Jeugdzorgjongeren naar reden einde, 2021

grafiek
Deze tabel beschrijft het aantal jongeren met een beëindigd jeugdzorgtraject in 2021 naar de reden van beëindiging van deze jeugdzorgtrajecten.

In het kader van de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein publiceert CBS tweemaal per jaar gegevens over het sociaal domein (jeugdzorg, participatie en wmo). In aanvulling op de StatLine tabellen die CBS hierover publiceert, is op verzoek van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten deze tabel samengesteld. De tabellen tonen per jaar, per gemeente het aantal jongeren met een beëindigd jeugdzorgtraject in jaar, naar de reden van beëindiging van deze jeugdzorgtrajecten.
De cijfers over de 1e helft van 2021 zijn nader voorlopig, de cijfers over de 2e helft van 2021 en geheel 2021 zijn voorlopig.

Nieuwe categorie onbekend

Met ingang van 2021 is de categorie ‘onbekend’ toegevoegd bij de reden van beëindiging van jeugdhulptrajecten. Deze categorie bevat twee soorten jeugdhulptrajecten: afgesloten trajecten waarvan de reden van beëindiging ontbrak in de gegevensaanlevering aan het CBS én trajecten die het CBS zelf alsnog van een einddatum voorziet omdat ze niet terugkomen in een latere verslagperiode. Trajecten van het eerste soort kwamen vóór 2021 ook al in beperkte mate voor, maar daarbij werd de reden van beëindiging nog door het CBS geschat op basis van de verdeling van de wel bekende redenen van beëindiging. Trajecten van het tweede soort komen vanwege een methodewijziging pas vanaf verslagjaar 2020 voor. Het aantal trajecten van het tweede soort is nog niet bekend bij publicatie van de voorlopige cijfers.

Algemeen over aantal beëindigde trajecten

Het totale aantal beëindigde trajecten in een verslagperiode is pas betrouwbaar te bepalen als ook de gegevens over de daarop volgende verslagperiode bij het CBS zijn aangeleverd. De einddatum van een traject wordt namelijk niet altijd meegeleverd aan het CBS. Voor een deel van de beëindigde trajecten wordt pas duidelijk dat het traject is afgesloten als het traject in de volgende verslagperiode niet meer wordt aangeleverd. Om deze reden worden in de voorlopige cijfers over een verslagperiode geen uitkomsten over het totale aantal beëindigde trajecten gepubliceerd.