Voertuigbezit

Helft Nederlanders heeft auto

De helft van de Nederlanders van 18 jaar of ouder had begin 2015 een of meerdere personenauto’s op naam staan. Oudere mannen van 65 tot 75 jaar hebben het vaakst een auto (78 op de 100), jonge vrouwen van 18 tot 25 jaar het minst vaak (15 op de 100).

In alle leeftijdsgroepen bezitten mannen vaker een auto dan vrouwen. Bij de jongeren is dit verschil echter aanmerkelijk kleiner dan bij de ouderen. Anders dan voor de oudere generaties is het nu voor vrouwen net zo gewoon om een autorijbewijs te halen als voor mannen. In totaal bezat 64 procent van de mannen van 18 jaar en ouder begin 2016 een auto, van de vrouwen was dat 37 procent.

Vergeleken met vijf jaar geleden is het autobezit naar verhouding maar weinig toegenomen. Hoewel boven de 45 jaar het aandeel autobezitters, vooral onder vrouwen, is gestegen, is dit aandeel onder de 45 jaar juist gedaald.

Werknemer het vaakst autobezitter

Wanneer wordt gekeken naar de sociaaleconomische categorie, dan blijken werknemers met 62 procent het vaakst autobezitter te zijn, gevolgd door zelfstandigen (60 procent). Van de pensioenontvangers heeft 49 procent een auto en van de uitkeringsontvangers 35 procent. Het laagst is het autobezit onder studenten (11 procent).

Motorbezitter meestal man

Van de Nederlanders van 18 jaar en ouder had 4 procent begin 2015 ten minste één motorfiets, dit aandeel is even hoog als in 2010. Motorfietsen zijn evenals auto’s vaker in het bezit van mannen dan van vrouwen. Het verschil is echter nog groter: respectievelijk 7 tegen 1 procent. Het hoogst is het motorbezit onder mannen van 45 tot 55 jaar (11 procent) en mannelijke zelfstandigen (10 procent). Onder de 45 jaar is het motorbezit de afgelopen vijf afgenomen, terwijl het boven de 55 jaar juist gegroeid is.

Bromfiets alleen bij jongeren populairder dan snorfiets

Begin 2015 had 4 procent van de Nederlandse bevolking van 16 jaar en ouder een snorfiets, 3 procent bezat een bromfiets en 0,1 procent een brommobiel. De afgelopen vijf jaar is het snorfietsbezit gestegen, terwijl het bromfietsbezit terugliep. Inmiddels is in alle leeftijdsgroepen de snorfiets populairder dan de bromfiets, behalve onder de 16- tot 25-jarigen. Wel heeft juist bij hen de bromfiets sinds 2010 flink terrein verloren.

Net als bij het auto- en motorbezit hebben mannen vaker een snor- of bromfiets dan vrouwen. Het hoogst is het snor- en bromfietsbezit onder 45- tot 55-jarige mannen en het laagst bij vrouwen van 75 jaar en ouder. Verder hebben uitkeringsontvangers en zelfstandigen relatief vaak een snor- of bromfiets. Het bezit van een brommobiel komt het meest voor onder 75-plussers en uitkeringsontvangers.