© Hollandse Hoogte

Vaarwegen, spoorwegen en vliegvelden

Vaarwegen vooral in westen en noorden van het land

Nederland beschikt over 6,3 duizend kilometer aan vaarwegen. Deze zijn voornamelijk geconcentreerd in het westen en noorden van ons land. Vaak zijn ze ontstaan door de behoefte aan landbouwgrond of als gevolg van de ontwatering van laag- en hoogveengebieden ten behoeve van de turfproductie. Deze vaarten en kanalen werden, om overtollig water af te kunnen voeren, aangesloten op de bestaande rivieren en kanalen. Hierdoor is een heel netwerk ontstaan van waterwegen.

De hoofdtransportassen, de grote rivieren, het Amsterdam-Rijnkanaal en de Rijn-Scheldeverbinding, worden voornamelijk gebruikt door binnenvaartschepen voor de doorvoer van goederen vanuit de havens van Amsterdam en Rotterdam naar Duitsland en België. De hoofdvaarwegen ontsluiten ons land verder voor vervoer over water.

Spoorwegennet: 70 procent is twee- of meersporig

Het Nederlandse spoorwegnet is 3,1 duizend kilometer lang. Van het spoor is 70 procent twee- of meersporig, ruim driekwart is geëlektrificeerd. Vooral in het noorden en het oosten van ons land zijn de spoorwegen niet geëlektrificeerd. Het netwerk telt 399 treinstations, dat is gemiddeld één station per 7,6 kilometer spoor.

Het spoornet wordt zowel voor personen- als goederenvervoer gebruikt. Over de Betuwelijn (160 kilometer), van Europoort naar Duitsland, worden alleen goederen vervoerd. Dat geldt ook voor het spoor van Terneuzen naar België. De HogeSnelheidsLijn (109 kilometer), van Amsterdam via Rotterdam richting Parijs, wordt alleen voor personenvervoer gebruikt.

Schiphol grootste vliegveld

Schiphol is met afstand het grootste vliegveld van ons land, zowel qua passagiers als vracht. Andere burgervliegvelden zijn Eindhoven, Rotterdam The Hague, Maastricht Aachen en Groningen Eelde. Daarnaast liggen er 25 vliegvelden verspreid over het land die bedoeld zijn voor recreatief gebruik en zijn er zeven militaire vliegvelden.