Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar bedrijfstype, nationaal

Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar bedrijfstype, nationaal

Bedrijfstype Perioden Akkerbouw Oppervlakte Akkerbouw, totaal (are) Akkerbouw Aantal bedrijven Akkerbouw, totaal (aantal) Tuinbouw open grond Oppervlakte Tuinbouw open grond, totaal (are)
Totaal alle bedrijfstype 2021 52.575.437 18.671 9.480.615
Totaal akkerbouwbedrijven 2021 37.342.087 8.841 272.683
Graan-, oliezaad- en eiwitgewasbedrijven 2021 1.515.210 852 454
Zetmeelaardappelbedrijven 2021 5.963.287 846 11.312
Akkerbouwgroentebedrijven 2021 5.480.075 1.389 76.178
Akkerbouwbedr. met vooral voedergewassen 2021 126.739 358 783
Overige akkerbouwbedrijven 2021 24.256.776 5.396 183.956
Totaal tuinbouwbedrijven 2021 1.945.719 1.746 5.873.668
Glasgroentebedrijven 2021 15.661 37 58.735
Snijbloemenbedrijven 2021 14.206 30 237.362
Pot- en perkplantenbedrijven 2021 2.343 9 11.664
Overige glastuinbouwbedrijven 2021 17.379 29 28.528
Opengrondsgroentenbedrijven 2021 541.536 461 1.302.313
Bloembollenbedrijven 2021 475.487 299 1.665.938
Paddenstoelbedrijven 2021 2.790 10 2.062
Boomkwekerijbedrijven 2021 291.088 465 1.461.000
Overige tuinbouwbedrijven 2021 585.229 406 1.106.066
Totaal blijvendeteeltbedrijven 2021 178.245 266 1.757.198
Wijngaardbedrijven 2021 1.665 4 14.234
Fruitbedrijven 2021 163.859 231 1.696.925
Overige blijvende teeltbedrijven 2021 12.721 31 46.039
Totaal graasdierbedrijven 2021 2.877.303 4.109 123.909
Melkveebedrijven 2021 1.968.761 2.611 88.231
Vleeskalverenbedrijven 2021 396.945 380 18.007
Overige rundveebedrijven 2021 307.650 639 9.118
Schapenbedrijven 2021 33.311 117 1.868
Geitenbedrijven 2021 72.932 88 4.409
Paard- en ponybedrijven 2021 20.101 99 623
Graasdierbedr. met vooral voedergewassen 2021 30.451 109 220
Overige graasdierbedrijven 2021 47.152 66 1.433
Totaal hokdierbedrijven 2021 2.701.973 1.280 116.875
Fokzeugenbedrijven 2021 338.135 248 22.835
Vleesvarkensbedrijven 2021 695.733 400 33.330
Overige varkensbedrijven 2021 721.972 275 38.215
Leghennenbedrijven tbv consumptie eieren 2021 237.396 117 5.963
Vleeskuikenbedrijven 2021 549.057 151 8.684
Overige pluimveebedrijven 2021 104.068 71 3.660
Overige hokdierbedrijven 2021 55.612 18 4.188
Gewascombinaties 2021 4.130.123 1.093 1.024.191
Totaal veeteeltcombinaties 2021 166.580 126 14.437
Veeteeltcombinatie, vooral graasdieren 2021 67.327 54 3.879
Veeteeltcombinatie, vooral hokdieren 2021 99.253 72 10.558
Gewas/veecombinaties 2021 3.233.407 1.210 297.654
Akkerbouw-graasdiercombinaties 2021 1.776.854 838 17.554
Overige gewas/veecombinaties 2021 1.456.553 372 280.100
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over grondgebruik, akkerbouw, tuinbouw, grasland, graasdieren en hokdieren, op nationaal niveau naar (hoofd)bedrijfstype. Voor alle onderwerpen wordt zowel het telgegeven (oppervlakte, aantal dieren), als het bijbehorend aantal bedrijven gepresenteerd.

De gegevens voor deze tabel komen uit de landbouwtelling. De landbouwtelling maakt deel uit van de gecombineerde opgave, die onder meer gebruikt wordt voor de uitvoering van het landbouwbeleid en handhaving van de Meststoffenwet.

De peildatum voor het aantal dieren is 1 april; de peildatum voor de gewassen is 15 mei.

Met ingang van 2020 geldt de SO2017, gebaseerd op de jaren 2015 tot en met 2019 (zie ook de toelichting bij SO: Standaard Opbrengst).

Met ingang van 2018 wordt het aantal vleeskalveren, vleesvarkens, kippen en kalkoenen bijgesteld bij tijdelijke leegstand op de peildatum. Voor de bijstelling wordt gebruik gemaakt van de opgave van voorgaand jaar.
De Landbouwtelling is een structuur enquête, daarin is een bijstelling bij tijdelijke leegstand o.a. van belang voor de bepaling van het bedrijfstype en de economische omvang van de bedrijven.
Bij de omvang van de veestapels is het aantal dieren op de peildatum van belang, daarom worden de dieraantallen in de veestapeltabellen niet bijgesteld bij tijdelijke leegstand.
Als gevolg hiervan kunnen er verschillen optreden tussen de dieraantallen in de Landbouwtellingstabellen en de veestapeltabellen (zie ‘koppeling naar relevante tabellen en artikelen’).

Met ingang van 2017 worden de dieraantallen in toenemende mate afgeleid uit I&R registers (Identificatie en Registratie van dieren), in plaats van d.m.v. directe uitvraag in de Gecombineerde Opgave. De I&R registers vallen onder verantwoordelijkheid van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland). Sinds 2017 worden de rundvee aantallen afgeleid uit I&R-rund, en vanaf 2018 worden ook schapen, geiten en pluimvee afgeleid uit de betreffende I&R registers. De registratie van rundvee, schapen en geiten vindt rechtstreeks bij RVO plaats. Pluimvee gegevens worden ingewonnen via de aangewezen databank Koppel Informatiesysteem Pluimvee (KIP) van Avined. Avined is een brancheorganisatie voor de eier- en pluimveevleessector. Avined geeft de gegevens door aan de centrale database van RVO.nl. Door de overgang naar het gebruik van I&R registers treedt er voor schapen en geiten vanaf 2018 een wijziging in de indeling op.

Met ingang van 2016 wordt voor de afbakening van de Landbouwtelling gebruik gemaakt van informatie uit het Handelsregister. Inschrijving in het Handelsregister met een agrarische SBI (Standaard BedrijfsIndeling) is leidend bij de bepaling of er sprake is van een landbouwbedrijf. Met deze afbakening wordt zo nauw mogelijk aangesloten bij de statistische verordeningen van Eurostat en de (Nederlandse) implementatie van het begrip 'actieve landbouwer' uit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB).

De afbakening van de Landbouwtelling op basis van informatie uit het Handelsregister heeft vooral invloed op het aantal bedrijven, hier treedt een duidelijke trendbreuk op. De invloed op arealen (behalve bij niet-cultuurgrond en natuurlijk grasland) en de dieraantallen (behalve bij schapen, en paarden en pony's) zijn beperkt. Dit heeft met name te maken met het soort bedrijven dat bij de nieuwe afbakening wordt uitgesloten (zoals maneges, kinderboerderijen en natuurbeheer organisaties).

Met ingang van 2010 wordt een nieuwe norm voor de economische omvang van bedrijven en een nieuwe bedrijfstypering gehanteerd. Tot en met 2009 werd de economische omvang van agrarische bedrijven uitgedrukt in NGE (Nederlandse Grootte-Eenheid). Met ingang van 2010 is dit vervangen door SO (Standaard Opbrengst). Hierdoor wijzigt de ondergrens voor opname van bedrijven in de publicatie van de Landbouwtelling van 3 nge in 3000 euro SO.
Voor vergelijkbaarheid in de tijd zijn de gegevens van 2000 tot en met 2009 herberekend op basis van SO-normen en -indelingen. SO-normen worden om de drie jaar geactualiseerd. De meest recente actualisatie vond plaats in 2016; bij de herberekening zijn de SO-normen uit 2010 gehanteerd.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers: de cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 24 februari 2022: de definitieve cijfers van 2021 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Volgens de reguliere planning verschijnen in november de voorlopige cijfers en in maart van het jaar daarna volgen de definitieve cijfers.

Toelichting onderwerpen

Akkerbouw
Akkerbouw is teelt in de volle grond, veelal voor industriële verwerking.
Oppervlakte
Akkerbouw, totaal
Aantal bedrijven
Let op:
De som van onderliggende delen kan groter zijn dan het totaal voor de hele groep, omdat bij een bedrijf meerdere activiteiten (houden van dieren, teelt van gewassen) kunnen voorkomen (zo’n bedrijf telt mee voor iedere afzonderlijke activiteit, maar slechts eenmaal in het totaal).
Akkerbouw, totaal
Tuinbouw open grond
Tuinbouw open grond is teelt in de volle grond, veelal direct voor de markt.
Oppervlakte
Tuinbouw open grond, totaal