Beeld economie vrijwel stabiel

Het conjunctuurbeeld volgens de Conjunctuurklok van CBS is in april iets minder dan in maart. Ook in de Conjunctuurklok van half april presteren de meeste indicatoren beter dan hun langjarige trend, meldt CBS.

De Conjunctuurklok is een hulpmiddel voor het bepalen van de stand en het verloop van de Nederlandse conjunctuur. In de conjunctuurklok komt vrijwel alle belangrijke economische informatie samen die CBS tijdens de afgelopen maand c.q. het afgelopen kwartaal heeft gepubliceerd.

Conjunctuurklokindicator (ongewogen gemiddelde van de 15 indicatoren in de Conjunctuurklok)
Conjunctuurklokindicator (ongewogen gemiddelde van de 15 indicatoren in de Conjunctuurklok)
 cyclus
2008 j1,33
2008 f1,4
2008 m1,37
2008 a1,33
2008 m1,35
2008 j1,28
2008 j1,19
2008 a1,08
2008 s0,93
2008 o0,74
2008 n0,45
2008 d0,23
2009 j0,03
2009 f-0,33
2009 m-0,46
2009 a-0,54
2009 m-0,82
2009 j-0,81
2009 j-0,76
2009 a-0,88
2009 s-0,78
2009 o-0,67
2009 n-0,67
2009 d-0,58
2010 j-0,5
2010 f-0,48
2010 m-0,42
2010 a-0,38
2010 m-0,35
2010 j-0,32
2010 j-0,29
2010 a-0,2
2010 s-0,15
2010 o-0,08
2010 n0,08
2010 d0,15
2011 j0,21
2011 f0,34
2011 m0,35
2011 a0,33
2011 m0,35
2011 j0,28
2011 j0,19
2011 a0,13
2011 s0,05
2011 o-0,02
2011 n-0,1
2011 d-0,14
2012 j-0,17
2012 f-0,24
2012 m-0,27
2012 a-0,3
2012 m-0,37
2012 j-0,41
2012 j-0,45
2012 a-0,53
2012 s-0,57
2012 o-0,6
2012 n-0,72
2012 d-0,74
2013 j-0,76
2013 f-0,87
2013 m-0,88
2013 a-0,88
2013 m-0,91
2013 j-0,86
2013 j-0,79
2013 a-0,74
2013 s-0,66
2013 o-0,6
2013 n-0,53
2013 d-0,46
2014 j-0,4
2014 f-0,34
2014 m-0,31
2014 a-0,31
2014 m-0,3
2014 j-0,33
2014 j-0,36
2014 a-0,33
2014 s-0,33
2014 o-0,33
2014 n-0,25
2014 d-0,25
2015 j-0,24
2015 f-0,13
2015 m-0,08
2015 a0
2015 m0,16
2015 j0,24
2015 j0,29
2015 a0,41
2015 s0,43
2015 o0,44
2015 n0,55
2015 d0,56
16 j0,57
16 f0,66
16 m0,65
16 a0,63

Producenten positiever, consumenten negatiever

Het vertrouwen van de ondernemers in de industrie is in maart toegenomen. Producenten waren positiever over de productie in de komende drie maanden. Daarentegen waren ze minder positief over de orderportefeuille. Het oordeel over de voorraden gereed product veranderde nauwelijks.

Het vertrouwen van consumenten nam in maart voor de vierde maand op rij af. Dat komt vooral doordat consumenten negatiever oordelen over het economisch klimaat. De koopbereidheid verbeterde iets. Zowel het producenten- als het consumentenvertrouwen liggen echter boven hun langjarig gemiddelde.

Consumenten- en producentenvertrouwen (seizoengecorrigeerd)
Consumenten- en producentenvertrouwen (seizoengecorrigeerd)
 Consumentenvertrouwen (links)Producentenvertrouwen (rechts)
2009 j-30-20,9
2009 f-30-23,5
2009 m-34-20,8
2009 a-28-17,3
2009 m-23-16,1
2009 j-24-13,9
2009 j-24-14,6
2009 a-16-9,2
2009 s-16-9,7
2009 o-19-7,2
2009 n-14-5
2009 d-11-8,1
2010 j-10-6,2
2010 f-13-4,8
2010 m-13-3,1
2010 a-15-1,4
2010 m-170,6
2010 j-18-0,8
2010 j-14-2
2010 a-100,2
2010 s-13-0,1
2010 o-90,3
2010 n-70,2
2010 d-142,6
2011 j-72,5
2011 f-51,5
2011 m-85,7
2011 a-104,3
2011 m-112,7
2011 j-121,7
2011 j-12-2,2
2011 a-21-3,2
2011 s-30-0,5
2011 o-34-3,1
2011 n-32-4,8
2011 d-37-1,3
2012 j-37-1,8
2012 f-36-1,7
2012 m-39-2,8
2012 a-32-3,4
2012 m-38-4,9
2012 j-40-4,8
2012 j-32-5,4
2012 a-32-4,7
2012 s-30-6,6
2012 o-33-7,6
2012 n-38-6,8
2012 d-39-5,6
2013 j-36-5,6
2013 f-44-3,7
2013 m-41-5,1
2013 a-35-5,6
2013 m-32-4,1
2013 j-36-3,8
2013 j-37-3,1
2013 a-32-1,4
2013 s-32-2,4
2013 o-26-0,3
2013 n-18-0,3
2013 d-170,1
2014 j-120,7
2014 f-10-0,1
2014 m-61,1
2014 a-50,3
2014 m-20,7
2014 j-30,7
2014 j-21,2
2014 a-60
2014 s-7-0,2
2014 o-32
2014 n-82,4
2014 d-73,4
2015 j-62,8
2015 f-62
2015 m21,4
2015 a13,3
2015 m24,1
2015 j74,6
2015 j53,7
2015 a63,5
2015 s53,8
2015 o62,4
2015 n94
2015 d63
2016 j43,2
2016 f-13,1
2016 m-43,9

Investeringen, consumptie huishoudens en export goederen groeien

Het volume van de goederenexport was in februari 3,0 procent groter dan in februari 2015. De stijging is kleiner dan in de voorgaande maand. Nederlandse bedrijven exporteerden in februari vooral meer aardolie- en (basis)metaalproducten. Ook voerden zij meer transportmiddelen (zoals auto’s en vrachtwagens) uit. Daarentegen werd er minder aardgas geëxporteerd.

In januari 2016 was het volume van de investeringen in materiële vaste activa 4,2 procent groter dan in januari 2015. Deze stijging volgt op de dubbelcijferige groei in de laatste twee maanden van vorig jaar. Toen groeiden de investeringen in personenauto’s zeer sterk. Dat was in januari niet meer het geval. De investeringen in woningen waren in januari wel opnieuw hoger dan een jaar eerder.

Consumenten hebben in januari 0,3 procent meer uitgegeven dan in januari 2015. Dat is de laagste stijging na oktober 2014. Consumenten hebben onder andere minder gas verbruikt en minder auto’s gekocht dan een jaar eerder.

Productie industrie groeit gestaag door

De gemiddelde dagproductie van de Nederlandse industrie was in februari 2,8 procent hoger dan in februari 2015. Vooral de transportmiddelen- en elektrische-apparatenindustrie produceerden aanzienlijk meer. De productie van de industrie, voor seizoen gecorrigeerd, ligt op het hoogste niveau in vier jaar tijd.

Aantal faillissementen daalt aanzienlijk

In maart 2016 zijn er 93 faillissementen minder uitgesproken dan in februari. Deze daling volgt op een halfjaar van bijna onafgebroken stijgingen.

Verder stijging banen en vacatures

Zowel het aantal banen als het aantal vacatures is in het vierde kwartaal van 2015 toegenomen. Het aantal banen steeg met 60 duizend. Vooral uitzendbanen droegen bij aan de groei. Ook kwamen er 11 duizend vacatures bij, zodat de teller eind december op 143 duizend stond.

Er is nu zeven kwartalen achtereen sprake van banengroei, waarbij het aantal banen in deze periode met ruim 200 duizend toenam. Er zijn nu 10 miljoen banen, voor seizoen gecorrigeerd, in Nederland. Dat is het hoogste aantal ooit.

In februari waren er 7 duizend werklozen meer dan een maand eerder. Gemiddeld over de afgelopen drie maanden daalde de werkloosheid nog wel met 5 duizend per maand. Deze daling ging samen met een stijging van het aantal werkenden.

In het vierde kwartaal van 2015 steeg het aantal uitzenduren met 3,6 procent ten opzichte van het kwartaal ervoor. Dit is de sterkste stijging in vijf jaar. Zowel de uren in de langlopende als in de kortlopende contracten stegen sterker dan in het voorgaande kwartaal.

Bruto binnenlands product (volume, seizoengecorrigeerd)
Bruto binnenlands product (volume, seizoengecorrigeerd)
 Index
2008 I100
2008 II100,4
2008 III100,1
2008 IV99,4
2009 I96,1
2009 II95,9
2009 III96,2
2009 IV96,7
2010 I96,7
2010 II97,2
2010 III97,5
2010 IV98,7
2011 I99,4
2011 II99,3
2011 III99,3
2011 IV98,5
2012 I98,3
2012 II98,5
2012 III98,1
2012 IV97,3
2013 I97,6
2013 II97,2
2013 III97,7
2013 IV98,2
2014 I97,8
2014 II98,3
2014 III98,8
2014 IV99,7
2015 I100,4
2015 II100,5
2015 III100,7
2015 IV100,9

Economie groeit licht

De omvang van de Nederlandse economie is in het vierde kwartaal van 2015 met 0,3 procent gegroeid ten opzichte van een kwartaal eerder. Dat is vooral te danken aan de investeringen en de uitvoer. Het groeicijfer is gebaseerd op de tweede berekening. Het bruto binnenlands product groeit daarmee voor het zevende kwartaal op rij.

In vergelijking met het vierde kwartaal van 2014 is de omvang van de Nederlandse economie 1,6 procent groter. Dit cijfer wordt gedrukt door de sterk gedaalde aardgaswinning.

Met het beschikbaar komen van het vierde kwartaal is ook het groeicijfer voor 2015 bekend. De omvang van de Nederlandse economie groeide vorig jaar met 2,0 procent. De sterk gedaalde aardgaswinning drukte de groei met 0,4 procentpunt.

Vrijdag 13 mei 2016 komt CBS met de eerste berekening van de economische groei en het aantal banen in het eerste kwartaal van 2016.

Relevante links