Economie krimpt met 0,8 procent

De Nederlandse economie kromp in het eerste kwartaal met 0,8 procent ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder. Daarbij telde het kwartaal een werkdag meer dan het eerste kwartaal van 2011. In het vierde kwartaal van 2011 kromp de Nederlandse economie ook met 0,8 procent.

Ten opzichte van het voorgaande kwartaal groeide de economie in het eerste kwartaal met 0,3 procent. Hierbij is rekening gehouden met werkdag- en seizoeneffecten. In de voorgaande twee kwartalen was er nog sprake van een kwartaal-op-kwartaalkrimp.

De investeringen in vaste activa waren in het eerste kwartaal 5,2 procent lager dan in het eerste kwartaal van 2011. Er werd vooral minder geïnvesteerd in bouwwerken. In 2011 waren de investeringen nog fors hoger dan een jaar eerder.

Door huishoudens werd 0,7 procent minder besteed aan goederen en diensten dan een jaar eerder. Deze afname was aanzienlijk minder groot dan die in het vierde kwartaal van 2011 (2,3 procent). Dit komt grotendeels door het gasverbruik. In het relatief zachte vierde kwartaal werd veel minder gestookt dan een jaar eerder. De overheidsconsumptie was in het eerste kwartaal 0,9 procent hoger dan in het eerste kwartaal van 2011. In de voorgaande twee kwartalen was er nog sprake van een kleine afname.

De uitvoer van goederen en diensten groeide met 2,6 procent ten opzichte van het eerste kwartaal van 2011. Het volume van de invoer nam met 1,6 procent toe.
  
De goederenproducenten produceerden 2,8 procent minder. Met ruim 10 procent was de krimp het grootst in de bouwnijverheid. De productie in de bouw werd geremd door meer vorstverlet en een ander vakantiepatroon dan in het eerste kwartaal van 2011. De industriële productie kromp met 0,3 procent.

Middelen en bestedingen (volume)

Middelen en bestedingen (volume)

Meer cijfers staan op de thema-pagina Macro-economie.