Vanaf 1998 wordt het Woningbehoefteonderzoek (WBO) uitgevoerd als module van het Permanent Onderzoek Leefsituatie (POLS) dat het CBS sedert 1997 uitvoert. Voor het eerst zijn daarmee voor het WBO de interviews met behulp van een computergestuurde vragenlijst uitgevoerd. Bij de vorige Woningbehoeftenonderzoeken die vierjaarlijks hebben plaatsgevonden (1977 tot en met 1993) is steeds een schriftelijke vragenlijst gehanteerd.
Het WBO wordt uitgevoerd bij een steekproef uit de personen van 18 jaar of ouder. Zoals bij ieder steekproefonderzoek hebben de uitkomsten een onnauwkeurigheidsmarge, die groter wordt bij een kleinere celvulling. Bij de interpretatie van uitkomsten dient met deze marge rekening te worden gehouden.
De aantallen respondenten waarover in deze publicatie gegevens gepresenteerd worden zijn de volgende:
|
Jaar
|
1998
|
1999
|
2000
|
|
|
|
|
|
|
|
Totaal aantal huurwoningen
|
38 197
|
5 833
|
5 716
|
|
Totaal eengezinswoningen
|
21 581
|
3 539
|
3 202
|
|
Totaal meergezinswoningen
|
16 616
|
2 294
|
2 514
|
|
Eengezinswoningen sociale verhuurder
|
15 534
|
2 797
|
2 364
|
|
Meergezinswoningen sociale verhuurder
|
11 532
|
1 661
|
1 767
|
|
Eengezinswoningen particuliere verhuurder
|
3 329
|
442
|
448
|
|
Meergezinswoningen particuliere verhuurder
|
3 785
|
385
|
441
|
|
Eengezinswoningen onbekende verhuurder
|
2 718
|
300
|
390
|
|
Meergezinswoningen onbekende verhuurder
|
1 299
|
248
|
306
|
|