Brandstofverbruik lucht- en scheepvaart

Groei internationaal vliegverkeer stuwt kerosineverbruik naar record

Door de sterke stijging van het vliegverkeer op Schiphol is het kerosineverbruik naar recordhoogte gestegen. Er werd in 2016 ruim 2,5 procent meer kerosine getankt dan in 2015. Dit betrof vrijwel uitsluitend brandstof voor het internationale vliegverkeer. Het aantal binnenlandse vluchten (terreinvluchten) neemt de laatste jaren juist licht af. De luchtvaart is de enige vervoerssector die moeilijk kan overschakelen op andere brandstoffen, omdat een zo laag mogelijk startgewicht erg belangrijk is voor een vliegtuig en de energiedichtheid per kilo van kerosine erg gunstig is.

Scheepsbrandstoffen bevatten minder zwavel

Nederland heeft door zijn ligging aan de Noordzee en zijn vele waterwegen een grote scheepvaartsector. De schepen gebruiken voornamelijk brandstoffen op aardoliebasis. Om de emissie van zwaveldioxide terug te dringen zijn er limieten ingesteld voor het zwavelgehalte van scheepsbrandstoffen door de EU en de IMO (Internationale Maritieme Organisatie). De invloed van deze milieueisen is terug te zien in de scherpe daling van de afzet van hoogzwavelige stookolie en de dito stijging van het verbruik van laagzwavelige stookolie van 2009 op 2010. Per 1 januari 2015 is de zwavellimiet van de IMO opnieuw aangescherpt.

Stookolie en gasolie

Zeeschepen bunkeren (tanken) gasolie, zwavelvrije ‘rode’ diesel waarover geen accijns geheven wordt, en stookolie, een stroperige goedkope brandstof voor zeer grote motoren. Stookolie is een ongezuiverde brandstof. Er zitten relatief veel zwavel en andere verontreinigingen in. Een fractie van de gebunkerde stookolie wordt in Nederland verbruikt, het merendeel op de internationale wateren.
Binnenvaartschepen gebruiken vooral gasolie vanwege de gestelde milieueisen.
De zeegaande vissersschepen schakelen steeds vaker over op gasolie in plaats van stookolie. De reden is dat de emissie eisen van zwavel sinds 1 januari 2015 voor de zogeheten Emission Control Areas (ECAs) zijn aangescherpt. Grotere vissersschepen varen buiten het ECA gebied nog wel op stookolie, ze schakelen over op gasolie zodra ze de grens van het ECA passeren.