Hernieuwbare elektriciteit; productie en vermogen

Hernieuwbare elektriciteit; productie en vermogen

Bron/Techniek Perioden Installaties Opgesteld elektrisch vermogen einde jaar (megawatt)
Totaal hernieuwbare energiebronnen 2022* .
Waterkracht 2022* 38
Totaal windenergie 2022* 8.747
Windenergie op land 2022* 6.176
Windenergie op zee 2022* 2.571
Zonnestroom 2022* 18.849
Totaal biomassa 2022* .
Afvalverbrandingsinstallaties 2022* .
Bij- en meestoken biomassa in centrales 2022* .
Biomassaketels bedrijven, WKK 2022* .
Totaal biogas 2022* .
Biogas uit stortplaatsen 2022* .
Biogas rioolwaterzuiveringsinstallaties 2022* .
Biogas, co-vergisting van mest 2022* .
Overig biogas 2022* .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over de Nederlandse productie van hernieuwbare elektriciteit, het aantal daarbij gebruikte installaties en het opgestelde vermogen van die installaties. Bij de productie wordt daarbij een onderscheid gemaakt naar genormaliseerd bruto productie en niet genormaliseerde bruto en netto productie.

Elektriciteitsproductie wordt weergegeven in miljoen kilowattuur en in percentage van het totale elektriciteitsverbruik in Nederland. De hernieuwbare elektriciteitsproductie wordt afgezet tegen het totale elektriciteitsverbruik en niet tegen de totale elektriciteitsproductie. Deze keuze vloeit voort uit Europese afspraken.

De gegevens zijn uitgesplitst naar het soort energiebron en de toegepaste techniek om de elektriciteit te verkrijgen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar vier hoofdcategorieën: waterkracht, windenergie, zonnestroom en biomassa.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1990.

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief tot en met 2020, nader voorlopig voor 2021 en voorlopig voor 2022.

Wijzigingen per 6 maart 2023:
Voorlopige cijfers over 2022 zijn toegevoegd. De (volgens RED II) genormaliseerde elektriciteitsproductie uit sommige vormen van biomassa voor 2022 is nog niet beschikbaar, dit wordt weergegeven met een punt “.”.
RED II is de herziene EU Richtlijn Hernieuwbare energie welke in 2021 van kracht is geworden.

Wijzigingen per 8 februari 2023
De genormaliseerde elektriciteitsproductie van bij- en meestoken van biomassa in centrales is gewijzigd voor 2021.
Naar aanleiding van gesprekken met RVO, die de duurzaamheid van gesubsidieerde vaste biomassa voor energietoepassingen waarborgt, is gebleken dat de vaste biomassa die voor bij- en meestoken wordt ingezet voor 100% voldoet aan RED II criteria voor duurzaamheid van biomassa in 2021. Hierdoor is de genormaliseerde bruto elektriciteitsproductie van bij- en meestoken 3,6 mld kWh hoger dan bij de update van december 2022 en gelijk aan de niet-genormaliseerde productie. De totale hernieuwbare genormaliseerde elektriciteitsproductie uitgedrukt in het percentage van het totaal verbruik stijgt daardoor 3 procentpunt. RED II is de herziene EU Richtlijn Hernieuwbare energie welke in 2021 van kracht is geworden.

Wijzigingen per 15 december 2022:
Cijfers over 2020 en 2021 hebben een update gekregen, 2020 is nu definitief en 2021 nader voorlopig.
Alleen de vaste en gasvormige biomassa die aan de duurzaamheidscriteria van de vernieuwde EU-Richtlijn Hernieuwbare energie (REDII) voldoet is meegenomen om de genormaliseerde elektriciteitsproductie van deze energiebronnen te berekenen in 2021. De genormaliseerde elektriciteitsproductie van 2020 en eerder wordt niet meer aangepast. Hierdoor ontstaat een verschil tussen de genormaliseerde en de niet-genormaliseerde productie uit zonnestroom, die voor 2020 nog is geactualiseerd.


Wijzigingen per juni 2022:
Voorlopige cijfers over 2021 toegevoegd.
Vanaf verslagjaar 2021 gelden er in het kader van de EU-Richtlijn Hernieuwbare Energie (REDII) nieuwe duurzaamheidscriteria voor vaste en gasvormige biomassa verbruikt in installaties boven een bepaalde vermogensgrens. Of de biomassa die in Nederland verbruikt wordt aan deze nieuwe duurzaamheidscriteria voldoet is momenteel onduidelijk. Voor de genormaliseerde elektriciteitsproductie waar deze onduidelijkheid van toepassing is wordt daarom een punt “.” weergegeven.

Wanneer komen er nieuwe cijfers:
Voorlopige cijfers over de elektriciteitsproductie van het voorafgaande jaar verschijnen elk jaar in februari. Nader voorlopige cijfers over de elektriciteitsproductie van het voorafgaande jaar verschijnen elk jaar in juni. Definitieve cijfers over de elektriciteitsproductie van het voorafgaande jaar verschijnen elk jaar in december.

Toelichting onderwerpen

Installaties
Opgesteld elektrisch vermogen einde jaar
Het elektrisch vermogen dat op 31 december van het verslagjaar in gebruik is.

Het elektrisch vermogen is de hoeveelheid elektriciteit die per tijdseenheid kan worden opgewekt bij normaal gebruik van alle beschikbare installaties die elektriciteit produceren.