel worden berekend uit de HICP’s van de afzonderlijke lidstaten. De Europese Centrale Bank (ECB) gebruikt deze cijfers voor het monetaire beleid.

De HICP houdt in tegenstelling tot de CPI geen rekening met de kosten van het wonen in de eigen woning. In de CPI worden deze kosten berekend aan de hand van de ontwikkeling van woninghuren.