Zorginstellingen; financiële kengetallen

Zorginstellingen; financiële kengetallen

Zorginstellingen (SBI 2008) Perioden Aantal middelgr. en grote ondernemingen (aantal) Kengetallen; gemiddelden Solvabiliteit Totaal (%) Kengetallen; gemiddelden Solvabiliteit Kleiner dan 0% (%) Kengetallen; gemiddelden Solvabiliteit 0 tot 10% (%) Kengetallen; gemiddelden Solvabiliteit 10 tot 20% (%) Kengetallen; gemiddelden Solvabiliteit 20 tot 35% (%) Kengetallen; gemiddelden Solvabiliteit 35% of meer (%) Kengetallen; gemiddelden Weerstandsvermogen Totaal (%) Kengetallen; gemiddelden Weerstandsvermogen Kleiner dan 0% (%) Kengetallen; gemiddelden Weerstandsvermogen 0 tot 10% (%)
86101-86103 Ziekenhuizen (geen GGZ) 2019* 82 31 16 28 41 27
86101 Universitair medische centra 2019* 8 34 . . . 31
86102 Algemene ziekenhuizen 2019* 57 30 . . . 25
86103 Categorale ziekenhuizen 2019* 17 31 . . . 29
86104 GGZ met overnachting 2019* 133 36 3 12 30 54 25 3
8720+87301 Gehandicaptenzorg 2019* 458 41 -15 4 19 30 51 30 -7 6
87901 Jeugdzorg met overnachting 2019* 117 36 -32 6 16 29 51 19 -7 6
87902 Maatschappelijke opvang (24-uurs) 2019* 51 33 . . 29 66 18 . 6
88991 Ambulante jeugdzorg 2019* 68 29 -12 9 17 25 43 10 . 5
Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 2019* 992 39 -19 3 18 29 48 28 -5 4
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft door middel van financiële kengetallen inzicht in de verlies- en winstrekening, balans en personeelsinzet van groepen ondernemingen met als hoofdactiviteit ziekenhuiszorg, geestelijke gezondheidszorg met overnachting, gehandicaptenzorg, verpleeghuiszorg, thuiszorg, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang en jeugdzorg. Dit betreft zowel publiek- als privaatgefinancierde ondernemingengroepen.
Vanaf 2015 is overgestapt op een volledige dekking van de beschouwde SBI-klassen inclusief privaatgefinancierde zorg. Verder zijn vanaf 2015 de dagbehandelcentra voor geestelijke gezondheidszorg uit de populatie verwijderd.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2015

Status van de cijfers:
Het laatste jaar is voorlopig, de overige jaren zijn definitief

Wijzigingen per 11 maart 2021:
- De voorlopige cijfers over 2019 zijn toegevoegd.
- De voorlopige cijfers over 2018 zijn vervangen door definitieve cijfers

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het eerste kwartaal van 2022 worden de voorlopige cijfers over 2020 toegevoegd en worden de cijfers over 2019 definitief.

Toelichting onderwerpen

Aantal middelgr. en grote ondernemingen
Het aantal middelgrote en grote ondernemingen, afgebakend als de ondernemingen die tenminste één bedrijfseenheid bevatten met meer dan 10 werknemers óf bedrijfsopbrengsten van meer dan 700.000 euro óf totaal activa van meer dan 350.000 euro. Dit ter onderscheid van de kleine ondernemingen die in de zorgsector ook veel voorkomen.

De (groep van) onderneming(en) is de eenheid die feitelijk optreedt als financiële transactor.

Operationeel wordt de (groep van) onderneming(en) gedefinieerd als de meest omvattende verzameling van in Nederland gevestigde juridische eenheden waarover zeggenschap kan worden uitgeoefend. Een ondernemingengroep wordt ook wel aangeduid met concern.
Kengetallen; gemiddelden
De diverse kengetallen zijn berekend uit de verhouding tussen totaalcijfers voor gerelateerde variabelen per SBI en per jaar. Voor de gemiddelden per kengetal per grootteklasse, zijn de kengetallen berekend uit de totaalcijfers van de betreffende groep instellingen die tot deze klasse behoort. De ratio solvabiliteit (10 tot 20%) is bijvoorbeeld berekend uit het totaal eigen vermogen van de groep ondernemingen met een solvabiliteit van 10 tot 20% gedeeld door het balanstotaal van deze zelfde groep ondernemingen. Het kengetal voor het totaal van de SBI kan geschreven worden als het gemiddelde van de kengetallen van de tot de SBI behorende instellingen, waarbij gewogen wordt met het relatieve aandeel in de noemer-variabele (in het bovenstaande voorbeeld: balanstotaal).
Solvabiliteit
Totaal eigen vermogen gedeeld door balanstotaal (totaal activa).
De solvabiliteit van een onderneming geeft aan in welke mate de onderneming op een bepaald moment in staat is om aan haar totale verplichtingen te voldoen.
Totaal
Kleiner dan 0%
0 tot 10%
10 tot 20%
20 tot 35%
35% of meer
Weerstandsvermogen
Totaal eigen vermogen gedeeld door totale bedrijfsopbrengsten.
Het weerstandsvermogen geeft aan of in geval van faillissement er voldoende eigen vermogen is om de leningen te kunnen aflossen.
Totaal
Kleiner dan 0%
0 tot 10%