De bruto arbeidsparticipatie geeft aan hoeveel procent van de potentiële beroepsbevolking (bevolking van 15 tot 65 jaar) een betaalde baan heeft of ambieert van ten minste twaalf uur per week. De lage bijdrage van jongeren ligt voor de hand vanwege het grote aantal onderwijsvolgenden binnen deze groep. Boven de vijftig jaar neemt de bruto arbeidsparticipatie sterk af. Deze terugval heeft zowel te maken met vervroegde uittreding als met afkeuringen. Bij de vrouwen daalt na het dertigste jaar de arbeidsparticipatie, omdat een deel van hen ophoudt met werken wanneer er kinderen komen.
Bruto arbeidsparticipatie naar leeftijd en geslacht, 2010

In de netto arbeidsparticipatie wordt uitgedrukt hoeveel procent van de potentiële beroepsbevolking een baan heeft van meer dan twaalf uur in de week. Vanwege werkloosheid ligt dit altijd iets onder de bruto arbeidsparticipatie.
Netto arbeidsparticipatie naar leeftijd en geslacht, 2010
