Inflatie daalt naar 0,1 procent

De inflatie volgens de consumentenprijsindex (CPI) daalde in september naar 0,1 procent, meldt CBS. In augustus waren goederen en diensten voor consumenten nog 0,2 procent duurder dan een jaar eerder.

Inflatie (CPI)

Kleding en bungalowparken verlagen inflatie

De prijsontwikkeling van kleding en schoenen had in september een verlagend effect op de inflatie. Kleding en schoenen waren 1,1 procent goedkoper dan een jaar eerder. Ook de prijsontwikkeling van bungalowparken had een neerwaarts effect op de inflatie.

Daarentegen had de prijsontwikkeling van autobrandstoffen een verhogend effect op de inflatie.

Inflatie zonder energie, voeding, alcohol en tabak gaat ook omlaag

Omdat de prijsontwikkeling van energie en voeding sterk fluctueert en de prijzen van alcohol en tabak vaak stijgen door belastingmaatregelen, wordt ook gekeken naar de inflatie exclusief deze productgroepen. De inflatie in september volgens deze maatstaf daalde naar 0,4 procent. In augustus was dit 0,8 procent.

Jaar-op-jaarmutatie CPI voor onderliggende clusters
Jaar-op-jaarmutatie CPI voor onderliggende clusters
 juli 2016aug 2016sep 2016
Inflatie excl. 0,40,80,4
Goederen-0,9-0,4-0,3
Energie-8,3-6,2-3,8
Voeding, alcohol en tabak0,90,60,5
Goederen excl.0,61,20,3
Diensten0,40,80,5

excl. = exclusief energie, voeding, alcohol en tabak

Inflatie in Nederland lager dan in de eurozone

Naast de consumentenprijsindex (CPI) berekent CBS ook de Europees geharmoniseerde prijsindex (HICP).

De inflatie in Nederland volgens de HICP daalde, van 0,1 procent in augustus naar -0,1 procent in september. De inflatie in de eurozone steeg naar 0,4 procent. Daarmee blijft de inflatie in Nederland onder het niveau van de eurozone. Vooral de stijging van de energieprijzen veroorzaakte de toename van de inflatie in de eurozone.

Inflatie (HICP)

De HICP wordt volgens de Europees geharmoniseerde methode berekend zodat deze kan worden vergeleken met andere lidstaten van de Europese Unie. De prijsindexcijfers voor de eurozone en de Europese Unie als geheel worden berekend uit de HICP’s van de afzonderlijke lidstaten. De Europese Centrale Bank gebruikt deze cijfers voor het monetaire beleid.

De HICP houdt in tegenstelling tot de CPI geen rekening met de kosten van het wonen in de eigen woning. In de CPI worden deze kosten berekend aan de hand van de prijsontwikkeling van huurwoningen. Omdat de huurstijging hoger is dan de gemiddelde prijsstijging van andere goederen en diensten, komt de Nederlandse inflatie volgens de CPI op dit moment iets hoger uit dan volgens de HICP.


Bronnen