Centraal Bureau voor de Statistiek, Ga naar hoofdmenu / zoekveld.

“Intermediair tussen abstracte cijfers en concrete buitenwereld”

Ik ben demografisch onderzoeker bij het CBS. Ik richt mij op de samenstelling van de bevolking en hoe die in de loop van de tijd verandert door geboorten, sterfgevallen, migratie en vergrijzing.

Neem de migratie van bevolkingsgroepen, dat is een uiterst interessant fenomeen. De cijfers laten zien dat Nederland aan het begin van een nieuwe urbanisatiegolf, een nieuwe trek naar de grote steden, staat . Uit diverse onderzoeken blijkt dat de ‘young urban professionals’ naar die steden trekken omdat ze behoefte hebben aan een ruim aanbod van voorzieningen, zoals op het vlak van cultuur, uitgaan, dienstverlening, of aan een ruime arbeidsmarkt voor specialisten, iets dat vooral een stad biedt.

Jan Latten

Anders gezegd: in een weiland kun je met een hoog kennisniveau niet zo veel. Dan zul je naar de stad moeten.

Als onderzoeker zoom ik graag in op microniveau: waar gaan mensen wonen en waarom? Zijn ze alleen, met z’n tweeën of met een gezin? Zijn ze gelukkig in de liefde? Hoe vaak mislukt het? Zo zien we bijvoorbeeld het aantal eenpersoonshuishoudens toenemen. Sterker nog: het eenpersoonshuishouden wordt dé ‘groeier’ in Nederland. Over 40 jaar woont achter elke tweede deur een alleenstaande of alleenstaande ouder. Dat zijn overigens niet alleen exen die uit een verbroken relatie komen. Ook het aantal alleenwonende ouderen groeit en dan vooral doordat ze weduwe of weduwnaar worden. Deze ontwikkelingen hebben grote gevolgen, bijvoorbeeld voor de planners op de woningmarkt; wat moeten die voor de toekomst laten bouwen of verbouwen, tegen welke kosten en opbrengsten, voor welke generaties? In mijn rol als CBS-woordvoerder voor de sociale statistieken probeer ik onze cijfers dichter bij de mensen te brengen. Wetenschappelijke, technische Informatie over één miljoen huishoudens, koppelen mensen niet aan hun eigen, persoonlijke situatie. De term ‘huishouden’ is eigenlijk al een te abstract begrip. Ik spreek dan ook liever over ‘gezinnen’ en ‘singles’. In feite ben ik intermediair tussen de technische, abstracte CBS-informatie en de emotionele, concrete buitenwereld. Ik maak duidelijk waar het over gaat en probeer het boeiend te maken en begrijpelijk te houden. Dat lijkt op het eerste oog eenvoudig, maar is het niet.

Wat mij het meest boeit in mijn onderzoekswerk is het feit dat ik probeer eerder dan anderen te signaleren wat er gaat gebeuren. Dat ik trends zichtbaar maak die anderen (nog) niet zien. Het CBS biedt mij de ruimte om mijn kwaliteiten te gebruiken. Ik ben een dwarsdenker, stel kritische vragen. Wat stellen de cijfers voor? Waar gaat het over? In mijn woorvoerdersfunctie moet ik in feite vooraf de vragen bedenken die de journalisten misschien gaan stellen en natuurlijk ook de antwoorden formuleren die zij willen of moeten horen.
Het CBS is een interessante werkgever omdat het een onafhankelijk instituut is, dat objectief onderzoek doet. Dat vind ik belangrijk, het geeft vrijheid in denken over cijfers en ontwikkelingen. Het is een goede zaak dat het CBS steeds meer samenwerkt met universiteiten. Als we daardoor nog betere informatie kunnen aanleveren voor maatschappelijke kwesties, dan zijn we een onmisbare partner, een onverslaanbare combinatie. De maatschappij vraagt tegenwoordig veel informatie, van hoge kwaliteit. Om dat te kunnen blijven bieden moet je als kennisinstituut stevig in je schoenen staan.

Jan Latten
demografisch onderzoeker, CBS-woordvoerder sociale statistieken en parttime hoogleraar demografie aan de UvA